Nieuwsuitzendingen op de Franstalige radio- en televisiezenders in ons land hebben ruim dubbel zoveel aandacht voor de klimaatcrisis als de Nederlandstalige. Dat blijkt uit een onderzoek dat is uitgevoerd op vraag van federaal minister van Klimaat Jean-Luc Crucke (Les Engagés).
Franstalige nieuwsuitzendingen hebben ruim dubbel zoveel aandacht voor klimaatcrisis als Vlaamse
Tijdens de VN-klimaatconferentie in Brazilië, vorig jaar, kondigde minister Crucke een actieplan tegen klimaatdesinformatie in België aan. In een eerste fase wilde Crucke in kaart laten brengen op welke manier er in België gepraat wordt over het klimaat.
Crucke bestelde daarvoor een screening van de Belgische media. Daarvoor schakelde hij de hulp in van QuotaClimat, een Franse actiegroep die eerder al gelijkaardig onderzoek uitvoerde naar onder andere het Franse, Spaanse en Duitse medialandschap. Ook de universiteiten VUB, KU Leuven, ULB en UCLouvain werden erbij betrokken.
De eerste resultaten worden vandaag gepresenteerd.
Aandacht piekt tijdens hittegolven
Opvallend: in het zuiden van het land berichten de nationale media meer dan dubbel zo lang over de klimaatcrisis (3,9 procent van de zendtijd) als in het noorden (1,4 procent). Dat past in een breder patroon. In Vlaanderen is er in het algemeen minder aandacht voor milieukwesties in nieuwsprogramma's dan in de Franstalige media.
In Franstalig België is La Une de koploper met 7,2 procent. In Vlaanderen is VRT 1 dat (4,3 procent).
De nieuwsdynamiek laat weinig ruimte voor een meer structureel inzicht in de oorzaken, gevolgen en oplossingen van milieucrisissen
QuotaClimat
De aandacht die de media aan de klimaatcrisis geven, schommelt doorheen het jaar. Die hangt sterk af van nieuwspieken zoals de 3 hittegolven van de voorbije zomer of de natuurbrand op de Hoge Venen. En ook die pieken liggen hoger in het zuiden.
Neem nu de 3 hittegolven van de voorbije zomer. Eind juni en begin juli besteedden de Franstalige nieuwsuitzendingen tot 15 procent van hun zendtijd aan milieunieuws. De Nederlandstalige media daarentegen reserveerden er op hun hoogtepunt, tijdens de 2e hittegolf, 5 procent van het nieuws voor. Dat is dus 1/3 van hun Franstalige collega's.
Het Nederlandstalige televisie- en radionieuws legt tijdens zulke piekmomenten ook minder uit wat er aan de hand is dan het Franstalige, bijvoorbeeld door de oorzaken van hittegolven en natuurbranden te benoemen. Tijdens de Nederlandstalige uitzendingen werd in 10 procent van de items de klimaatverandering bijvoorbeeld genoemd, terwijl dat in de Franstalige uitzendingen in verhouding dubbel zo vaak gebeurde (19 procent).
Voorzichtiger
Het is een typische nieuwsdynamiek dat de aandacht toe- en afneemt met de actualiteit. Maar QuotaClimat waarschuwt dat gebeurtenissen zoals hittegolven en natuurbranden "weliswaar een belangrijke rol spelen bij het agenderen van milieukwesties, maar relatief weinig ruimte laten voor een meer structureel inzicht in de oorzaken, gevolgen en oplossingen van de verschillende milieucrises (met naast de klimaatverstoring ook de biodiversiteits- en grondstoffencrisis, red.)."
"Deze dynamiek toont een berichtgeving die sterk afhankelijk is van extreme weersomstandigheden, met relatief weinig aandacht vooraf voor nochtans voorspelbare gebeurtenissen. Dit toont mogelijke ruimte voor meer preventieve berichtgeving en publiekssensibilisering vóór dergelijke gebeurtenissen zich voordoen."
Ook blijft het de vraag vanwaar de kloof komt tussen de Nederlandstalige en Franstalige media. "Aan Franstalige kant hebben journalisten meer interesse voor het klimaatthema", zegt Baldwin Van Gorp, professor Journalistiek aan KU Leuven. "Maar ik denk ook dat redacties in beide gemeenschappen een andere logica volgen. Op Franstalige redacties is er een breder draagvlak voor nieuws waar je de wind van voren kan krijgen. Gaza is zo'n onderwerp, het klimaat ook."
"Voor journalisten zijn zulke onderwerpen natuurlijk moeilijk. En dan worden ze voorzichtiger dan nodig. De verrechtsing in Vlaanderen heeft daar ook iets mee te maken. Ik heb al redactiechefs horen zeggen: 'We moeten de kerk in het midden houden, want we moeten on speaking terms blijven met alle lezers en kijkers aan de linker- én rechterzijde'."
"Er kan geen duurzame klimaat- en milieutransitie plaatsvinden zonder draagvlak in de samenleving", reageert minister Crucke. "En dat draagvlak veronderstelt dat we kunnen begrijpen wat er verandert, waarom het verandert en welke keuzes we hebben. De media spelen een cruciale rol, zowel in het democratische debat, als in het succes van de transitie."
Hoe werd dit onderzoek uitgevoerd? De onderzoeken bekeken en beluisterden sinds februari van dit jaar nieuwsuitzendingen in de Waalse, Vlaamse en Brusselse media, en turfden hoe vaak en hoe lang het klimaat er aan bod kwam. Ze deden dat voor 8 nationale Nederlandstalige media (Play, Qmusic, VRT Radio 1, VRT Radio 2, Studio Brussel, VRT 1, VRT Canvas en VTM) en 6 Franstalige (Bel RTL, La Première, La Une, LN Radio, RTL tvi, VivaCité).
Dit artikel werd om 18.21 u aangevuld met de analyse van professor Baldwin Van Gorp.


