In de haven van Kingston, Jamaica, zijn 2 containers met meer dan 1.450 kilogram cocaïne onderschept met de haven van Antwerpen als bestemming. Drugssmokkelaars gebruiken almaar vaker alternatieve routes, vanuit landen die zelf geen cocaïne produceren, om de aandacht van de opsporingsdiensten af te leiden. De drugsorganisatie van de Verenigde Naties overlegt vandaag in Brussel met de EU-landen over een gezamenlijke aanpak tegen de internationale drugssmokkel.
1.450 kilogram cocaïne bestemd voor Antwerpen onderschept in Jamaica: smokkelaars wijken uit naar alternatieve routes
In de haven van Kingston in Jamaica zijn 2 containers uit Honduras met samen 1.450 kilogram cocaïne onderschept. De lading was bestemd voor Antwerpen. Dat meldt Bob Van den Berghe, sinds 2014 regionaal coördinator van het Container Control Program (CCP) van het VN-bureau voor drugs en criminaliteit (UNODC) in Latijns-Amerika en de Caraïben.
Volgens Van den Berghe tonen de containers aan dat criminele organisaties alternatieve routes via het Caribisch gebied gebruiken. Ze misbruiken daarbij landen zoals Honduras en andere landen in Centraal-Amerika, die zelf geen cocaïne produceren. Zo willen ze de aandacht van de handhavingsdiensten in de bestemmingslanden afleiden.
Cijfers over inbeslagnames
In 2026 registreerde het UNODC Passenger and Cargo Control Programme al 67,7 ton cocaïne in de bronlanden. De port control units (controle-eenheden in havens) die het programma ondersteunt, meldden die vondsten. Daarvan gingen 30 zendingen met samen 8.632 kilogram naar Antwerpen.
In de regio ging het in 2025 om ongeveer 180 ton inbeslagnames, tegenover 240 ton in 2024. Die daling in 2026 betekent volgens Van den Berghe niet noodzakelijk dat er minder cocaïne wordt verhandeld. Ze weerspiegelt ook dat smokkelaars hun methoden en routes blijven aanpassen.
Overleg in Brussel
Het UNODC overlegde gisteren en ook vandaag in Brussel met de EU-lidstaten, de Europese Unie en andere partners. Het overleg gebeurt onder meer in het kader van de EU Port Alliance. Van den Berghe ziet daarin het belang om het probleem gezamenlijk aan te pakken.
Ook de recente grote drugszaken in de haven van Tema in Ghana tonen volgens hem aan dat alternatieve routes via West-Afrikaanse havens belangrijk blijven voor België en de Europese Unie.
Nieuwe smokkelmethoden
Criminele netwerken gebruiken steeds vaker kleinere havens, in bronlanden, transitlanden en bestemmingslanden. Daar is de controlecapaciteit vaak beperkter. Ze verdelen hun lading ook vaker in kleinere hoeveelheden, zodat het moeilijker is om de cocaïne op te sporen.
Daarnaast verandert de manier van smokkelen. Smokkelaars verwerken cocaïne steeds vaker in goederen. Daardoor werken klassieke middelen zoals scanners en drugshonden minder goed. Van den Berghe pleit daarom voor een aanpak die op informatie en inlichtingen steunt.
Hij noemt nog andere werkwijzen: drop-on/drop-off-operaties, het gebruik van moederschepen en semionderzeeërs die zeer lange afstanden kunnen afleggen.
Ook luchtvracht in opmars
Ook het luchtvrachtverkeer wint aan belang. Het gaat doorgaans om kleinere hoeveelheden, maar de smokkelmethoden zijn vaak gelijkaardig. Criminele organisaties blijven daarbij sterk rekenen op corrupte insiders.


