Geen enkel land vergrijst zo snel als China: tegen 2035 wonen er meer dan 400 miljoen 65-plussers, dat zijn er 100 miljoen meer dan nu. Traditioneel is het de plicht van volwassen kinderen om te zorgen voor moeder en vader in hun oude dag. Maar dat systeem begint te haperen, nu steeds meer Chinezen verhuizen naar de stad terwijl hun ouders achterblijven op het platteland. Maar China gaat die eenzaamheidsepidemie op een creatieve manier te lijf. Door kinderen te 'huren' bijvoorbeeld.
Gezelschap te koop: de eenzaamheidsepidemie bij China's groeiend aantal 65-plussers
Samenvatting:
China vergrijst sneller dan eender welk ander land: tegen 2035 wonen er meer dan 400 miljoen 65-plussers, 100 miljoen meer dan nu.
Veel jonge Chinezen werken in verre steden, terwijl hun ouders op het platteland blijven. Daardoor haperen de traditionele zorg van kinderen voor hun ouders en het idee van 'xiao', eerbied voor je ouders.
Rusthuizen zijn in China niet gangbaar en de overheid houdt vast aan de regel 90-7-3: 90 procent van de ouderen wordt thuis opgevangen, 7 procent in de eigen wijk en 3 procent in een rusthuis.
Bedrijven bieden 'gedeelde kinderen' aan: tegen betaling komen medewerkers langs voor klusjes, boodschappen of een babbel. Een app in Hunan schrapte een 'nieuwjaarspakket' van ongeveer 120 euro na veel kritiek online.
Apps volgen de gezondheid van ouderen op afstand en China test zorgrobots en gezelschapsrobots, die volgens de Fudan-universiteit uiterlijk in 2030 klaar kunnen zijn. Professor Yang Keming vraagt zich af waarom China "rijker werd" en ook "eenzamer".
'Shyla' deelt op sociale media haar leven als alleenstaande Chinese vrouw van 50+. In een van haar video's gaat ze op bezoek bij haar buren op het platteland in het noorden van China. Die tonen haar trots hun grote huizen met verschillende slaapkamers. Ook de levensstandaard op het platteland is er de afgelopen jaren op vooruitgegaan en mensen bouwden er moderne huizen met alle comfort.
Alleen: bijna alle kamers staan leeg. De kinderen die er opgroeiden zijn naar de grote stad verhuisd, vaak honderden kilometers of meer van hun geboortedorp. "Het valt moeilijk te omschrijven, maar het voelt aan als verspilling", mijmert Shyla in haar video. "Al die grote huizen met achtergebleven oudjes. En er is zo weinig dat we eraan kunnen doen."
Het is een evolutie die veel landen kennen, maar in China is het een abrupte breuk met een eeuwenoude traditie. Duizenden jaren lang was het de gewoonte dat ouders bleven inwonen bij hun kinderen, en dan voornamelijk bij hun zonen. Het is een belangrijk onderdeel van de 'filial piety', of xiao, de plicht om eerbied te tonen voor je ouders, een hoeksteen van het Confucianisme.
Maar de economische evolutie van de afgelopen decennia heeft heel dat systeem op zijn kop gezet. Sinds begin jaren 90 trokken miljoenen jonge Chinezen naar de grote steden om er te werken in fabrieken. Naarmate meer jongeren de kans kregen om hogere studies te volgen, vonden ze ook werk in de dienstensector, konden ze een appartement kopen en hun kinderen naar school laten gaan. Vanwege de grote afstanden zien sommigen hun ouders maar een keer per jaar terug, met het Chinese Nieuwjaar.
Confucianistisch ideaal
Anders dan bij ons bestaat er in China geen traditie van rusthuizen of woonzorgcentra. Nog altijd is het voor veel Chinezen 'not done' om je ouders in een rusthuis te 'dumpen'. Kinderen geven daarmee toe dat ze aan hun plicht verzaken en voor de ouders betekent het gezichtsverlies: het is het bewijs dat ze door hun kinderen aan hun lot zijn overgelaten.
In de praktijk is het trouwens onhaalbaar om iedereen die zorgbehoevend is op te vangen in een rusthuis. Ook met de toenemende vergrijzing houdt de overheid vast aan de regel: 90-7-3. Dat wil zeggen: 90 procent van de ouderen wordt thuis opgevangen, 7 procent in de eigen wijk - bijvoorbeeld in een dagcentrum - en amper 3 procent kan terecht in een rusthuis of woonzorgcentrum.
Het gevolg is dat kinderen die willen voldoen aan het Confucianistische ideaal hun ouders vanop afstand moeten bijstaan. Maar doordat de werkende generatie momenteel vooral bestaat uit enig kinderen, is dat een zware taak. En dus hebben ondernemende Chinezen een gat in de markt gevonden: dat van de 'gedeelde kinderen'.
Voor een afgesproken vergoeding komt een medewerker een paar keer per week langs om kleine klusjes uit te voeren, boodschappen te doen of gewoon een kop thee te drinken. De relatie gaat verder dan die tussen een poetsvrouw of klusjesman. De 'nepkinderen' ontwikkelen ook een warme relatie met hun klanten. Ze brengen bloemen mee of een cadeautje en er worden al eens knuffels uitgedeeld.
Gehuurde kinderen, verloofdes en ouders
In China zijn trouwens niet alleen 'stand-in kinderen' te huur. Je kunt ook een 'nepverloofde' huren die je kunt meenemen naar een familiefeest, zodat je ouders toch voor even in de waan zijn dat je plannen hebt om je te settelen. Of je kunt een 'stand-in-ouder' huren die in jouw plaats naar het oudercontact gaat om een slecht rapport van je kind in ontvangst te nemen.
China is rijker geworden. Waarom werd het dan ook eenzamer?
Yang Keming, professor sociologie
Een extreme vorm van 'outsourcing' kwam aan het licht tijdens het recentste Chinese Nieuwjaar, in februari. Een app in de provincie Hunan bood een 'nieuwjaarspakket' aan voor zo'n 120 euro. Daarvoor kreeg je een stand-in die in jouw plaats 2 uur lang zijn nieuwjaarswensen ging overbrengen aan je ouders, compleet met rituele buigingen en offers aan de voorouders.
Nadat online foto's opdoken van de ceremonie, regende het negatieve commentaren. "De belangrijkste plicht tegenover je ouders mag niet gecommercialiseerd worden", schreef iemand streng op Weibo. 2 dagen later was het 'nieuwjaarspakket' op de app in kwestie verdwenen.
Maar de praktijk lokt nog meer controverse uit. De afgelopen jaren zijn verschillende Chinezen naar de rechtbank getrokken, omdat hun ouders hun erfenis wilden nalaten aan een 'gedeeld kind' of betaalde oppas. In verschillende gevallen kregen de ouders gelijk van de rechter. Op sociale media argumenteren sommigen dat de bloedlijn altijd moet primeren. Anderen vinden het een goede les voor kinderen die hun gepensioneerde ouders verwaarlozen.
Daar komen de robots
Intussen evolueert China almaar verder naar een virtuele samenleving. Nieuwe apps stellen Chinezen in staat om van op honderden kilometers afstand de gezondheid van hun ouders in het oog te houden. De app stuurt de bloeddruk van hun ouders door, checkt of er nog beweging is in huis of bestelt een DiDi (de Chinese tegenhanger van Uber) om medicijnen op te halen in de apotheek.
In China kunnen ouderen tegenwoordig kinderen 'inhuren'
Intussen wordt volop onderzocht op welke manier robots een deel van de zorgtaken voor de oudere generaties kunnen overnemen. Dat maakt deel uit van de overheidsplannen om de vergrijzingsgolf op te vangen, de zogenaamde 'zilveren economie'. Het gaat dan om robots die eenvoudige huishoudelijke taken kunnen overnemen, medische diagnoses kunnen stellen en medicijnen kunnen toedienen.
Maar China traint ook volop 'gezelschapsrobots' die een praatje kunnen slaan met de gepensioneerden die hen zijn toevertrouwd, spelletjes kunnen spelen, liedjes kunnen zingen en samen herinneringen kunnen ophalen. Aan de Fudan-universiteit in Shangha i denken ze dat ze robots die al die taken aankunnen, ten laatste tegen 2030 operationeel zullen zijn.
Toch wakkert die snelle evolutie ook een fundamenteel debat aan. "China’s economische transformatie heeft de levensverwachting verlengd en de leefomstandigheden verbeterd. Maar welvaart garandeert geen sociale verbondenheid", schrijft professor Yang Keming . "Terwijl iedereen een beter leven nastreeft, herinnert de toenemende eenzaamheid ons aan de emotionele en sociale kost. China werd rijker, waarom werd het ook eenzamer?"