Het aantal reeën en everzwijnen in Vlaanderen is de voorbije decennia sterk toegenomen. Daardoor stijgt ook het aantal aanrijdingen met wild. Dieren die zo’n botsing overleven, vluchten vaak gewond het bos in. Om hen snel op te sporen en verder dierenleed te voorkomen, wordt er beroep gedaan op de Vlaamse Zweethonden Groep. De vzw bestaat dit jaar 40 jaar en ontstond in Oud-Heverlee.
Vlaamse Zweethonden Groep bestaat 40 jaar en spoort jaarlijks 250 gewonde dieren op
Tijdens de zomerse bronstijd steken reeën vaker en roekelozer de weg over. Ook in Vlaams-Brabant neemt het aantal aanrijdingen toe. In Asse steeg het aantal aangereden reeën de voorbije jaren van enkele gevallen per jaar naar een 10-tal gevallen per jaar. Niet elk dier sterft meteen na de botsing. Veel reeën of everzwijnen vluchten nog weg, vaak met zware verwondingen.
Zoete Waters Oud-Heverlee
De Vlaamse Zweethonden Groep zag 40 jaar geleden het licht aan de Zoete Waters in Oud-Heverlee. Daar ontstond het idee om honden specifiek op te leiden om gewond wild op te sporen.
Wat begon als een initiatief van enkele jagers groeide uit tot een door de Vlaamse overheid erkende organisatie met een 20-tal vrijwilligers. Vandaag treden de vrijwilligers op in heel Vlaanderen en voeren ze jaarlijks zo'n 250 interventies uit. Ze staan bovendien 24 op 24 en 7 dagen op 7 paraat.
De zweethonden
De vzw werkt voor het speurwerk met gespecialiseerde honden. “Onze honden worden niet getraind op bloed, maar op het zweetspoor van een gekwetst dier. Dat zijn geurstoffen en stresshormonen die vrijkomen na een verwonding. Als er meerdere dieren samen in een groep lopen en er is er één gekwetst, haalt onze hond dat specifieke dier eruit op basis van zijn typische geur”, vertelt Kevin Knevels, van de Vlaamse Zweethonden Groep.
In tegenstelling tot andere speurhonden die naar mensen of drugs zoeken, negeren zweethonden andere sporen en focussen ze puur op gekwetst wild. Het duurt 1 tot 2 jaar om een hond en zijn begeleider op te leiden. Pas na een officieel examen mogen ze effectief worden ingezet.
Wildafhandelingsgroep
De vrijwilligers treden op onder strikte voorwaarden en met de nodige vergunningen. Dat zorgt soms voor praktische problemen. Wanneer een gewond dier van een jachtdomein naar het openbaar domein vlucht, verschuift ook de bevoegdheid.
Om de samenwerking te verbeteren, werd in de politiezone Druivenstreek de Valwildafhandelingsgroep opgericht. Dat netwerk brengt politie, brandweer, jagers en lokale besturen samen, zodat informatie sneller wordt gedeeld en gewonde dieren sneller kunnen worden opgespoord.
"Binnen jachtdomeinen kunnen wij optreden met toestemming van de beheerder. Op het openbaar domein ligt de bevoegdheid bij de politie. Ons optreden is strikt territoriaal geregeld. Als het dier een verkeerde grens overschrijdt, moeten wij onze actie stopzetten. Daarom hebben we een communicatienetwerk opgezet, zodat iedereen sneller kan samenwerken om dierenleed te beperken", stelt Knevels.
Wat doe je bij een wildaanrijding?
Wie een ree, everzwijn of ander wild dier aanrijdt, zet zijn voertuig veilig aan de kant als dat nodig is en verwittigt de politie. Benader het dier nooit zelf, want een gewond dier kan onverwacht reageren of opnieuw de rijbaan oversteken.
Meld de aanrijding ook via het meldpunt van het Agentschap voor Natuur en Bos. Die gegevens helpen de Vlaamse overheid om probleemlocaties in kaart te brengen en maatregelen te nemen om toekomstige aanrijdingen te voorkomen.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant

