Naar hoofdinhoud

Brandweerlui trotseren hitte, rook en uitputting in de Hoge Venen: zo zwaar en gevaarlijk is hun werk

Artikel luisteren
5min
Meer info

Het werk van brandweerlui tijdens natuurbranden valt onmogelijk te onderschatten. In shifts van 8 uur of meer verzetten ze non-stop zware fysieke arbeid in extreme omstandigheden. Ze doen dat met gevaar voor eigen leven en gezondheid. Vooral het risico op rookintoxicatie is groot. 

Nils Schillewaert
Gepubliceerd:

Samenvatting:

  • Zo'n 100 brandweerlui bestrijden al dagenlang de brand in de Hoge Venen in shifts van minstens 8 uur, in extreme omstandigheden: hoge temperaturen, wispelturige wind en moeilijk bereikbaar veen- en bosgebied.

  • De 'regel van 30' beschrijft het risico op natuurbranden: een luchtvochtigheid onder 30 procent, temperaturen boven 30 graden en wind sneller dan 30 kilometer per uur - precies de omstandigheden waarin brandweerlui moeten werken.

  • Rook vormt een groot gevaar: 2 Vlaamse brandweermannen belandden al in het ziekenhuis met rookintoxicatie, omdat het dragen van persluchtflessen fysiek vrijwel onmogelijk is tijdens natuurbranden.

"We zijn hier vandaag met een 100-tal mensen", vertelt Niels Bouwens, van Netwerk Brandweer, koepel van Vlaamse brandweerzones. Bouwens helpt bij de coördinatie van de bluswerken in de Hoge Venen. In gesprek met VRT NWS-reporter Amaury De Meulder schetst hij hoe zwaar het werk van de brandweerlui is die daar al dagenlang proberen om het vuur onder controle te krijgen. 

"Onze mensen werken in shifts. Het materiaal blijft ter plaatse, en de brandweerlui lossen elkaar af. Ze staan 8 uur lang effectief op het terrein. Daarna kunnen ze naar huis om even te slapen. Naar huis rijden doen ze niet meer zelf. We voorzien chauffeurs om ongevallen te vermijden."

De omstandigheden waarin de brandweerlui werken, zijn extreem. De Hoge Venen bestaan uit moeilijk bereikbaar bos- en veengebied en dat maakt de bluswerken fysiek extra zwaar. "Zeulen met honderden meters aan brandslangen, omringd door vuur en rook: het zijn zeer zware omstandigheden."

BEKIJK
Brandweer vecht tegen het vuur in dystopisch landschap

Overdag worden de brandweerlui bijgestaan door blushelikopters, maar 's nachts staan ze er helemaal alleen voor. Wanneer de wind wispelturig is en meerdere keren per nacht van richting verandert, moet het materiaal ook steeds opnieuw verplaatst worden.

Wanneer de weg versperd is, is het aan de brandweerlui om handmatig, eventueel met kettingzagen, de weg opnieuw vrij te maken, zodat ook de brandweer- en tankwagens op de juiste positie kunnen geraken. Op dit moment kan de brandweer gelukkig bijna overal geraken. Enkel een deel in het oosten van het getroffen gebied is nog moeilijk tot niet bereikbaar. 

De 'regel van 30'

Vorige week gaf Koen Goffings, onderzoeker crisisbeleid aan de PXL Hogeschool, een inzicht in het bestrijden van natuurbranden in het Radio 1-programma 'Weet ik veel' van Kobe Ilsen. Op dat moment brandde het in de Hoge Venen nog niet, maar wel al wekenlang in onder meer Frankrijk, Spanje en Griekenland. 

Goffings probeert de extreme omstandigheden waarin brandweerlui moeten werken concreet te maken aan de hand van 'de regel van 30'. "Die regel bepaalt het risico op een natuurbrand. Dat risico is het grootst wanneer de luchtvochtigheid lager is dan 30 procent, de temperatuur hoger dan 30 graden Celsius en de windsnelheid hoger dan 30 kilometer per uur."

"Dat zijn ook meteen de omstandigheden waarin die brandweerlui moeten werken. In zware brandweeruitrusting. Uren aan een stuk. Dat is ploeteren: met zware brandslangen sleuren, met handgereedschap sleuven graven. Er komt veel meer bij kijken dan enkel 'blussen'." 

Rookintoxicatie

Niet alleen het vuur en de omstandigheden vormen een gevaar voor de brandweerlui. Ook de rook kan slachtoffers maken: in de Hoge Venen zijn al 2 Vlaamse brandweermannen met rookintoxicatie in het ziekenhuis beland. Geen verrassing voor brandweerman Michael De Nijs, voorzitter van de vzw Emergency Response Alliance Belgium, die regelmatig ter hulp schiet bij bosbranden in Portugal. 

"Het is een logisch gevolg van het feit dat ze zonder perslucht moeten opereren", legt hij uit in De Ochtend op Radio 1. "Het is simpelweg te zwaar en bijna compleet onmogelijk om die flessen mee te dragen." 

LUISTER

Werken bij natuurbranden: "Het is fysiek compleet onmogelijk om onder persluchtbescherming te werken"

Radio 1De Ochtend
7min

"Rook is altijd giftig", benadrukt Bouwens. "De rook bevat onder meer CO en andere giftige stoffen. We proberen die deeltjes te vermijden met een mondmasker." Maar zo'n mondmasker verdringt zeker niet alle rook. "Daarnet waren er 3 reporters van VRT NWS mee op pad. Ze waren blij dat ze weg konden na 20 minuten. Dus stel je voor dat je hier 8 uur moet zwoegen." 

Als de vlammen te dichtbij komen, kunnen de brandweerlui een 'vluchtmasker' opzetten. Dat geeft ongeveer een kwartiertje ademlucht, tijd genoeg om via de brandslang terug te vluchten naar de gespecialiseerde bosbrandweerwagen. Die wagens zijn uitgerust met zuurstofmaskers voor de brandweerlui en met brandbeveiligingssystemen.

"Als het vlammenfront voorbijtrekt, kan men de sproeiers opzetten om de golf van rook en vlammen te kunnen doorstaan. De wagens zijn ook beschermd met extra brandcoatings."

Meer weten over

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"