In Noorwegen is prinses Astrid (94) overleden. Astrid is de zus van koning Harald, die in augustus overleed en woensdag is begraven. Ze was toen voor het laatst in het openbaar te zien. Toen haar moeder plots stierf, vervulde Astrid 14 jaar lang de rol van 'first lady'.
Noorse prinses Astrid (94) overleden, 2 dagen na begrafenis van haar broer koning Harald
Amper 2 dagen na de begrafenis van haar broer, koning Harald, en exact 2 weken na zijn dood is nu ook zijn oudere zus prinses Astrid overleden. Volgens het Paleis is ze "vredig ingeslapen".
Gedurende haar lange leven vertegenwoordigde prinses Astrid het koningshuis op een warme en plichtsbewuste manier
Koning Haakon reageert
Door gezondheidsproblemen kwam Astrid de laatste tijd minder in het openbaar. In mei werd de prinses nog opgenomen in het ziekenhuis vanwege hartfalen en in augustus kreeg ze, net als haar broer, een pacemaker.
Afgelopen woensdag woonde ze wel de begrafenis van haar broer bij. Een foto van haar ontroerde toen vele Noren. Op die foto zit ze in een rolstoel voor de kist van haar broer en rouwt ze in alle stilte en eenzaamheid.
Astrid was het 2e kind van 3 in het gezin van de Noorse kroonprins Olav en zijn vrouw Märtha. Märtha was een Zweedse prinses en de zus van prinses Astrid, die huwde met de Belgische koning Leopold III en tragisch overleed in een auto-ongeluk in Küssnacht.
Prinses Astrid had een oudere zus, Ragnhild, en een jongere broer, troonopvolger Harald. Tijdens de Tweede Wereldoorlog moesten ze vluchten. Ze namen eerst de trein naar Zweden om vervolgens de boot te nemen naar Pook's Hill (in de staat Maryland, in de VS).
Na 5 jaar keerden ze terug naar huis en konden ze het gewone leven hervatten op het landgoed Skaugum in Oslo. Na de middelbare school studeerde Astrid 2 jaar economie en politieke geschiedenis aan de universiteit van Oxford.
Weinig keuze
In 1954 sloeg het noodlot toe en stierf moeder Märtha op 53-jarige leeftijd aan de gevolgen van chronische geelzucht. Harald was dan 16 jaar, Ragnhild woonde in Brazilië met haar echtgenoot en grootmoeder koningin Maud was al even dood.
Plots moest Astrid de rol van first lady op zich nemen en aan de zijde staan van haar grootvader, koning Haakon VII.
Ze was toen 22 en omschreef zich als een groentje. "Er was nooit de vraag of ik wilde of niet. Het was een kwestie van de handen uit de mouwen steken", vertelde Astrid over die periode aan omroep NRK.
"Mensen waren mijn moeder gewend. En dan komt er een jong meisje dat hetzelfde moet doen."
Haar vuurdoop volgde 6 maanden later. De Ethiopische keizer Haile Selassie bezocht Noorwegen en bracht bewust zijn vrouwelijke reisgezelschap niet mee.
"Dat maakte het voor mij een stuk makkelijker. Anders is het de first lady die de vrouwen moet rondleiden", aldus Astrid.
De prinses begon haast van 0. Er was niet meteen een vrouwelijk rolmodel voorhanden. Voor staatsbezoeken moest ze kledingadvies vragen aan haar vader en ze ging al eens te rade bij vrienden, zoals de koningin van Denemarken.
Toen koning Haakon was gestorven, ging ze mee op de kroningstournee van broer Harald. Ze was het vrouwelijke gezicht van Noorwegen in de jaren 50 en 60.
Intussen ging ook privé het leven door. Ze trouwde met de bekende Noorse zeiler en zakenman Johan Martin Ferner en kreeg 5 kinderen met hem.
In 1968 trouwde Harald en was de druk van de ketel voor Astrid. Schoonzus Sonja Haraldsen was de nieuwe kroonprinses en nam Astrids rol over. Maar de prinses bleef onverminderd voortwerken, tot op hoge leeftijd en tot respect van de Noren.
Haar 94e verjaardag bracht ze bijvoorbeeld door op kantoor. Zo voelde ze zich naar eigen zeggen "nuttig".
Astrid was de beschermvrouwe van 12 liefdadigheidsinstellingen, voorzitter van het Herdenkingsfonds Kroonprinses Märtha en was vaak aanwezig bij officiële aangelegenheden, zoals inkomende staatsbezoeken. Haar mobiliteit mocht dan wel afnemen, ze loste het op met krukken of een rolstoel.
Astrid stond uiteindelijk ten dienste van 3 koningen: grootvader Haakon, vader Olav en broer Harald. Ze zou een van de oudste prinsessen ter wereld geweest zijn.

