Figuurlijk pakten in de zomer van 1939 donkere wolken samen boven politiek Europa. Toch waren het echte onweerswolken die op 31 augustus in de stad Luik een oorlogstragedie veroorzaakten zonder dat de oorlog al begonnen was.
Het hitteonweer waardoor de Tweede Wereldoorlog al mensenlevens kostte nog voor hij begon
Samenvatting:
Op 31 augustus 1939 verwoestten 2 explosies de Val-Benoît-brug over de Maas in Luik: bliksem trof de kabels van preventief geplaatste mijnen van het Belgisch leger, waardoor de brug instortte en 17 mensen omkwamen.
Een trein met 28 passagiers reed op het moment van de explosie over de brug, maar de wagon bleef hangen aan een metalen boog – er vielen geen doden onder de reizigers.
Het nieuws verdween snel van de voorpagina's: op 1 september 1939 viel Nazi-Duitsland Polen binnen en brak de Tweede Wereldoorlog uit.
Donderdag 31 augustus 1939 is een late, maar bloedhete zomerdag. Op het einde van de namiddag pakken rond Luik donkere wolken samen, het gerommel van onweer is te horen, de eerste plensbui valt.
Terrasgangers reppen zich de cafés binnen, wandelaars langs de Maas zoeken een schuilplaats, vissers halen hun hengels op. De sneltrein Luik-Luxemburg verlaat stipt om 18.39 uur het station richting de dubbele metalen rivierbrug van Val-Benoît, de brug die de linker- en rechteroever van de Maas in Luik verbindt.
Plots is een oorverdovende explosie te horen, even later gevolgd door een nog luidere knal. Is dit het onweer? Of is dit een bombardement? En is de oorlog begonnen? In geen tijd worden straten en huizen in de zuidelijke stadswijken bedolven onder puin en stof.
Vensters spatten uit elkaar, gevels en daken worden doorzeefd door brokstukken. De vier pijlers van de brug van Val-Benoît zijn weggeblazen, de metalen bogen zijn ingestort. Verderop is ook de oude stenen Ougrée-brug helemaal in de Maas gestort. De gasleidingen boven de brug brandden nog.
Preventieve mijnen
De enige troost voor de getroffen Luikenaars: de oorlog is niet uitgebroken. De catastrofe die hun stad heeft getroffen, heeft nochtans alles te maken met de oorlogsdreiging. Door de stijgende internationale spanningen en de Duitse dreiging nam België voorzorgsmaatregelen.
Het Belgisch leger plaatste preventief mijnen op cruciale bruggen, zodat deze vernietigd konden worden om een Duitse invasie te stuiten. In Luik werden dynamietladingen geplaatst in de pijlers van bruggen over de Maas en verbonden met elektrische ontstekingsmechanismen. Ze waren nog maar enkele dagen bevestigd toen de bliksem op 31 augustus de kabels trof die de explosieven verbonden en de verwoesting in gang zette. Omdat de elektrische ontstekingen van de brug van Val-Benoît in serie waren verbonden met de Ougrée-brug is ook zij de lucht ingegaan.
Luik telt in de volgende dagen 17 doden en bijna 100 gewonden. 4 soldaten in een wachtpost werden bedolven onder het puin, sinds kort werden de bruggen immers bewaakt door pas gemobiliseerde militairen. Enkele wandelaars en vissers die onder de bruggen waren gaan schuilen, werden dodelijk geraakt door brokstukken. Hetzelfde lot ondergingen klanten van een overdekt caféterras.
Een binnenvaartschipper overleefde het evenmin. De instorting van de bruggen veroorzaakte een vloedgolf op de Maas, waardoor verschillende schepen zonken of stuurloos afdreven. Als bij mirakel vielen er geen doden in de treinwagons.
De explosie had nochtans plaatsgevonden op het precieze moment dat de trein Luik-Gouvy-Luxemburg over de brug reed. De wagon met 28 passagiers bleef wonderwel boven water hangen tegen een van de metalen bogen.
Golf van solidariteit
Een golf van solidariteit ging de dagen nadien door Luik. Met steun van de brandweer organiseerden burgers zelf de opruiming van de bruggen. Vanaf 20 september was de doorvaart op de Maas weer mogelijk. De ongelukken met beide bruggen maakten duidelijk dat elektrische ontstekingsmechanismen onder bruggen enorme risico's inhielden. Het leger besliste daarop om alle elektrische mechanismen voor springladingen te verwijderen. Het zou haar duur te staan komen, want zo slaagden Duitse troepen er in 1940 in de strategische bruggen van Vroenhoven en Veldwezelt ongeschonden in handen te krijgen.
In februari 1940 kon de bouw van een nieuwe Val-Benoît-brug gestart worden. Het werk bleek spoedig een maat voor niets. Op 11 mei 1940, daags na de Duitse invasie, werd de brug die nog volop in aanbouw was alweer onbruikbaar gemaakt om de oprukkende Wehrmacht tegen te houden. Onder druk van de Duitse bezetter werd in 1942 een nieuwe en tijdelijke brug gebouwd. Om 2 jaar later nogmaals vernield te worden, ditmaal door geallieerde troepen.
De Val-Benoît-brug in haar huidige vorm is na de oorlog gerealiseerd. Geen ijzeren boogbrug meer, wel een sober betonnen brugdek met 4 treinsporen. De brug heeft naast zich het gezelschap gekregen van de Pont du Pays de Liège, een autosnelwegbrug met tuikabels.
Geen herdenking
De ramp heeft in Luik geen herdenkingstekens voortgebracht. Het nieuws was in 1939 dan ook snel weggespoeld. De tragedie beheerste op 1 september nog de voorpagina’s van de kranten. Binnen de kortste keren moest ze plaatsmaken voor een internationale politieke schok. Nazi-Duitsland was Polen binnengevallen. De Tweede Wereldoorlog was begonnen.
In de reeks 'De zomer van weleer' brengt VRT NWS nieuwsverhalen die mensen beroerden tijdens zomers van lang geleden en die het verdienen om nog steeds verteld te worden. Hier kan je de andere artikels uit de reeks terugvinden.



