Na een week pijnlijk gezichtsverlies: (hoe) kan Gianni Infantino worden afgezet als FIFA-voorzitter?
Gianni Infantino beleefde de voorbije week de zwaarste crisis sinds hij in 2016 aantrad als voorzitter van de wereldvoetbalbond FIFA. Onder toenemende druk moest hij zijn ambitieuze plan om privé-investeerders bij het WK te betrekken opdoeken.
Maar daarmee is de kous niet af. Voor de Europese voetbalbond UEFA kwam Infantino te laat tot inkeer. Het liet in een statement weten "geen vertrouwen" meer te hebben in de huidige FIFA-leiding.
Ze eisen een grondig onderzoek naar het FIFA-bestuur, maar die eis ligt eigenlijk al een maand op tafel. Meer bepaald sinds de schorsing van de Amerikaanse speler Folarin Balogun tijdens het WK werd opgeheven.
FIFA houdt vol dat de ethische commissie onafhankelijk heeft beslist – ook al waren er meerdere telefoongesprekken tussen Infantino en president Donald Trump – maar heeft tot dusver geen schriftelijk verslag van die zitting gepubliceerd.
Op de FIFA-raad zou Infantino, desnoods via een spoedprocedure, verantwoording moeten afleggen. Weigert hij een extern onderzoek naar de zaak-Balogun, dan zouden de pogingen om hem weg te krijgen een extra impuls kunnen krijgen.
Twee (moeilijke) routes
Gianni Infantino kan nog altijd zelf opstappen na alle commotie, zoals zijn voorganger Sepp Blatter deed in 2015, te midden van een corruptieschandaal.
Daar lijkt de FIFA-voorzitter voorlopig niet aan te denken: in zijn statement zei Infantino dat hij de betrokken partijen de komende dagen en weken weer wil samenbrengen. Hij is voorlopig ook de enige kandidaat voor de voorzittersverkiezingen in 2027.
Een spoedvergadering van de FIFA-raad kan daar eventueel een stokje voor steken. Als 19 van de 37 leden daarom vragen, moet er binnen twee weken een spoedvergadering plaatsvinden. Europa (9) en Noord-Amerika (5) hebben samen 14 leden in de FIFA-raad en zouden dus nog steun nodig hebben om aan de benodigde 19 stemmen te komen.
Bovendien kan de FIFA-raad een vertrek van Infantino wel eisen, maar niet afdwingen: hij kan zo'n oproep gewoon naast zich neerleggen.
Een andere route loopt via een buitengewoon congres met alle 211 FIFA-leden. Die moet worden bijeengeroepen op schriftelijk verzoek van minstens een vijfde van de leden. Aan die 43 benodigde stemmen zouden de 55 leden van de UEFA alleen al komen.
Tussen het indienen van dat verzoek en het congres zelf zitten doorgaans twee tot drie maanden. Op het congres zijn dan 106 van de 211 stemmen nodig om een motie van wantrouwen aan te nemen.
Die drempel valt misschien niet zo eenvoudig te halen. Weliswaar wezen in totaal 136 lidbonden het oorspronkelijke plan van Infantino af, maar een voorzitter wegstemmen is gevoeligere materie.
Qatar koos al publiekelijk de kant van Infantino en ook Mexico nam nadrukkelijk afstand van het kritische Concacaf-statement.
Ook de Afrikaanse confederatie CAF en de Zuid-Amerikaanse confederatie Conmebol - die met Oceanië samen goed zijn voor 75 stemmen op het congres - hebben zich vooralsnog niet tegen Infantino uitgesproken.
Opvolgers?
Een vertrek van Infantino heeft voor zijn tegenstanders alleen zin als er een geloofwaardig alternatief klaarstaat. Kandidaten moeten hun deelname aan de verkiezingen van maart 2027 uiterlijk op 18 november aankondigen.
Als meest waarschijnlijke naam circuleert Victor Montagliani, de Canadese voorzitter van het Concacaf. Hij was nauw betrokken bij de organisatie van het voorbije WK, en spreekt naast Engels ook Frans, Italiaans en Spaans.
Een tweede naam is die van sjeik Salman bin Ebrahim Al-Khalifa, voorzitter van de Aziatische voetbalbond AFC. In de FIFA-verkiezingen van 2016 verloor hij nog nipt van Infantino.
Ook de naam van Nasser Al-Khelaifi, voorzitter van Paris Saint-Germain en van de Europese clubkoepel, valt geregeld. Toch lijkt hij zelf weinig animo te hebben voor de functie, en maakt de steun van zijn thuisland Qatar voor Infantino een kandidatuur nog onwaarschijnlijker.
