In het proces tegen Russell Brand heeft het openbaar ministerie de acteur en komiek omschreven als "gewetenloos" en "manipulatief". Bij de start van haar requisitoir voor de rechtbank in Londen zei procureur Riel Karmy-Jones dat Brand "de kinderachtige verwachting had dat al zijn wensen vervuld moesten worden".
"Gewetenloos en manipulatief": zedenproces tegen Russell Brand start met scherpe uithaal van procureur
Volgens het openbaar ministerie was hij "berekend, gewetenloos en manipulatief en een zedendelinquent".
Brand, die persoonlijk aanwezig was in de zaal, staat terecht voor 7 feiten van verkrachting, aanranding en dwang. In totaal hebben 6 vrouwen beschuldigingen geuit tegen de Brit. De feiten zouden zich hebben afgespeeld tussen 1999 en 2009, in een periode waarin zijn populariteit sterk toenam.
Zo zou hij een vrouw hebben verkracht in een hotel en een medewerkster van een televisiezender bij de borsten hebben gegrepen en tot orale seks hebben gedwongen. Brand ontkent alle beschuldigingen.
"Willekeurig en onverzadigbaar"
Tijdens het vervolg van haar betoog schetste de procureur de verschillende vermoedelijke feiten in detail. Ze benadrukte dat Brands verlangen naar seksueel contact "willekeurig en onverzadigbaar" was. De gevoelens van de betrokken vrouwen lieten hem koud.
"Wat voor hem op de eerste plaats kwam, was zijn onverzadigbare verlangen om te krijgen wat hij wilde, en van wie hij het ook maar wilde", aldus nog het openbaar ministerie.
De voormalige televisiester verscheen samen met zijn vrouw Laura op de zittingsdag. Bij zijn aankomst liet hij weten dat hij zich "gezegend" voelde en dat hij "bezorgd maar hoopvol" was dat het proces voor alle betrokkenen goed zou aflopen.

