De provincie Oost-Vlaanderen en de gemeente Nazareth-De Pinte starten een pilootproject om het lokale kapellenerfgoed beter in kaart te brengen en te bewaren. Ze maken een inventaris op en werken een aanpak uit voor beheer, onderhoud en restauratie. Volgens gedeputeerde David Coppens (N-VA) loopt het project 2 jaar en kan het later ook als voorbeeld dienen voor andere Oost-Vlaamse gemeenten.
Oost-Vlaanderen start in Nazareth-De Pinte pilootproject om kapelletjes in stand te houden
De eerste stap is een overzicht maken van de kapellen in Nazareth-De Pinte. "Het is een nieuw pilootproject waarmee we willen onderzoeken hoe wij de lokale besturen nog beter kunnen ondersteunen in het beheer, in het onderhoud en de opvolging van hun kapellen op hun grondgebied", zegt Coppens.
De provincie en de gemeente willen zo zicht krijgen op de toestand, de erfgoedwaarde en de toekomst van die kleine religieuze monumenten.
Sneller schade opmerken
Ook Monumentenwacht speelt een rol in het project. Die dienst bracht het patrimonium al in kaart en helpt mee bij de opvolging van de toestand van de kapellen. Dat moet het makkelijker maken om problemen sneller op te merken en schade te beperken.
De provincie richt zich daarvoor eerst op de groendienst en de technische dienst van de gemeente. Zij kregen gisteren een vormingsdag. "Die mensen zijn onze oren en ogen op het terrein, ze merken sneller dingen op", zegt Coppens.
De bedoeling is dat kleine gebreken sneller gesignaleerd raken. Het kan gaan om een kapotte dakpan, schade aan een lei, of problemen aan ramen en deuren. Volgens Coppens maakt dat een verschil tussen een beperkte onderhoudsingreep en een zware restauratie.
"Goed onderhoud zorgt er vaak voor dat je met minimale kosten zaken kan verhelpen en dat je de grotere restauratiekost kan uitstellen", zegt hij. Monumentenwacht kan in sommige gevallen ook meteen een beperkte noodherstelling uitvoeren.
Ook private eigenaars
Niet alle kapellen zijn eigendom van de gemeente. In een volgende fase wil de provincie ook particuliere eigenaars betrekken en met hen bekijken hoe hun kapellen bewaard kunnen blijven.
Het proefproject loopt 2 jaar. Daarna bekijkt de provincie of het traject ook in andere Oost-Vlaamse gemeenten bruikbaar is.
Regionaal nieuws uit Oost-Vlaanderen


