De aanhoudende hitte van afgelopen zomer heeft aanzienlijke schade berokkend aan de landbouwsector. Dat heeft minister van Economie David Clarinval (MR) in de Kamer geantwoord op vragen van Patrick Prévot (PS) en Reccino Van Lommel (Vlaams Belang).
Definitieve cijfers zijn er nog niet, maar de eerste signalen wijzen al op een aanzienlijke impact. De bevoegdheid voor landbouw ligt voor het grootste deel bij de deelstaten, waardoor het moeilijk is voor de federale overheid om een globaal beeld te geven van de economische schade.
Ook het einde van de oogst moet nog worden afgewacht. Toch spreekt de minister van "aanzienlijke schade" op basis van de eerste gegevens.
Veehouders en gewassen zwaar getroffen
Bij veehouders zorgt de hitte volgens Clarinval voor hogere sterfte, een lagere melkproductie en gezondheidsproblemen bij de dieren. Onder de gewassen is maïs een van de zwaarst getroffen teelten: de opbrengstverliezen kunnen lokaal oplopen tot 50 à 75 procent.
Ook aardappelen ondervinden gevolgen, met verliezen tot 40 à 50 procent in bepaalde regio's. Daarnaast troffen de hoge temperaturen de graslanden zwaar, waardoor sommige veehouders nu al hun voedselreserves moeten aanspreken.
Effect op prijzen nog onduidelijk
De uiteindelijke economische impact hangt af van de definitieve oogstresultaten, de marktevolutie en de bijkomende kosten voor landbouwbedrijven. Ook de gevolgen voor de verkoopprijs aan de consument zijn nog niet duidelijk.
Volgens de minister spelen daarbij verschillende factoren mee, zoals de opbrengstverliezen, de Europese marktsituatie en de beschikbare voorraden. "Voor producten als aardappelen, groenten, fruit en dierlijke producten kan een lagere productie leiden tot prijsdruk", zegt Clarinval. Toch is het volgens hem nog te vroeg om de precieze gevolgen voor de consumptieprijzen te beoordelen.
