Steeds meer Centraal-Amerikanen die naar de VS migreren, geven als reden de gevolgen van de klimaatverandering aan. De combinatie van extreme droogte en overvloedige regen doet oogsten mislukken en dat veroorzaakt armoede en voedselonzekerheid. Voor velen is blijven geen optie meer. Hoe zichtbaar zijn de gevolgen van de klimaatverandering al in de regio? VRT NWS trok naar Honduras en Guatemala, twee landen die nu al uitermate sterk getroffen worden.
Klimaatverandering stuwt migratie van Centraal-Amerika naar Verenigde Staten: "Hier vertrekken elke dag mensen"
In 2021 werd een recordaantal migranten onderschept aan de grens tussen de Verenigde Staten en Mexico. Wie erin slaagt de grens illegaal over te steken en niet gevat wordt, komt niet in deze statistieken terecht. Hoeveel "succesverhalen" er zijn, is onmogelijk te zeggen.
Wel duidelijk is dat de migratie vanuit Latijns-Amerika en Centraal-Amerika in het bijzonder, een van de armste regio's ter wereld, piekt als nooit tevoren. Op de vlucht voor armoede, bendegeweld en een economische crisis versterkt door de coronapandemie, hopen miljoenen mensen op een beter leven in het noorden.
Alsof al die ellende nog niet genoeg is, komen daar sinds een aantal jaren ook de effecten van de klimaatverandering bovenop. Ondanks de relatief kleine bijdrage van de regio aan de klimaatverandering, zal Centraal-Amerika de gevolgen ervan sterk voelen, voorspelden rapporten van het Klimaatpanel van de Verenigde Naties.
Het is niet langer een sombere toekomstvoorspelling, de impact is nu al zichtbaar in grote delen van Centraal-Amerika en dat zet steeds meer mensen aan om hun regio of zelfs land te ontvluchten. Naar schatting een derde van de migranten die uit Centraal-Amerika vertrekken, geeft nu al als reden de gevolgen van de klimaatverandering aan.
Hoog tijd om over "klimaatvluchtelingen" te spreken en hen te erkennen, vinden klimaatactivisten.
Op de vlucht voor het klimaat: vluchteling of migrant?
Klimaatactivisten spreken al langer dan vandaag over "klimaatvluchtelingen". Het zijn mensen die hun land ontvluchten door overstromingen, droogte, de stijging van de zeespiegel, verpauperde landbouwgrond die niets meer opbrengt, allemaal gevolgen van de klimaatverandering.
Maar door de internationale gemeenschap worden zij niet als vluchteling erkend. In internationale migratieteksten krijgen "klimaatvluchtelingen" vooralsnog geen apart statuut. Ze worden dus als migranten beschouwd.
Volgens klimaatactivisten gaat het wel degelijk om vluchtelingen. Migranten zijn op zoek naar een betere levensstandaard in een ander land (de zogenoemde pull-factor), klimaatvluchtelingen worden niet zozeer aangetrokken door hogere welvaart in andere landen, ze worden in de eerste plaats gedwongen om hun land te verlaten, net als bij een conflict of politieke vervolging (de push-factor dus), is hun argumentatie. Blijven is in veel gevallen geen optie meer.
De gevolgen van de klimaatverandering uiten zich in Centraal-Amerika op uiteenlopende manieren. Het is een mix van langdurige extreme, op den duur onhoudbare omstandigheden en plots, brutaal natuurgeweld. Van extreme droogte tot overvloedige regen, zwaardere tropische stormen en overstromingen door de stijging van de zeespiegel.
De hele regio lijdt daar op een of andere manier onder, maar de ernst van de situatie is toch vooral zichtbaar in landen als Honduras en Guatemala, sowieso al straatarm, onveilig en politiek instabiel.
Zo werd Honduras eind 2020 het zwaarst getroffen door twee verwoestende orkanen van categorie 4, Eta en Iota, die in een tijdsbestek van twee weken over de regio raasden. Ze veroorzaakten naar schatting 10 miljard dollar aan schade, ongeveer 40 procent van het Hondurese binnenlandse product. De helft van de bevolking verloor zijn eigendom of raakte gewond.
In heel Centraal-Amerika leidden de twee orkanen ertoe dat bijna 11 miljoen mensen niet meer voor zichzelf of hun familie konden zorgen, omdat ze hun huis of hun job hadden verloren of geen toegang hadden tot drinkbaar water. 8 miljoen mensen weten niet of ze elke dag eten zullen hebben.
Teloorgang van de koffieteelt
De overvloedige regen die de orkanen boven Honduras uitstortten, veroorzaakte ook een - zoveelste - crisis in de koffiesector, een van de belangrijkste exportproducten van Honduras. Koffieplanten groeien in zeer specifieke omstandigheden, op grote hoogte, in een gunstig klimaat en op een zeer specifieke bodem.
Ze gedijen goed in een warm en vochtig klimaat, maar te veel regen kan desastreuze gevolgen hebben. Zo werden Honduras en andere landen in Centraal-Amerika tussen 2012 en 2017 getroffen door koffieroest, een schimmelziekte die in die periode in heel Centraal-Amerika meer dan 3 miljard euro economische schade veroorzaakte. Bijna 2 miljoen koffieboeren hadden geen andere keuze dan hun grond achterlaten.
Door de extreme vochtigheid na de doortocht van de twee orkanen Eta en Iota begon de schimmel opnieuw te woekeren. Naar schatting 15 tot 25 procent van de koffieplanten in Centraal-Amerika is erdoor aangetast.
Door de lage koffieprijs leeft een groot deel van de koffieboeren al onder de armoedegrens. De schimmelziekte duwt hen nog dieper in de ellende. Sommige koffieboeren zien hun productie erdoor gehalveerd.
VRT NWS-journaliste An Baccaert trok naar Honduras en sprak er met koffieboeren in Sinai, in de regio Comayagua (zie kaart). "De oogst is veel kleiner dan andere jaren, er zijn heel weinig koffiebonen", getuigt Filibaldo Mendoza, die samen met zijn vrouw Fidelia Zosa al heel zijn leven koffie teelt.
"De klimaatverandering veroorzaakt meer plagen in de koffie. Dat is al verschillende jaren bezig, maar vorig jaar is het verergerd door de orkanen", voegt Zosa eraan toe.
Koffieboeren moeten daardoor steeds hoger gelegen grond opzoeken, maar de schimmelziekte haalt hen in. "In dit land blijven er weinig plaatsen over waar koffieroest niet woekert."
Veel koffieboeren zien geen toekomst meer in de teelt, de verliezen stapelen zich jaar na jaar op. Ze trekken in eerste instantie weg uit de rurale streken en zoeken hun heil in de steden. Maar de armoede, het gebrek aan werk en het geweld daar geven geen uitzicht op een betere toekomst. Honduras ontvluchten, naar het noorden, naar de VS, is voor hen de enige optie.
Ook de kinderen van Filibaldo en Fidelia zijn naar de VS vertrokken. "Van hier vertrekken bijna elke dag migranten", zegt Filibaldo. "Het is hier zo erg dat er geen jonge mensen meer gaan overblijven."
Want niet alleen de koffieboeren zelf zien geen toekomst meer in hun eigen dorp of regio. Ook de mensen die op de plantages werken, vaak dagloners, kiezen ervoor om naar de VS te migreren. De ene exodus versterkt de andere. Koffieboeren die wegtrekken, ontnemen anderen uitzicht op werk. Tegelijkertijd vertrekken in sommige regio's zoveel mensen dat er niet genoeg meer zijn om op de plantages te werken.
Kuststadjes onder water
Van het hoogland naar de kust. Want je zou het misschien niet verwachten, maar Honduras is ook kwetsbaar voor de stijging van de zeespiegel, zowel in het zuiden als in het noorden. De zee heeft er al verschillende kustdorpen verzwolgen.
Dat de zee huizen, restaurantjes en hotels opslokt, is echter niet alleen een gevolg van de klimaatverandering en de stijging van de zeespiegel. De mens heeft de kuststreek in het zuiden van Honduras (aan de Stille Oceaan) naar zijn hand gezet. Mangrovebossen moesten plaats ruimen voor scampikwekerijen, waardoor de zee op andere plaatsen een uitweg zoekt.
VRT NWS trok naar het badstadje Cedeño (zie kaart boven), ooit een toeristische trekpleister voor binnenlands en internationaal toerisme, nu letterlijk weggespoeld door de zee. "Toen de pandemie begon, was mijn hotel al weg, maar ik had mijn huis nog, waar ik vis verkocht", getuigt Francis Asucena Cruz. "Maar dan begon de zee ook mijn huis binnen te spoelen, tot achteraan."
De ooit zo populaire stranden liggen nu vol puin en ruïnes. "De restaurants in Cedeño waren heel bekend, maar één vloedgolf sleurde ze de zee in", vertelt Francis. "Hier is geen enkele toekomst meer, want er is geen werk. De zee neemt onze bron van inkomsten weg. Hoe kunnen we geld verdienen om onze kinderen te helpen?"
Volgens lokale klimaatactivisten is de zee er de voorbije 10 jaar al 400 meter landinwaarts getrokken. "En volgens nieuwe studies zal de kustlijn nog veel meer opschuiven en zal het nog veel sneller gaan", zegt Claudia Pineda van de Hondurese Alliantie tegen Klimaatverandering.
"Dit heeft te maken met het globale fenomeen van de stijging van de zeespiegel", zegt Pineda. "Maar het is versneld door menselijk handelen en politieke beslissingen om concessies te verlenen aan scampikwekerijen in deze zone."
Honderden families die leefden van de visvangst en het toerisme, zagen geen andere keuze dan de regio verlaten, velen trokken naar de VS. "Hele gezinnen zijn geëmigreerd uit Cedeño. Veel families zijn gebroken. Ik ook, ik ben alleen", getuigt Marilen Sujgy Amaya, een vissersvrouw.
"Heel mijn familie is geëmigreerd. Mijn dochter is al 8 jaar weg, ik heb haar al die jaren niet gezien. Mijn man is al 3 jaar in de VS, met mijn jongste zoon. Hij is vertrokken toen hij 10 was. Ik mis hem erg." Marilen heeft al ontelbare keren een visum aangevraagd om haar kinderen in de VS te kunnen bezoeken, maar dat wordt keer op keer geweigerd.
In Cedeño willen alle jonge mensen weg, ook zij die gestudeerd hebben. "Het zijn zaken waarmee we moeten leven. We hebben geen andere keuze, want ginder hebben ze een betere toekomst", snikt Marilen.
De droge corridor: kurkdroge bodem, mislukte oogsten
Van het ene uiterste in het andere. Centraal-Amerika lijdt ook onder alsmaar langere periodes van droogte. Het fenomeen is er zo erg, dat men spreekt van El Corredor Seco, "de droge corridor".
Een gebied dat geteisterd wordt door extreme droogte en zich uitstrekt over grote delen van Centraal-Amerika, van het zuiden van Mexico over Guatemala, Honduras en Nicaragua, tot bepaalde regio’s in Panama. Temperaturen liggen er vaak rond de 40 graden, ook in het winterseizoen houdt de hitte aan.
Op het eerste gezicht is het een weelderig groene regio, maar de grond is er kurkdroog. Droogte houdt er langer aan, zelfs in het regenseizoen blijven regenbuien soms wekenlang uit, waardoor landbouw steeds moeilijker wordt. Het gevolg: voedselonzekerheid en extreme armoede voor miljoenen mensen. De bevolking wordt voor de keuze gesteld: migreren of verhongeren.
Het oosten van Guatemala is op dat vlak een van de meest geteisterde regio's. VRT NWS trok naar de Guatemalteekse provincie Chiquimula (zie kaart boven), ook wel eens het "centrum van de honger" in Centraal-Amerika genoemd. Eeuwenlang een van de meest vruchtbare gebieden in Centraal-Amerika, maar voor de inheemse Ch'orti Maya-bevolking wordt het jaar na jaar moeilijker om hun kinderen voldoende eten te geven.
Honger kwam hier vroeger op specifieke momenten voor. Tegenwoordig lijdt de bevolking bijna het hele jaar door honger. "We hebben maandenlange periodes van honger. De ergste maanden zijn van april tot augustus", zegt Johana Chacón van de Franse ngo Actie Tegen Honger.
Ook hier hebben de orkanen Eta en Iota grote gevolgen gehad. Wie in de droge corridor woont, hoopt op regen, maar niet van die aard. Eta en Iota brachten te véél regen. Gewassen werden vernield, de oogst spoelde weg. En de droge grond nam het water amper op, want daarvoor was de regen te plots en te overvloedig.
Maïsoogsten verpieteren. Vroeger konden de boeren hier vlotjes twee keer per jaar maïs oogsten. Nu is er amper één oogst, die vaak nog mislukt. "Hier kunnen we niet van eten. Dit is zelfs niet genoeg voor één tortilla", zucht een maïsboer. Ook de bossen in de regio drogen uit en verdwijnen, waardoor regenwater minder goed in de bodem opgenomen wordt.
Meer dan de helft van de kinderen is hier ondervoed. Ze krijgen vaak ook diarree, longontsteking, verkoudheden. En sterven daar gemakkelijk aan. Tijdens de ergste periode vorig jaar, van mei tot augustus, werden in heel Guatemala 3,5 miljoen mensen met voedselonzekerheid geconfronteerd.
De wanhoop nabij
Als de klimaatverandering zich nog verder doorzet, zullen extreme droogte, verwoestende orkanen, overstromingen en knagende honger steeds meer mensen uit Centraal-Amerika wegjagen. Daarbovenop drukte de covidpandemie de voorbije twee jaar het laatste beetje hoop om in hun thuisland te kunnen overleven de kop in.
In Honduras, Guatemala en El Salvador is het percentage mensen dat overweegt om te vertrekken, de voorbije jaren vervijfvoudigd, van 8 procent in 2019 naar 43 procent in 2021. Een cijfer dat beleidsmakers in de landen in kwestie, maar zeker ook in de Verenigde Saten en andere ontwikkelde landen waarheen migratie zich voltrekt, de ogen zou moeten openen. Bijna iedereen met wie onze ploeg in Centraal-Amerika sprak, droomt ervan om te migreren. Iedereen heeft familie of kent mensen in de VS. Met andere woorden: de (potentiële) dimensie van de migratie op het continent is enorm.
Velen denken eraan, dromen ervan. Maar slechts een kleine minderheid heeft al concrete plannen gemaakt om echt te vertrekken. Want hun land ontvluchten en migreren naar de VS is de laatste beslissing die ze nemen in de strijd om te overleven. Als migreren in eigen land niets heeft opgebracht… Als alle waardevolle spullen verkocht zijn om toch maar eten te kunnen kopen… Op dat moment hebben ze het idee dat ze geen andere keuze meer hebben.
Tegen de tijd dat ze in hun hoofd geprent hebben dat ze hun land gaan verlaten, zijn velen al de wanhoop nabij. De lange, gevaarlijke tocht naar het noorden schrikt hen dan niet meer af. Wie onderweg gevat en teruggestuurd wordt, probeert het later soms opnieuw… en opnieuw en opnieuw. De wanhoop drijft hen tot het uiterste: als we dan toch moeten sterven, dan kan het maar beter op weg naar de VS zijn…
Alle reportages in dit artikel zijn ter plaatse gedraaid door onze VRT NWS-ploeg: An Baccaert, Abdel Khoulali en Stefan Janssens.





