Binnen de Belgische federale regering is discussie ontstaan over de verhoging van de militaire uitgaven. De lidstaten van de NAVO hebben onderling afgesproken om jaarlijks 2 procent van hun bruto binnenlands product in het leger te investeren. België is daar nog lang niet. Hoe staan de andere NAVO-landen ervoor en welke inspanning willen zij de komende jaren leveren?
Discussie in federale regering over legerbudget: hoeveel geven andere NAVO-landen uit en wat beloven ze in de toekomst?
Binnen de NAVO, het westerse militaire bondgenootschap, is afgesproken dat elke lidstaat een bepaald percentage van het bruto binnenlands product (bbp) in het leger investeert. Het bbp is de optelsom (in geldwaarde) van alle in een land geproduceerde goederen en diensten in een jaar tijd.
In 2006 werd beslist om het doel op 2 procent van het bbp te leggen. Dat percentage is eigenlijk een heel ruwe berekening van de kostprijs die een bepaalde paraatheid van het leger met zich meebrengt. Van dat budget moet bovendien 20 procent naar nieuw militair materieel gaan.
Voor een goed begrip: dat geld wordt niet rechtstreeks aan de NAVO gegeven. De landen investeren in hun eigen leger, (een deel van) dat leger kan vervolgens ingezet worden voor NAVO-missies. Elk land draagt daarnaast wel iets bij aan de algemene werking van de NAVO.
Vernieuwd engagement
Omdat veel landen die norm van 2 procent niet haalden, is in 2014 op een NAVO-top in Wales nog eens afgesproken dat die landen ernaar zullen streven om tegen 2024 in de richting van die 2 procent te evolueren. Die top vond enkele maanden na de annexatie van de Krim door Rusland plaats.
België is al lange tijd een van de slechtste leerlingen van de klas en bengelt momenteel rond de 1 procent. In februari bereikte de federale regering een akkoord om de defensie-uitgaven het komende decennium te verhogen, waardoor ons land tegen 2030 aan 1,54 procent zou raken.
Premier Alexander De Croo (Open VLD) wil op de NAVO-top eind juni in Madrid echter graag uitpakken met een extra belofte: namelijk dat ons land tegen 2035 die bewuste 2 procentnorm wel zou halen (ook al is het dan 11 jaar te laat). Maar de groene partijen Groen en Ecolo liggen dwars, ze vrezen dat daardoor heel wat andere investeringen in het gedrang zullen raken, zoals sociale, klimaat- en milieumaatregelen.
Slechts 8 NAVO-landen halen 2 procent
Extra budgetverhoging of niet, België zal sowieso in 2024 ver onder de 2 procent blijven, anders dan in 2014 in Wales is afgesproken. België is niet het enige land binnen de NAVO dat te weinig investeert. Uit de meest recente cijfers van de NAVO zelf , blijkt dat vorig jaar maar 8 van de 30 lidstaten 2 procent van hun bbp aan defensie uitgaven. (De percentages zijn schattingen door de NAVO midden 2021, van sommige landen bestaan intussen recentere percentages die licht verschillen.)
Griekenland en de Verenigde Staten geven het grootste aandeel uit, beide meer dan 3,5 procent. Van de VS valt dat te verwachten. Griekenland lijkt bijzonder, maar de nog altijd wantrouwige relatie met buurland Turkije heeft daar veel mee te maken, hoewel beide landen sinds de jaren 50 tot de NAVO behoren.
Ook Polen, het Verenigd Koninkrijk, Kroatië en de Baltische staten Estland, Letland en Litouwen halen 2 procent. Frankrijk en Roemenië waren er op basis van de cijfers uit 2021 bijna, intussen zouden ze die 2 procent al gehaald hebben.
Opvallende slecht scorende landen zijn - naast België - Nederland, Duitsland, Canada en Spanje. Op Nederland na toch geen kleine landen. Duitsland sleept het oorlogsverleden mee en investeerde de voorbije decennia amper in zijn leger. Dat Canada maar 1,4 procent van zijn bbp aan defensie spendeert, werd in buurland VS al meermaals bekritiseerd.
Die andere afspraak - 20 procent van de defensie-uitgaven moet naar nieuw materieel gaan - wordt beter nageleefd. 21 van de 30 landen halen die norm.
Extra inspanning door oorlog in Oekraïne
Door de oorlog in Oekraïne is de veiligheidssituatie in de wereld en met name op het Europese continent in een nieuwe plooi gelegd. Verschillende NAVO-lidstaten beseffen dat en beloofden de voorbije weken en maanden om hun militaire uitgaven op te krikken. Maar die beloftes zullen er in veel landen niet toe leiden dat ze in 2024 die 2 procentnorm wel zullen halen. Investeringen vergen ook tijd, uitgaven in defensie komen sowieso altijd met vertraging.
Duitsland lijkt daar wel in te slagen. Duitsland spendeert nu zo'n 1,5 procent van zijn bbp aan defensie. Door de oorlog in Oekraïne koos de regering van bondskanselier Olaf Scholz voor een ware breuk met het verleden. Plots was stevig investeren in het leger geen taboe meer, al ging er een zware interne discussie aan vooraf. Duitsland zou zo in 2024 al aan de 2 procent raken.
Ook Nederland wil tegen het einde van de legislatuur (2024-2025) in die buurt komen. De Nederlandse regering kwam in december in het regeerakkoord al overeen - vóór de oorlog in Oekraïne dus - om meer in het leger te investeren en zou op basis van berekeningen die toen zijn gemaakt, in 2024-2025 op ongeveer 1,9 procent uitkomen. "Fors richting de internationale verplichtingen", heette het toen. Vandaag maakte de Nederlandse regering bekend dat ze nog extra wil investeren.
Ook heel wat andere "slechte leerlingen" in de NAVO-klas beloven al dan niet forse investeringen, maar beogen later dan 2024 2 procent te halen. Italië bijvoorbeeld haalt nu zo'n 1,5 procent en belooft tegen 2028 aan 2 procent te zitten. Ook Spanje (met een dikke 1 procent bijna onderaan in de lijst) mikt op een dergelijke termijn. De Spaanse premier Pedro Sánchez maakte deze week bekend dat zijn land ten laatste tegen 2030 2 procent zal halen, misschien een of twee jaar eerder.
Tsjechië (nu 1,4) is ambitieuzer en wil tegen 2025 2 procent halen. Denemarken (ook 1,4) streeft dan weer naar 2033. Ook Portugal en Canada beloofden het defensiebudget te verhogen, maar van 2 procent is nog lang geen sprake. In 2024 zou Portugal aan 1,68 komen (nu 1,55). Canada wil "de komende jaren" 1,5 procent halen (nu 1,36). Luxemburg, de laatste in de lijst, belooft tegen 2024 0,72 procent (nu 0,54).
Niet alleen landen die onder de 2 procent zitten, beloven hun defensie-uitgaven op te voeren. Polen, met 2,34 procent nu al een van de grootste relatieve investeerders, besliste door de oorlog in Oekraïne en de Russische dreiging om zijn budget te verhogen naar 3 procent van het bbp in 2023.
Groen wil niet nog meer aan defensie uitgeven: “Terwijl we Europees achterop hinken en diplomatiek onder druk staan”



