Naar hoofdinhoud

De ondergang van de Mont Louis: kroop de Belgische kust door het oog van de naald?

Artikel luisteren
8min
Meer info

Terwijl de zomer van 1984 zich met somber weer naar het einde begaf, zonk voor de Belgische kust het Franse vrachtschip Mont Louis met aan boord 30 vaten uiterst radioactief materiaal. Wekenlang leefde onze kust tussen hoop en vrees. Op miraculeuze wijze ontsnapte ze aan een ramp.  

Jos Vandervelden
Gepubliceerd:

Samenvatting:

  • Op 25 augustus 1984 botste de autoveerboot Olau Britannia voor de kust van Oostende op het Franse vrachtschip Mont Louis. Het schip zonk met aan boord 30 vaten uraniumhexafluoride, een radioactief materiaal bestemd voor de Sovjet-Unie.

  • Een grootschalige bergingsoperatie van 5 weken haalde alle 30 vaten op uit het gezonken schip. Metingen toonden aan dat er geen radioactief materiaal in het zeewater was terechtgekomen.

  • Onderzoek wees uit dat de Mont Louis zelf verantwoordelijk was voor het ongeluk door menselijke fouten. Het schip respecteerde de voorrangsregels op zee niet en de radarinstellingen waren niet aangepast aan de plots opkomende mist.

Zaterdag 25 augustus 1984 was een flauwe zomerdag. Op ongeveer 18 kilometer uit de kust van Oostende was het zelfs mistig en het zicht beperkt. Rond 14.15 uur botst de autoveerboot Olau Britannia met het Franse vrachtschip Mont Louis. De reusachtige Duitse veerboot boort zich 6 meter diep in de romp van het Franse schip. 

Net na de aanvaring.

Noodsignalen worden meteen uitgestuurd. De 23 opvarenden van de Mont Louis worden tijdig gered voor het schip water begint te maken. Het gevaarte kantelt en zinkt op een zandbank. Bij laag water blijft de flank van het gekapseisde vrachtschip zichtbaar.

De veerboot heeft meer geluk. Ze lijdt beperkte schade en kan verder koers zetten naar haar bestemming in Engeland. Aan boord bevonden zich 1.031 mensen, passagiers en boordpersoneel. Het is een godswonder dat er geen enkele gewonde valt.

Radioactief materiaal

Op dat moment weten we nog niet alles. Terwijl de eerste zondagse strandgangers zich op de Zeedijk van Oostende begeven, maakt een grote Franse zeeliedenvakbond bekend dat zich aan boord van de Mont Louis vaten met radioactief materiaal bevinden. De vakbond is nog steeds verongelijkt, omdat het voor de bemanning een risicopremie had gevraagd en die nooit heeft gekregen.

Milieuorganisatie Greenpeace weet nog meer. De Mont Louis vervoert 30 vaten met uraniumhexafluoride. De lading is vanuit Frankrijk op weg naar de Sovjet-Unie om daar verrijkt te worden, zodat ze later kan dienen als nucleaire brandstof. Het goedje is radioactief en ook chemisch een gevaar voor mens en milieu, voor de zee en de Belgische kust. 

Meteen wordt in België crisisberaad gehouden. Regering, provincie en experts komen samen. Ze drukken hun ongenoegen uit over het gebrek aan informatie van de Fransen. De reder van de Mont Louis spreekt intussen sussende woorden. De eerste metingen wijzen uit dat er geen radioactieve stoffen in het water zijn gekomen.

De vaten zijn van dubbeldik staal gemaakt en bestand tegen zware druk. Minstens een jaar kunnen ze het in het zeewater uithouden. De overheden beseffen echter dat het een kwestie van tijd is om de vaten te bergen. Geen badgast zal anders nog zorgeloos een voet in het zeewater durven steken.

Er wordt gecheckt of er radioactief materiaal is gelekt.

Een nieuw probleem wordt bovendien gesignaleerd. De Mont Louis verliest olie. Een vlek van meer dan 1 kilometer is waargenomen en niemand wil die op het Belgische strandzand zien aanspoelen. Aan boord zijn enkele honderden tonnen zware brandstof en smeerolie. De Belgische marine rukt uit en slaagt er met een verspreidingsmiddel in om erger te voorkomen.

Duikers in speciale uitrusting

Intussen wordt een grootschalige bergingsoperatie op touw gezet door sleepbedrijven, het Belgische URS en het Nederlandse Smit-Tak. Vanwege de uitzonderlijke lading en de ligging aan een drukke zeevaartroute wordt het een unieke onderneming.

5 dagen na de ramp worden pontons en kranen aangevoerd. 50 man blijft dag en nacht in de buurt aanwezig. Enkel bij laag water en rustige zee kan er gewerkt worden. De media volgen op de voet vanop het land, ramptoeristen in zeilbootjes moeten met vuurpijlen gewaarschuwd worden. 

Een ton met radioactieve stoffen wordt aan boord gehesen.

De vaten worden uiterst voorzichtig via het gat in de romp van de Mont Louis weggehaald. Duikers in speciale uitrusting doen het grote werk. Op 4 oktober zijn alle 30 containers geborgen. Eén container blijkt een minimaal lek te vertonen aan de afsluitklep. 6 lege containers worden niet teruggevonden.

Gedurende de operatie blijven alle metingen van het zeewater negatief. Rapporten zullen later aantonen dat de berging nagenoeg perfect is gelopen, de ramp geen enkel radioactief of chemisch gevolg heeft gehad en dat alle veiligheidsnormen -ook die voor de vaten- hun deugdelijkheid hebben bewezen. 

Door het oog van de naald

Greenpeace heeft intussen van haar internationale netwerk gebruikgemaakt om van de ramp wereldnieuws te maken. De organisatie klaagt dat de Belgische kust door het oog van de naald is gekropen en eist een onmiddellijke stopzetting van het vervoer van radioactief materiaal. Het ongemakkelijke woord 'nucleair' prent zich in de hoofden van de mensen vast.

In België voert de milieupartij Agalev tijdens de berging actie op het strand van Oostende. Een mensenketting vormt het woord 'SOS-Noordzee'. De Belgische kustburgemeesters vragen op hun beurt meer transparantie en eisen dat schepen die nucleaire stoffen vervoeren zich voortaan duidelijk zichtbaar maken.

Dat de ongerustheid niet bij elke kusttoerist even groot was tekende het Amerikaanse Time op. Toen een reporter van het magazine in Oostende poolshoogte kwam nemen vroeg hij aan een zwemmer of die niet bezorgd was. Zijn antwoord was doodleuk: "Ik lees geen kranten terwijl ik op vakantie ben."

Ook de Seaking van de luchtmacht wordt ingezet bij de operatie.

Contract met de Sovjet-Unie

Uit onderzoek bleek later dat de Mont Louis verantwoordelijk was voor het ongeluk door menselijke fouten van de kapitein en zijn luitenant. Het Franse schip respecteerde de voorrangsregels op zee niet en de radarinstellingen van het schip waren niet aangepast aan de plots opkomende mist. Vragen werden eveneens gesteld bij het gebruik van een vrachtschip zoals de Mont Louis, een roll-on-roll-off-schip dat te fragiel was voor zulke gevaarlijke lading. 

Het ongeluk bracht tevens een vergeten commercieel contract met de Sovjet-Unie aan het licht. Voor dat het zelf uranium kon verrijken had Frankrijk een deal gesloten om jaarlijks 2.500 vaten te verrijken in het Letse Riga, dan nog deel van de Sovjet-Unie.

Voor het vervoer had het de volledige goedkeuring van Euratom, de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie. Bleek uiteindelijk dat ook België in de deal zat. Aan boord bevonden zich 9 Belgische vaten, eigendom van Synatom en bestemd om na verrijking te gebruiken in de Belgische kerncentrales. 

In de reeks 'De zomer van weleer' brengt VRT NWS nieuwsverhalen die mensen beroerden tijdens zomers van lang geleden en die het verdienen om nog steeds verteld te worden. Hier kan je de andere artikels uit de reeks terugvinden.

LUISTER

Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"