Een opvallend cijfer: ongeveer 40 procent van de migranten die vanuit Centraal-Amerika naar de Verenigde Staten trekken, is vrouw. Voor hen is de sowieso al gevaarlijke, lange tocht nóg gevaarlijker. Dat bewijst het dramatische verhaal van Mary Salgado, een Hondurese vrouw die 15 jaar geleden naar de VS probeerde te migreren. Onderweg liep zowat alles verkeerd wat verkeerd kon gaan. Ze werd ontvoerd, tot prostitutie gedwongen en verloor beide benen in een ongeval. Nu, terug in Honduras, helpt ze andere vrouwen. VRT NWS sprak met haar in Tegucigalpa.
Ontvoerd en levenslang verminkt, Mary uit Honduras trok naar VS maar noodlot sloeg toe: "Hou me sterk voor de kinderen"
Tien à vijftien jaar geleden migreerden vooral mannen vanuit Centraal-Amerika naar de VS, tegenwoordig is al zo'n 40 procent van de migranten vrouw. En hun aandeel stijgt alsmaar.
In die zin verschilt de migratie op het Amerikaanse continent van andere migratiestromen in de wereld. Denk maar aan de vele jonge mannen die in de jaren 2015-2016 en ook nu nog vanuit Sub-Sahara-Afrika en het Midden-Oosten naar Europa komen.
Dat merkte ook onze ploeg in Centraal-Amerika, die de migratie- en vluchtelingencrisis in Centraal-Amerika in beeld brengt en op zoek gaat naar de gevolgen van de klimaatverandering, een van de meest recente oorzaken van migratie op het continent. In Honduras, Guatemala en Mexico kwamen ze opvallend veel vrouwen met kinderen tegen, hopend ooit de Amerikaanse grens te bereiken én over te steken – al dan niet illegaal. Herbekijk hier de VRT NWS Live die we deden over de klimaatvluchtelingen in Centraal-Amerika:
Vrouwen met kinderen worden anders behandeld dan mannen. Soms speelt dat in hun voordeel. Zo worden ze makkelijker doorgelaten aan de grens. Sommige vrouwen huren zelfs kinderen om vlotter van land naar land te kunnen trekken.
Maar de lange tocht vanuit Honduras, Guatemala, El Salvador of nog verder doorheen Mexico naar de Amerikaanse zuidgrens, een tocht van duizenden kilometers, is vooral heel erg gevaarlijk. Voor mannen - en voor vrouwen des te meer.
Ze riskeren ontvoerd, verkracht of vermoord te worden of in de prostitutie te belanden. Ongeveer 80 procent van de vrouwen die vanuit Centraal-Amerika naar de VS migreren, wordt onderweg verkracht. Belanden ze in Mexico in een ziekenhuis, dan worden ze vaak niet of heel slecht behandeld. Het racisme tegenover de migranten uit het zuiden viert er hoogtij.
Migreren? Ik zou het niet meer durven. De VS was een droom, om er financieel op vooruit te gaan. Maar ik heb veel geleden. Wij vrouwen zijn heel kwetsbaar op die route
Mary Salgado (Honduras)
Dat het pad naar de VS niet altijd over rozen loopt, bewijst het verhaal van Mary Salgado (47), een Hondurese moeder van 5 kinderen die in 2007 besloot om haar land te ontvluchten. Uit economische noodzaak. "Ik was een alleenstaande moeder. Ik heb mijn kinderen altijd alleen moeten grootbrengen", vertelt ze aan VRT NWS-journaliste An Baccaert en haar ploeg.
"We hadden een bescheiden huisje van hout, maar het was in slechte staat. Het stond bijna op instorten. Ik had wel werk, maar ik verdiende alleen om te overleven, alleen om eten te kopen. Mijn kinderen werden groter en hun opvoeding kostte alsmaar meer."
Op 5 januari 2007 vertrok ze uit Honduras. Haar kinderen liet ze thuis achter. In de zuidelijke Mexicaanse staat Veracruz sloeg het noodlot een eerste keer toe. Ze werd ontvoerd door mensenhandelaars en twee maanden lang gegijzeld.
Mary kon uiteindelijk ontsnappen uit de handen van haar kidnappers, maar al gauw belandde ze in een nieuwe, levensbedreigende situatie. De tocht naar de Mexicaans-Amerikaanse grens is lang en vol gevaren en dus kiezen velen ervoor om de lange reis door Mexico op het dak van een goederentrein te maken. Ander transport kunnen ze vaak niet betalen.
De trein vertrekt in Chiapas, in het zuiden van Mexico, en staat bekend als "La Bestia" ("Het Beest") of ook wel "De trein van de dood". Niet overdreven, want vaak springen migranten van de rijdende trein, op gevaar voor eigen leven. Velen onder hen lopen verwondingen op die hen de rest van hun leven blijven hinderen.
Ook Mary Salgado nam die bewuste trein. Om een controlepost van de migratiedienst te vermijden, sprongen haar reisgenoten er op een bepaald moment af. Mary durfde niet. "Ik was altijd bang van die trein. Als ik erop zat, durfde ik niet te bewegen. Ik dacht: neen, ik spring hier niet af. Dan nog liever opgepakt worden door de migratiediensten." Uiteindelijk besloot ze het toch te doen, uit schrik om alleen achter te blijven. Maar ze viel onder de trein. Haar beide benen raakten zwaar verminkt.
Op 17 maart 2007, een dikke twee maanden na haar vertrek uit Honduras, kwam abrupt een einde aan Mary's droom om de VS te bereiken. Verder dan Orizaba, een stad in de staat Veracruz, zo'n 260 kilometer ten oosten van Mexico-Stad, raakte Mary niet. Met de hulp van Beta, een Mexicaanse organisatie die migranten in nood bijstaat, werd ze teruggebracht naar Tapachula, een Mexicaanse stad aan de grens met Guatemala, tegenwoordig dé hotspot van de migratiestromen in Centraal-Amerika.
En van daaruit keerde ze later terug naar Honduras. Haar droom om de VS te bereiken aan flarden, haar lichaam zwaar verminkt. Haar beide benen werden geamputeerd. Voor de rest van haar leven aan een rolstoel gekluisterd. De grote vraag: "Wat ga ik nu doen? Waar ga ik van leven?"
Ook de confrontatie met haar kinderen, baarde haar zorgen. "Ik had al met mijn zussen gebeld en gevraagd om mijn kinderen voor te bereiden. Ze moesten mijn kinderen vertellen wat er gebeurd was, opdat het niet zoveel impact op hen zou hebben."
"Je weet dat de motor die een moeder vooruit stuwt, haar kinderen zijn", vertelt Mary. "Ik dacht: ik mag me niet laten gaan. Ik moet vooruit, ik moet vechten." 15 jaar later heeft Mary het er nog altijd moeilijk mee. "Er zijn nachten dat ik huil, ik huil nog altijd. Maar ik toon mijn kinderen niet hoeveel pijn ik vanbinnen voel. Want ik wil niet dat ze denken dat ze een zwakke moeder hebben. Voor hen ben ik een sterke vrouw en ik wil dat ze zich mij zo herinneren."
Vier jaar na haar terugkeer naar Honduras begon Mary gefrituurde kip te verkopen in een eetstalletje op straat. Maar in de wijk waarin ze dat deed, een van de gevaarlijkste in de Hondurese hoofdstad Tegucigalpa, kregen zij en haar gezin al snel problemen met gewapende bendeleden die haar afpersten. De wijk ontvluchten, was uiteindelijk de enige optie.
Nu is Mary directrice van Conamiredes, een stichting die vrouwen helpt en ook haar destijds heeft geholpen. Conamiredes ontfermt zich over teruggestuurde migranten met een fysieke beperking en staat in de eerste plaats vrouwen bij die gewonde familieleden moeten verzorgen. "Zij hebben het vaak moeilijk om het moreel hoog te houden. Ze hebben het psychologisch zwaar en beleven zware trauma’s met hun kinderen. We bouwen een netwerk van vrouwen uit om die vrouwen te leren leven met hun kinderen en familieleden die teruggekeerd zijn met een handicap."
Dat tegenwoordig ook zo veel vrouwen ervoor kiezen om hun land te ontvluchten en naar de VS te migreren, heeft verschillende oorzaken, weet Mary. Ze hebben het economisch niet breed, "velen zijn in de steek gelaten door hun mannen en moeten vechten om hun kinderen op te voeden".
Maar er is ook heel veel geweld, binnen het gezin en buiten op straat. Het leven van een Hondurese vrouw is constant in gevaar. In Honduras, en bij uitbreiding in heel Centraal-Amerika, heerst een ongebreidelde machocultuur. Mannen slaan en bedreigen hun vrouw en komen er mee weg.
Dienen vrouwen een klacht in, dan kan dat hun dood betekenen. "Als mijn man mij slaat en ik dien een klacht in, dan laten ze hem snel vrij. En wat gebeurt er? Hij zoekt een manier om wraak te nemen. Uit wraak worden vrouwen vermoord."
Op de plek waar ik gegijzeld werd, waren meisjes van 14, 15, 16 jaar… Ik huilde toen ik die meisjes zag, want ik zag mijn dochters in hen
Mary Salgado (Honduras)
Mary woont nu in een andere wijk in Tegucigalpa, met haar kleindochter. "Ze is mijn steunpilaar, ze helpt me overal mee." Haar moeder, een van Mary’s dochters, woont en werkt in Spanje. Ook twee andere dochters wonen in Spanje. En binnenkort zal ook haar kleindochter naar Spanje vertrekken. Enkel haar zoon woont nog in Tegucigalpa. Hij is nu 21 en werkt overdag.
Zelf denkt ze niet meer aan migreren. "Ik zou het niet meer durven. De VS was een droom, om er financieel op vooruit te gaan. Maar ik heb veel geleden. Wij vrouwen zijn heel kwetsbaar op die route."
Mary was zelf 32 jaar toen ze uit Honduras vertrok, maar ook tienermeisjes wagen zich aan de tocht. "Op de plek waar ik gegijzeld werd, waren meisjes van 14, 15, 16 jaar… Ik huilde toen ik die meisjes zag, want ik zag mijn dochters in hen."







