Wie vandaag de voormalige mijnsite van Houthalen bezoekt, vindt er geen groot toeristisch project zoals Terhills in Eisden of C-mine in Genk. De hoogste schachtbokken van Limburg en het voormalige hoofdgebouw zijn de opvallendste herinneringen aan het mijnverleden. Daarrond kreeg de site een heel andere toekomst: bedrijven, innovatie en groene energie. Momenteel wordt er nog volop gewerkt om de oude mijnterreinen verder in te vullen.
"De reconversie is nog altijd niet afgerond": hoe de oude mijnsite van Houthalen een economische invulling kreeg
Samenvatting:
De voormalige mijnsite van Houthalen kreeg na de mijnsluiting een nieuwe bestemming met bedrijven, innovatie en groene energie.
De steenkoolmijn in Houthalen startte in 1938 en fuseerde al in 1964 met de mijn van Zolder.
Burgemeester Alain Yzermans (Hoppah) zegt: "Begin jaren 2000 hebben we bewust gekozen voor cleantech. Greenville is daarin uitgegroeid tot een vaste waarde."
Oud-mijnwerker Cengiz Sanli vindt dat er te weinig geïnvesteerd is in de mijnwerkers zelf: "Er is veel geld uitgegeven, terwijl er meer had moeten worden geïnvesteerd in de mensen die alles hebben opgebouwd."
De mijn van Houthalen kende eigenlijk maar een kort bestaan. De steenkoolproductie startte in 1938 en al in 1964 stopte de zelfstandige uitbating van de mijn. Er volgde daarop een fusie met de mijn van Zolder. De mijnwerkers daalden daarna nog wel af via de schachten in Houthalen, maar ze werkten voortaan in de ondergrond van Zolder.
Vandaag zijn het Nieuw Administratief Centrum (NAC) en Greenville de eyecatchers op het oude mijnterrein. De oude schachtbokken - die vroeger mijnwerkers, materiaal en steenkool naar boven brachten - zijn toe aan een renovatie.
De Limburgse mijnen
125 jaar geleden werd er steenkool gevonden in de Limburgse grond. Er werden 7 koolmijnen opgericht, waar arbeiders uit heel Europa in zware omstandigheden werkten.
60 jaar geleden sloot Zwartberg als eerste mijn, in 1992 sloot de laatste mijn in Zolder. Daarna werden de sites herbestemd en kwamen kunst, economie en toerisme in de plaats. Dat lange reconversieverhaal is vandaag bijna afgerond. VRT NWS zoekt alle locaties opnieuw op.
Een sociale strijd
De sluiting van de Limburgse mijnen liet diepe sporen na in Limburg. Ook burgemeester van Houthalen-Helchteren Alain Yzermans (Hoppah) herinnert zich de protesten uit de jaren tachtig nog levendig. Toen moesten Waterschei, Eisden en Winterslag sluiten.
"Het was een sociale strijd, een bewogen tijd ook. Ik stond toen zelf mee op het plein voor de hoofdzetel van de Kempense Steenkoolmijnen (KS)", zegt Yzermans. "We voelden ons sterk verbonden met de mijnwerkers, we voelden ons 1. Dat DNA mogen we nooit vergeten. Zij hebben Limburg mee opgebouwd en ook Houthalen-Helchteren een gezicht gegeven."
In de hoofdzetel had Thyl Gheyselinck zijn bureau. Hij was de reconversiemanager die opdracht kreeg om de 6 resterende steenkoolmijnen te sluiten. Met 2,5 miljard euro van de regering sloot hij in 7 jaar tijd de mijnen. 600 miljoen euro werd gebruikt voor reconversieprojecten om de provincie een doorstart te geven. Zo werd onder meer in 1994 de Limburgse Investeringsmaatschappij LRM opgericht.
Bedrijven in plaats van terrils
Waar andere mijnsites volop kozen voor toerisme en recreatie, zette Houthalen vooral in op economische ontwikkeling. De jaren 80 waren namelijk moeilijke tijden met een grote werkloosheid en weinig mogelijkheden in Limburg.
De voormalige terrils (de steenbergen aan de mijn) werden er platgemaakt en ruimden plaats voor Centrum-Zuid, dat uitgroeide tot een van de grootste bedrijventerreinen van Limburg. Samen met Europark en Houthalen-Oost zijn er vandaag ongeveer 500 bedrijven gevestigd.
"Dat was een bewuste keuze", zegt Yzermans daarover. "Nu willen we die bedrijventerreinen verder verduurzamen."
Ook op de oude mijnsite zelf kreeg innovatie een centrale plaats. Greenville groeide uit tot een incubator voor bedrijven actief in duurzame technologie en circulaire economie. Daarnaast werd het opvallende Nieuw Administratief Centrum gebouwd, waar vandaag onder meer het gemeentehuis, de politie, het vredegerecht en de muziekacademie zijn gevestigd.
"Begin jaren 2000 hebben we bewust gekozen voor cleantech", zegt Yzermans. Er wordt gewerkt aan vormen van technologie die bijdragen aan een schoner milieu of zorgen voor energiebesparing. "Greenville, de incubator, is daarin uitgegroeid tot een vaste waarde en gaf de mijnsite opnieuw een toekomst."
Achter de schachtbokken werd intussen een nieuw bedrijvenpark ontwikkeld. De gemeente werkt ook aan de restauratie van de 2 iconische schachtbokken, met 71 meter de hoogste van Limburg, die als industrieel erfgoed bewaard blijven.
Een groene toekomst
Volgens de burgemeester is de reconversie nog niet afgerond.
De heraanleg van de Noord-Zuidverbinding moet de komende jaren nieuwe kansen creëren voor duurzame bedrijven. Dankzij de verbinding met Brainport Eindhoven, EnergyVille in Genk en Corda Campus in Hasselt wil Houthalen-Helchteren zich verder ontwikkelen als een centrum voor innovatie.
"Na het landbouw- en mijnverleden schrijven we vandaag een nieuw hoofdstuk", besluit de burgemeester.
Niet iedereen deelt optimisme
Oud-mijnwerker Cengiz Sanli kijkt met een andere blik naar het mijnverleden en de hele reconversie van de site.
Hij werkte jarenlang onder de grond en herinnert zich het werk als zwaar, vuil en gevaarlijk. "Dat werk zou vandaag bijna niemand nog willen doen", blikt hij terug. "Toch ging ik elke dag met plezier werken. De sfeer onder de mijnwerkers was uniek." Daarom vocht hij ook mee tegen de sluiting.
"Ik heb aan alle betogingen deelgenomen. We wilden de mijnen openhouden, maar dat is niet gelukt."
Mislukte reconversie
Ook op de reconversie kijkt hij kritisch terug.
"Economisch is er veel gebeurd, maar voor de mijnwerkers zelf veel te weinig. Er is veel geld uitgegeven, terwijl er meer had moeten worden geïnvesteerd in de renovatie van de cités en in de mensen die alles hebben opgebouwd."
Volgens Sanli blijft de armoede in sommige voormalige mijnwijken, zoals Meulenberg, een pijnpunt.
"Het doet pijn dat mensen vandaag nog altijd in slechte woningen leven. Daarom blijf ik me via de KS-Vriendenkring inzetten voor de mijnwerkers en hun pensioenen."
Intussen blijven de 2 schachtbokken over de site waken. Ze herinneren niet alleen aan het industriële verleden, maar ook aan een discussie die bijna 40 jaar na de mijnsluitingen nog altijd leeft: wanneer is een reconversie echt geslaagd?
Volgende week trekken we naar Waterschei. Op de plek waar vroeger steenkool werd ontgonnen, werken vandaag onderzoekers aan de energie van de toekomst.
Regionaal nieuws uit Limburg



