Naar hoofdinhoud
AIPAC is de machtige pro-Israëllobby in de VS

AIPAC: tot voor kort ongeveer de machtigste lobbymachine van Amerika

Artikel luisteren
12min
Meer info

Op 3 november is het verkiezingsdag in de VS. Meer dan in andere landen speelt geld een enorme rol in Amerikaanse kiescampagnes. Lobbymachines promoten of belagen kandidaten die een zitje in het parlement willen. Geld in ruil voor bepaalde standpunten die de lobbygroep goed uitkomen. Sommige lobbygroepen hebben zoveel macht dat ertegen ingaan risicovol is. Deze week richt Björn Soenens zijn blik op AIPAC, de invloedrijke pro-Israëllobbygroep.

In Washington heeft geld in principe geen stem. Geld heeft er iets machtigers: een megafoon. Je ziet het aan de televisieschermen in Amerikaanse huiskamers. Aan de advertenties die wekenlang dezelfde kandidaat bij verkiezingen een held of een gevaarlijke extremist noemen. Of aan de miljoenen dollars die in een congresdistrict worden gedropt alsof het een pak sneeuw is.

Achter een deel van die geldlawine staat het American Israel Public Affairs Committee, oftewel: AIPAC.

Israëlpolitiek met Amerikaanse tentakels

AIPAC is geen politieke partij. Het is een machtige pro-Israëlische lobbyorganisatie die al sinds de jaren 50 van de vorige eeuw in Washington opereert. Decennialang lag haar invloed vooral in de gangen van het : telefoontjes, briefings, conferenties, politieke relaties.

In 1991 bijvoorbeeld mobiliseerde AIPAC zo'n 1.500 activisten rond een cruciale stemming over extra Amerikaanse hulp in de vorm van 10 miljard dollar aan leninggaranties aan Israël. De lobby beschikte toen al over een reputatie die groter was dan haar formele macht: congresleden wisten dat Israëlpolitiek ook Amerikaanse binnenlandse tentakels had. 

AIPAC is dus een machtige pro-Israëlclub, een soms angstaanjagende politieke machine met een stevige oorlogskas. Bijna heel het Congres boog tot voor kort voor de macht van AIPAC. In het kiesjaar 2024 pompte AIPAC en zijn politieke geldmachine, het United Democracy Project, bijna 130 miljoen dollar in Amerikaanse verkiezingscampagnes. Doel: critici van het Israëlische beleid uit het Amerikaanse parlement verdrijven. 

Het Amerikaanse Congres, waar wetten worden gemaakt die bijna altijd pro-Israël zijn.

AIPAC zoekt altijd doelwitten om carrières genadeloos te verbrijzelen of te lanceren

Björn Soenens

AIPAC is de grootste politieke donor voor zittende congresleden en kandidaten in de verkiezingen. Dit is helemaal geen gewone lobby: AIPAC is een te duchten politieke speler van formaat.

AIPAC zoekt altijd doelwitten om carrières genadeloos te verbrijzelen of te lanceren. Cori Bush uit Missouri en Jamaal Bowman uit New York werden in het recente verleden allebei ‘geneutraliseerd’ door de lobbymachine van AIPAC.

Het waren 2 progressieve stemmen in het Congres, allebei luidruchtig tegen de genocidale oorlog van Israël in Gaza. AIPAC schoof tientallen miljoenen dollars naar hun tegenstanders.

Beide zittende volksvertegenwoordigers verloren hun voorverkiezing. Niet door een schandaal, niet door incompetentie, maar door massaal en gericht ingezet geld in de laatste weken voor de stembusgang.

Geldstromen met de kracht van een politieke hakbijl

AIPAC zelf schenkt niet rechtstreeks geld aan kandidaten. Het stuurt de rekening via een nevenstructuur, laat de reclame over iets anders gaan en kijkt toe hoe de kiezer een kandidaat afserveert zonder te beseffen waarom.

De boodschap is altijd helder: wie tegen Israël stemt of zich er kritisch over uitlaat, riskeert de politieke hakbijl.

Wie niet onvoorwaardelijk de lijn van de Israëlische regering volgt, krijgt te maken met een tsunami aan negatieve reclamespots. Het doel is karaktermoord van wie niet in de pas loopt.

Opgelet: AIPAC is een pro-Israëllobby, dat is niet gelijk aan een Joodse lobby. AIPAC gaat als het moet regelrecht in tegen Amerikaanse Joden die kritisch zijn over wat Israël doet. De lobby is zo krachtig dat politici die iets willen zeggen over Gaza, in hun hoofd de rekening maken: één verkeerd woord kan je als politicus de kop kosten.

Israël krijgt ontzettend veel hulp van de VS. AIPAC geeft altijd een extra zetje.

Het maakt het debat kapot, en een voorgekauwde en verstikkende – moreel zeer onheldere – consensus is het resultaat. Het vernauwt het Amerikaanse buitenlandse beleid tot een eendimensionale politieke doctrine.

Het debat over miljarden aan militaire steun voor Israël wordt daardoor niet langer gevoerd op basis van morele principes of strategisch langetermijndenken, maar op basis van electorale overleving.

Critici worden meteen gebrandmerkt als verraders. Het maakt een eerlijk en open gesprek over vrede en mensenrechten in het Midden-Oosten onmogelijk.

De strijd van Abdul el-Sayed uit Michigan tegen AIPAC

Wie denkt dat het kiesjaar 2024 een uitschieter was van macht voor AIPAC en een toppunt van invloed, moet naar Michigan kijken, afgelopen zomer. Daar vielen tijdens de voorverkiezingen alle maskers af. In Michigan streden Haley Stevens en Abdul El-Sayed op 4 augustus om de Democratische nominatie voor de senaatszetel.

Stevens was de gevestigde waarde, gesteund door het partij-establishment en door AIPAC. El-Sayed, arts en voormalig gezondheidsfunctionaris uit Detroit, maakte van zijn weerstand tegen AIPAC zelf de inzet van zijn campagne.

Het resultaat: de meest expliciete test tot nu toe of verzet tegen de lobby electoraal kon lonen, of een politieke doodstraf bleef.

AIPAC liet er geen twijfel over bestaan wat het antwoord moest worden. De lobby pompte tientallen miljoenen dollars in deze ene voorverkiezing. Een deel daarvan ging naar advertenties die El-Sayed neerzetten als onbetrouwbaar en gevaarlijk, als een radicaal linkse gek die vrouwen slecht behandelt. Beschuldigingen die de lokale pers na factchecks onderuithaalde. 

El-Sayed won de Democratische voorverkiezing voor een Senaatszetel in Michigan, ondanks een campagne van AIPAC tegen hem.

El-Sayed, een Amerikaan van Egyptische afkomst en praktiserend moslim, kreeg bovendien te maken met ronduit islamofobe koppen en karikaturen, niet enkel van Republikeinse zijde, maar ook uit delen van het Democratische establishment.

Michigan werd een mislukte operatie voor AIPAC. Dat is de lobbygroep absoluut niet gewend. Want verrassend genoeg won El-Sayed. AIPAC haalde bakzeil, maar heeft in Michigan wel bewezen dat het bereid is méér geld op tafel te leggen voor één enkele senaatsvoorverkiezing dan de meeste lobby's in hun hele bestaan. Toch lijkt de almacht van AIPAC voorbij.

Mike Rogers, de Republikeinse tegenstander van El-Sayed bij de komende verkiezing, heeft naar verluidt aan AIPAC gevraagd om geen campagne namens hem te lanceren. Dat is opmerkelijk en nieuw. De politieke wind is gedraaid. Pro-Israël zijn lijkt niet langer een winnend argument.

Splijtzwam voor Democratische partij

AIPAC splitst de Democratische partij doelbewust in tweeën. Het creëert een gapende kloof tussen de partijtop - die de ruimhartige gelddonaties niet wil mislopen - en de progressievere vleugel die juist smeekt om een rechtvaardiger en ethischer buitenlandbeleid.

AIPAC gijzelt in feite min of meer het vrije woord. Zolang de Amerikaanse politiek de stroom van oncontroleerbare hoeveelheden lobbygeld niet aan banden wil leggen, blijft de democratie een schimmenspel, waarbij de hoogste bieder bepaalt welke moraal overleeft. 

Maar er lijkt iets gekeerd te zijn: de sympathie van het grootste deel van de Amerikanen voor de staat Israël is nagenoeg weggesmolten. Nog maar 3 op de 10 Amerikanen staan positief tegenover Israël. Voor de genocidale oorlog met ruim 70.000 doden in Gaza - tot 7 oktober 2023 - was dat 8 op de 10. 

De genocidale oorlog in Gaza heeft de steun voor Israël in de VS enorm doen afkalven.

Wie AIPAC wil begrijpen, moet niet naar de hoeveelheid geld kijken, maar naar het effect ervan op het politieke gedrag. Op wat congresleden zeggen en vooral wat ze niét (durven) zeggen. Op wie een wapenpakket voor Israël steunt zonder ook maar één vraag te stellen over de burgerslachtoffers die ermee vallen.

Op de stilte in fractievergaderingen wanneer iemand het waagt het woord "voorwaarden" te laten vallen bij militaire steun aan Israël. Die stilte is geen toeval. Die stilte is met dollars verdiend, na intens gelobby.

Het patroon is helder

Wie de Amerikaanse politiek al lang volgt, kent het patroon: geld wint zelden rechtstreeks verkiezingen, maar het kan wel een carrière efficiënt lanceren of slopen.

Dat overkwam Tom Malinowski, een gematigde Democraat en voormalig topdiplomaat onder ex-president Barack Obama, die in 2026 zijn voorverkiezing voor een zetel in het Huis verloor nadat het pro-Israëlische AIPAC zich met de race ging bemoeien.

AIPAC maakte heel duidelijk in allerhande advertenties dat Malinowski's standpunt over voorwaarden aan steun voor Israël niet pro-Israël genoeg was. En ze belaagden hem op andere kwetsbare punten, zoals Malinowski's beursverrichtingen tijdens zijn parlementair mandaat.

De strategie van AIPAC werkte trouwens als een boemerang: door de gematigde Malinowski weg te jagen, won de veel progressievere kandidate, die juist veel fellere kritiek uit op het beleid van Israël.

Tom Malinowski kreeg een campagne van AIPAC tegen zich.

De zaak-Malinowski legde het gewicht van lobbygroepen in het Amerikaanse verkiezingssysteem bloot

Björn Soenens

AIPAC had Malinowski jarenlang gesteund en zelfs financieel bijgedragen aan zijn campagnes., tot hij zich uitsprak voor voorwaarden aan Amerikaanse steun aan Israël. Game over.

De zaak-Malinowski legde het gewicht van lobbygroepen in het Amerikaanse verkiezingssysteem bloot. Toch is het te makkelijk om van AIPAC een duivelse geheime hand te maken die achter de schermen aan alle touwtjes trekt. 

De onbeperkte geldstroom in de Amerikaanse politiek

AIPAC speelt het spel van de Amerikaanse democratie zoals dat spel nu eenmaal gespeeld wordt sinds het Citizens United-arrest van het , dat de geldsluizen in de politiek volledig openzette.

Vuurwapenlobby's zoals de NRA doen het. Farmaceutische bedrijven doen het. Vakbonden, voor zover ze nog geld hebben, doen het ook. AIPAC doet het alleen opvallend efficiënter, opvallend gerichter en met een duidelijker doel dan de meeste andere spelers: onvoorwaardelijke steun aan Israël, ongeacht wie er in Jeruzalem regeert of wat er in Gaza gebeurt.

De verdedigers van AIPAC - een lobbygroep die het nu lastig heeft omdat de publieke opinie tegenover Israël afhaakt - hebben ook een punt, hoe ongemakkelijk dat ook klinkt.

Ze wijzen erop dat andere landen en zaken - van de tot de vastgoedsector - evenzeer met miljoenen schuiven in Washington, zonder dat daar hetzelfde wantrouwen tegenover staat. 

AIPAC koopt geen stemmen, het koopt gedrag. In een democratie die zich zogezegd laat leiden door overtuiging, is dat het meest verontrustende van allemaal

Björn Soenens, analist VRT NWS

Maar dat neemt niet weg wat de cijfers tonen: een lobby die 100 miljoen dollar op tafel legt om 2 ongehoorzame congresleden weg te stemmen, en 2 jaar later bijna de helft daarvan op één enkele senaatsrace in Michigan gooit, stuurt een signaal dat verder reikt dan die ene zetel.

AIPAC koopt in feite geen stemmen, het koopt gedrag. In een democratie die beweert zich te laten leiden door overtuiging, is dat misschien nog het meest verontrustende van allemaal. 

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Nieuwsbrief Amerika vandaag

Mis niets van de laatste ontwikkelingen in het Witte Huis en krijg een helder beeld van wat er speelt in de VS.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"