Het klimaatgeld dat België uitgeeft om kwetsbare landen zich te helpen aanpassen aan de klimaatverandering, is in 2025 met een vijfde afgenomen in vergelijking met 2024. Dat blijkt uit cijfers die de Belgische administratie heeft bezorgd aan Europa.
België gaf vorig jaar 20 procent minder klimaatsteun aan kwetsbare landen
Het ging in 2025 in het totaal om 226,87 miljoen euro. In 2024 bedroeg de Belgische internationale klimaatfinanciering nog 287 miljoen euro.
Het leeuwendeel van dat geld, 192,19 miljoen euro, was afkomstig van het federale niveau. Vlaanderen voegde daar nog 17,94 miljoen euro aan toe, Wallonië 13,86 miljoen euro en Brussel 2,88 miljoen euro.
Het Belgische klimaatgeld gaat naar projecten die landen helpen om zich aan te passen aan de klimaatverandering. België focust vooral op Afrika, en steunt daar projecten met bijvoorbeeld voedselgewassen die weerbaarder zijn tegen hitte en droogte, of systemen die de bevolking snel moeten waarschuwen voor extreem weer.
In 2025 werden er zo 30 infrastructuurprojecten afgerond in Mozambique en werden er 270.000 Oegandezen geholpen, zo bleek eerder al uit het jaarverslag van de dienst Ontwikkelingssamenwerking.
Vooral minder privégeld
Volgens de Dienst Klimaatverandering van de federale overheidsdienst Volksgezondheid was de daling in 2025 vooral toe te schrijven aan private partners die minder geld hebben bijgedragen.
In 2024 loodsten verschillende projecten van de Belgische Investeringsmaatschappij voor Ontwikkelingslanden (BIO) veel meer privégeld naar klimaatprojecten. Die investeringen zijn echter zeer afhankelijk van grote projecten, en kunnen sterk wisselen van jaar tot jaar.
Het publieke deel bleef in vergelijking met 2024 wel onveranderd, klinkt het.
In het kader van het Klimaatakkoord van Parijs hebben de ontwikkelingslanden zich geëngageerd om vanaf 2020 jaarlijks 100 miljard dollar aan internationale klimaatfinanciering vrij te maken. Op COP29 in Bakoe in 2024 werd een nieuw financieringsdoel afgeklopt. Tegen 2035 moet dan jaarlijks 300 miljard dollar worden gemobiliseerd.
Volgende maand gaat in het Turkse Antalya COP31 van start, de VN-klimaatconferentie. Daar zal klimaatgeld voor de kwetsbare landen opnieuw een thema zijn, net zoals de voorbije jaren. Kleine-eilandstaten en andere landen uit het globale Zuiden eisen dat het Westen meer klimaatgeld beschikbaar maakt. Maar vanuit het Westen is er weinig appetijt om nog meer geld uit te trekken dan nu voorzien is.


