De fretters van het initiatief 'Ratlab' pakken rattenoverlast op een opmerkelijke, maar efficiënte manier aan. Met een gestroomlijnd team van 4 mensen, 20 fretten en 4 getrainde honden klaren ze de klus op een terrein in Genk in een paar uur tijd: "Dit is geen cowboygedoe, dit is een doordachte samenwerking tussen 2 predatoren." Dus geen vergif, geen urenlange lijdensweg en geen gevaar voor egels of vogels.
Maaseikse rattenvanger zet fretten en honden in bij rattenbestrijding: "Die samenwerking is magisch"
Op een zonovergoten terrein in Genk is een opvallende bedrijvigheid aan de gang: enkele mannen zijn heel secuur netten aan het spannen rond struikgewas en ondergrondse doorgangen. Het is het voorbereidende werk van Ratlab, een collectief van Vlaamse fretters dat rattenbestrijding naar een professioneel en diervriendelijker niveau brengt. Maaseikenaar Jordy Skoropinski is bezieler van dat collectief.
Tactische opdeling van het terrein
Aan de actie gaat een strakke tactische planning vooraf. "De rat is een heel slim en gewiekst beestje," legt Skoropinski uit. "Hij heeft al lang door wat er gaande is. Andere geuren, andere geluiden, mensen die rondlopen... Hoe stil je ook probeert te werken, ratten hebben dat door. Ze hebben daar een 6e zintuig voor."
Om te vermijden dat de verdelgers achter de feiten aanlopen, wordt de hele zone grondig afgezet en opgedeeld in kleinere compartimenten: "We spannen de hele zone af met netten, zodat de ratten niet kunnen vluchten. Je mag nog een heel goed team hebben van honden en fretten, je wilt niet de hele tijd achter die ratten aanjagen. Als de rat naar boven komt om te vluchten, moet dat in een kleine, afgebakende zone zijn zodat de honden de kans krijgen om ze te pakken."
Magische samenwerking
De werkwijze van Ratlab steunt op de natuurlijke instincten van de dieren. De fretten worden de pijpen en holenstelsels van de ratten in gestuurd. Maar het is uitdrukkelijk niet de bedoeling dat de fretten ondergronds de strijd aangaan met de ratten.
"Je speelt met het welzijn van de rat, maar ook met dat van de fretten," verduidelijkt Skoropinski. "Je wilt absoluut geen gevechten ondergronds. Wij maken simpelweg gebruik van de vluchtreflex van de rat. De fretten gaan naar beneden, bouwen ondergronds druk op, en de ratten willen vluchten. Zodra ze bovengronds komen, staan de honden klaar. Die zijn er veel sneller en beter in om de rat te liquideren."
Skoropinski vergelijkt het samenspel met processen uit de vrije natuur: "Het is de samenwerking tussen het baasje, de fret en de hond die het magisch maakt. Het is zoals een bunzing en een vos in de natuur. Een fret is een gedomesticeerde bunzing: die kan perfect de holen in, maar is bovengronds te traag om de rat snel te pakken. Een hond is als een vos: die kan graven zoveel hij wil, maar geraakt die diepe gangen niet in. Wij leggen die twee puzzelstukjes samen. Het is een natuurlijk proces, maar dan veel efficiënter."
Snelheid van doden: Categorie A
Een van de belangrijkste pijlers van Ratlab is de maatschappelijke en ethische verantwoording van hun methode. In de wereld van de pest control geldt strikte regelgeving rond het vermijden van onnodig dierlijk lijden.
"In het bestrijdingslandschap ben je altijd gebonden aan bijvoorbeeld de snelheid van doden. Elk dier moet binnen een bepaald aantal seconden dood zijn. Dat geldt voor vallen en klemmen. Vergif duurt vaak tot wel een week. Maar met onze honden zitten we in 'categorie 1' van de snelheid van doden. Dat is een fractie van een seconde en de rat is dood. Er is geen lange lijdensweg."
Daarnaast kent deze klassieke, biologische methode een groot ecologisch voordeel ten opzichte van vallen en vergif: de selectiviteit.
"Onze werkwijze is 100% selectief," benadrukt Jordi. "Bij vallen of klemmen heb je altijd het risico dat er per ongeluk vogeltjes, eekhoorns of egels in lopen. Wij vangen puur en alleen de bruine rat."
Geen cowboytoestanden
Wie denkt dat eender welke hond zomaar kan worden ingezet, komt bedrogen uit. Hoewel terriërs vanwege hun natuurlijke 'drive', hoge pijngrens en scherpe neus uiterst geschikt zijn, vergt de opleiding extreem veel geduld en discipline.
"Wij willen absoluut geen cowboytoestanden," zegt Jordi stellig. "Een hond laten we minstens een jaar rijpen. In die voorbereiding ben je puur bezig met training, gewenning, leren afblijven van andere zaken en de context leren kennen. Je moet een 100% vertrouwensband kweken tussen fret en hond."
Als die basis ontbreekt, loopt het volgens hem fout: "Dan krijg je amateuristisch werk. Honden die blaffen of zenuwachtig aan pijpen staan te krabben. Dat zorgt er alleen maar voor dat ratten niet meer naar boven willen komen, wat extra risico oplevert voor de fretten. Een intelligente hond die gecontroleerd en doordacht werkt en de juiste drive heeft, is duizend keer waardevoller dan een ongeleid projectiel dat alleen maar wil doden. Dat laatste is absoluut niet ons doel."
Een levensstijl, geen kantoorbaan
Het werk van de fretteurs vereist passie. Terwijl sommige leden van het collectief, zoals teamlid Bart, de rattenbestrijding voltijds uitoefenen, is het voor Jordi een bijberoep. Maar dat maakt de toewijding er niet minder op.
"Het blijft gebaseerd op passie. We gaan geen dieren afmatten in de hitte. Op een warme zomerdag waarop het 35 graden wordt, zoals vandaag, ga je geen meerdere klussen doen om achter het geld aan te jagen. Daar is het ons niet om te doen. Er staat zelfs een tattoo van een fret op mijn onderarm. Het is een levensstijl."
Regionaal nieuws uit Limburg



