De Verenigde Staten vieren vandaag hun 250-jarig bestaan, ook wel het 'semiquincentennial' genoemd. Daarbij staan ze stil bij een nogal turbulente geschiedenis vol belangrijke evoluties, verwezenlijkingen en tragedies die ook wereldwijd gevolgen hebben gehad. Van de onafhankelijkheidsverklaring over een verwoestende burgeroorlog tot de crash van Wall Street: een overzicht van 250 jaar geschiedenis in 25 belangrijke sleutelmomenten.
250 jaar VS in 25 sleutelmomenten die Amerika en de wereld voor altijd veranderden
Klik op de knoppen om direct naar die eeuw te springen
De Amerikaanse revolutie
De Amerikanen voeren in 1776 al meer dan een jaar oorlog tegen de Britten, die de controle over hun overzeese gebieden willen herwinnen.
Aanvankelijk zoeken de Amerikaanse kolonies meer inspraak in het Britse parlement ("no taxation without representation"), maar de hoop om de banden met het Verenigd Koninkrijk te herstellen verdampt al snel door de vele veldslagen, onder meer in Lexington en Concord (met "het schot dat de hele wereld had gehoord") en aan Bunker Hill.
Op 4 juli komen de vertegenwoordigers van de 13 kolonies samen en ondertekenen ze de Amerikaanse onafhankelijkheidsverklaring. Daarin staat dat iedereen bepaalde "fundamentele rechten heeft, zoals het leven, vrijheid en het streven naar geluk".
Als een overheid die rechten niet gunt aan een volk, krijgt het volk het recht "om die overheid te wijzigen of af te schaffen en een nieuwe regering aan te stellen". De oorlog met de Britten zou pas enkele jaren later eindigen.
Ondertekening Amerikaanse grondwet
De Amerikanen slagen er uiteindelijk in om de Britten te verdrijven. De eerste jaren is het echter zoeken naar een manier om de toekomst van de jonge natie te garanderen.
Aanvankelijk krijgen de staten meer te zeggen door de afkeer van een machtfiguur. Dat leidt echter tot chaos, met een federale overheid die het moeilijk heeft om geschillen tussen gebieden op te lossen of belastingen te innen.
In september 1787 komen Amerikaanse vertegenwoordigers na 4 maanden aan onderhandelingen samen in Philadelphia om een nieuwe grondwet te ondertekenen.
Het legt de scheiding der machten, de rechten van de staten en de samenstelling van het Congres vast. De beginpassage 'We The People' is waarschijnlijk een van de bekendste uit de Amerikaanse geschiedenis.
Enkele jaren later volgt de 'Bill of Rights', met de eerste 10 amendementen die het recht op vrije meningsuiting, op wapendracht en op een juridisch proces garanderen. 250 jaar later is het document uitgebreid tot 27 amendementen.
Louisiana Purchase
In 1803 verdubbelt het grondgebied van de Verenigde Staten met wat de 'Louisiana Purchase' wordt genoemd, ook wel de aankoop van Louisiana.
Louisiana is op dat moment veel meer dan de huidige gelijknamige staat. Het omvat een gebied van zo’n 2,15 miljoen vierkante kilometer, dat zich uitstrekt van de Mississippi-rivier tot aan de Rocky Mountains.
De nog jonge Verenigde Staten kopen het gebied van het Frankrijk van Napoleon Bonaparte, dat het zelf nog maar 3 jaar eerder in een ruil met Spanje had verworven. De manier waarop de VS het enorme territorium bemachtigt, spreekt tot de verbeelding.
De Verenigde Staten waren vooral geïnteresseerd in de haven van New Orleans of destijds Nouvelle Orléans, op dat moment de belangrijkste haven op het Noord-Amerikaanse continent.
Vertegenwoordigers van de VS trekken naar Parijs en stellen aan vertegenwoordigers van Napoleon voor om een bepaalde prijs te betalen om van de haven gebruik te kunnen maken.
Uiteindelijk krijgen ze het hele Louisiana-territorium voor 15 miljoen dollar (wat vandaag zou neerkomen op meer dan 370 miljoen dollar).
Oorlog van 1812
De oorlog van 1812 tussen de VS en het Verenigd Koninkrijk begint om meerdere redenen. Ten eerste willen de Britten de Amerikanen tegenhouden om handel te voeren met Frankrijk onder Napoleon Bonaparte.
Ten tweede worden Amerikaanse zeelieden onder dwang weggehaald van hun schepen om op Britse schepen te werken. En tot slot streven de Amerikanen nog steeds naar gebiedsuitbreiding en lijkt Canada (met zijn 500.000 inwoners) een makkelijk doelwit op de kaart.
Makkelijk blijkt het niet: de Amerikanen lanceren 3 aanvallen op Canada, die allemaal mislukken. Op zee doen de Amerikanen het echter verrassend goed tegen de Royal Navy.
In 1814 trekken de Britten op hun beurt Washington DC binnen, waar ze het Witte Huis en verschillende overheidsgebouwen in brand steken.
Daarna proberen de Britten door te stoten naar de strategisch belangrijke havenstad Baltimore, maar daar worden ze tegengehouden door Fort McHenry aan de ingang van de haven.
De verdediging van het fort zou dichter Francis Scott Key inspireren tot een gedicht dat later is uitgegroeid tot het Amerikaanse volkslied 'The Star-Spangled Banner'.
De oorlog komt uiteindelijk in ons land tot een einde, wanneer de Amerikanen en Britten de Vrede van Gent ondertekenen.
Beide partijen kunnen de overwinning claimen: de Britten omdat ze Canada in handen houden, de Amerikanen omdat ze zich 2 jaar lang hebben verweerd tegen het op papier sterkere Britse leger.
Slag om de Alamo
In 1820 beginnen Amerikanen massaal naar het toen nog Mexicaanse Texas te trekken, onder meer vanwege de goedkope grond. Daardoor moeten de Amerikaanse 'Texians' en Mexicaanse Tejano's in het gebied leren samenleven, wat tot spanningen kan leiden.
De politieke onrust die daaruit voortkomt, vergroot de vraag naar onafhankelijkheid onder Texanen, met de Texaanse Revolutie tot gevolg.
De Mexicanen willen Texas niet uit handen geven en trekken ten oorlog, waarbij ze in 1836 tegenover een groep Texanen en Tejano's komen te staan aan de Alamo, in wat vandaag San Antonio is.
De rebellen houden het 13 dagen uit, maar uiteindelijk kunnen de Mexicanen toch het fort binnendringen. Alle rebellen worden gedood.
Nieuws over de gevechten verspreidt zich snel in Texas. De separatisten gebruiken de slagzin 'remember the Alamo' om de strijd tegen Mexico verder te zetten en verslaan het Mexicaanse leger een maand later.
In 1836 roept Texas zich uit tot onafhankelijke republiek, waarna het zich in 1845 aansluit bij de Verenigde Staten.
Trail of Tears
In een periode van Amerikaanse expansie en grondinname zijn het vooral de inheemse Amerikanen die te lijden hebben. De vele gebroken verdragen tussen de Amerikaanse overheid en inheemse stammen zijn daar een voorbeeld van.
In 1830 ondertekent het Amerikaanse Congres de Indian Removal Act, die de inheemse stammen die zich nog in Amerikaanse staten bevinden verplicht om te verhuizen en ten westen van de rivier Mississippi een nieuw leven op te bouwen.
De Cherokee-Amerikanen in Georgia verzetten zich tegen de verhuizing, maar een paar stamleden zien een strijd tegen de Amerikaanse overheid als verloren moeite. 300 tot 500 leden ondertekenen het Verdrag van New Echota, ondanks protest van 15.000 stamgenoten.
De Amerikaanse Senaat neemt het verdrag toch aan. Een beslissing van het Hooggerechtshof dat de Cherokee recht hebben op zelfbestuur, wordt genegeerd door president Andrew Jackson.
Vrouwen huilen en slaan een treurig gejammer, kinderen huilen en veel mannen huilen… maar ze zeggen niets, laten gewoon hun hoofd hangen en blijven verder trekken naar het westen: er gaan vele dagen voorbij en er sterven heel veel mensen
Getuigenis van een overlevende van de Trail of Tears
Niet alleen de Cherokee, maar ook de Creek, Chickasaw, Choctaw en Seminole moeten vertrekken. In totaal moeten naar schatting meer dan 100.000 mensen een tocht van meer dan 1.000 kilometer afleggen richting wat vandaag Oklahoma en Arkansas is.
Zo'n 15.000 mensen overleven de tocht niet, onder wie naar schatting 4.000 Cherokee. Dat is een vijfde van de volledige Cherokee-bevolking.
Conventie van Seneca Falls, New York
De Founding Fathers schrijven in de onafhankelijkheidsverklaring dat "all men are created equal". Dat geldt nog niet voor: Afrikaanse slaven, maar ook vrouwen. Veel mannen zien een vrouw die zich met politiek bezighoudt als 'onnatuurlijk'.
Het recht om als vrouw te stemmen is er ook nog niet, al wordt er soms een uitzondering gemaakt voor welgestelde weduwes die in de plaats van hun man kunnen stemmen.
Niet iedereen aanvaardt de regels van die tijd. In 1848 organiseren enkele suffragettes (vrouwen die strijden voor stemrecht) onder leiding van Elizabeth Cady Stanton een conventie in Seneca Falls, New York.
Er komen meer dan 300 mensen, onder wie verschillende abolitionisten (mensen die een einde van slavernij nastreven). Stanton leest een speech voor, waarin ze pleit voor "de vrijheid die een man krijgt". Ze brengen ook een 'Declaration of Sentiments' uit, een document dat vrouwen recht geeft op wat de onafhankelijkheidsverklaring aan mannen toekent.
De conventie van Seneca Falls wordt gezien als het begin van de suffragettebeweging in het land, maar ook ver daarbuiten. Het zal echter nog tot 1920 duren voor vrouwen stemrecht krijgen, wat wordt vastgelegd in het 19e Amendement.
Amerikaanse burgeroorlog
Amerika is in de jaren 60 van de 19e eeuw verdeeld in een noordelijk en zuidelijk deel. De noordelijke, federale Verenigde Staten zijn hoofdzakelijk Republikeins en worden geleid door president Abraham Lincoln. De zuidelijke staten zijn voornamelijk Democratisch en hebben Jefferson Davis aan het hoofd staan.
Beide regio's staan lijnrecht tegenover elkaar, niet alleen politiek. Het Republikeinse noorden wil de slavernij afschaffen, terwijl het Democratische zuiden fel gekant is tegen een afschaffing van de slavernij.
Dat is niet alleen een zaak van altruïsme vanuit het noorden. Die laatsten zijn toen al grotendeels industrieel georiënteerd en vertrouwen op geschoolde krachten, terwijl de zuidelijke staten vooral landbouwstaten zijn die teren op de slaven voor hun katoenpluk. En er speelden nog meer economische motieven mee.
De zuidelijke staten verklaren zich vanaf eind 1860 onafhankelijk van de Verenigde Staten. Zo begint een bloedige burgeroorlog die zowel voor noord als zuid enorme menselijke verliezen betekent.
Meer dan 3 miljoen mensen nemen deel aan de gevechten. Maar liefst 610.000 militairen uit het noorden komen om of raken gewond, tegenover 450.000 slachtoffers in het zuiden. Bij de Slag om Gettysburg in Pennsylvania zijn meer dan 50.000 slachtoffers geteld. Uiteindelijk wint het noorden, nadat de confederale generaal Robert E. Lee in Virginia de overgave ondertekent.
Na de burgeroorlog neemt het Amerikaanse Congres ook het 13e Amendement aan, dat officieel een einde brengt aan de slavernij in het land. Het 14e Amendement beschermt voormalige slaven dan weer tegen discriminatie en geeft hen het Amerikaanse burgerschap.
Ook vandaag resoneert de Amerikaanse burgeroorlog. Er zijn discussies of standbeelden van confederale figuren nog een plek hebben in de maatschappij. Enkele jaren geleden halen heel wat staten die standbeelden weg, wat tot protest leidt onder radicaal-rechtse groeperingen.
Denk aan de tragedie van Charlottesville in 2017. Sinds de terugkeer van Donald Trump zijn verschillende standbeelden echter ook teruggeplaatst .
Overstroming van Johnstown, Pennsylvania
Het is al uren hard aan het regenen wanneer de South Fork Dam in Pennsylvania het op 31 mei 1889 begeeft. Meer dan 20 miljoen ton water stroomt weg naar de lager gelegen vallei en richting het stadje Johnstown. Huizen, bomen en alles wat vaststaat, wordt weggevaagd. Niet veel later volgt een brand.
Het dodental: 2.209 mensen, onder wie zo'n 400 kinderen. 99 volledige gezinnen zijn het slachtoffer van de overstroming. Sommige lichamen zijn honderden kilometers verder teruggevonden. Tot de terroristische aanval van 9/11 blijft de overstroming de dodelijkste ramp op Amerikaans grondgebied.
Schade in Johnstown
De bewoners kijken eerst naar de eigenaar van de dam, de South Fork Fishing and Hunting Club, waar heel wat rijke Amerikanen hun weekend doorbrengen.
Rechtszaken hebben echter nooit een voet aan de grond gekregen. De club beweert dat de ramp een 'act of god' was. Verschillende welgestelde leden - onder wie Andrew Carnegie - hebben wel geld gedoneerd om de heropbouw te financieren.
'Plessy v. Ferguson'
Sinds de Amerikaanse Burgeroorlog heeft het Congres verschillende wetten en Amendementen aangenomen die de rechten van de zwarte Amerikanen moeten garanderen.
Toch blijven zuidelijke staten eigen wetten opstellen die segregatie op basis van ras behouden, bekend als de 'Jim Crow'-wetten.
In 1890 neemt Louisiana een wet aan die aparte treinwagons voorziet voor zwarte en witte reizigers. Wanneer Homer Plessy - die een achtste zwart is - plaatsneemt in een wagon voor witte mensen, arresteert de politie hem.
Er start een rechtszaak tegen de wetgeving van Louisiana, maar het Amerikaanse Hooggerechtshof oordeelt in 'Plessy v. Ferguson' dat die grondwettelijk is.
"Het 14e amendement had tot doel absolute gelijkheid voor de rassen voor de wet vast te leggen, maar stelde dat een afzonderlijke behandeling niet betekende dat Afro-Amerikanen minderwaardig waren", klinkt het.
Zo blijft een 'separate, but equal'-doctrine nog decennialang van toepassing in zuidelijke staten. Het zorgt voor aparte toiletten, drinkfonteinen, scholen en nog veel meer.
Aanval op RMS Lusitania
De Amerikanen zijn bij de start van de Eerste Wereldoorlog niet geneigd om zich bij een partij aan te sluiten. Een groot deel van het volk ziet de oorlog als een Europees conflict en wil neutraal blijven.
De Amerikanen kunnen wel geld slaan uit de oorlog, onder meer door voedsel, materiaal en munitie te leveren aan de Britten.
Toch zullen de Amerikanen zich uiteindelijk aansluiten bij de geallieerden, onder meer door de aanval op de Lusitania. Wanneer het Britse passagiersschip in 1915 zich nabij de Ierse kust bevindt, wordt het door een Duitse onderzeeër aangevallen. Het schip krijgt een torpedo in de boeg en zinkt in amper 18 minuten.
Van de bijna 2.000 opvarenden zijn er bijna 1.200 omgekomen, onder wie 128 Amerikanen. Dat veroorzaakt ontsteltenis bij de Amerikaanse bevolking en doet de roep tot oorlog aanzwellen.
Crash van Wall Street
Voorafgaand aan de crash hebben onze grootouders en overgrootouders genoten van de 'Roaring Twenties', waarbij de charleston en jazz, dans- en filmzalen en de radio het leed van de oorlog van 1914-1918 moesten doen vergeten.
De welvaart neemt hand over hand toe, maar ook speculatie. In die jaren stijgt de Dow Jones-index van de beurs van Wall Street met een vijfvoud, vooral wanneer ook de gewone man geld gaat lenen om massaal te beleggen. De illusie dat aandelen enkel stijgen in waarde, heeft iedereen in zijn greep. De banken lenen gemakkelijk geld en schuldenbergen groeien.
Dan komt 'Black Thursday': op 24 oktober 1929 daalt de Dow Jones plotseling scherp en begint iedereen in paniek te verkopen. Het wordt nog erger: 28 en 29 oktober 1929 gaan de geschiedenis in als 'Black Monday' (-13 procent) en 'Black Tuesday' (-12 procent). Op die 2 dagen alleen gaat 25 miljard dollar - gelijk aan meer dan 319 miljard dollar in onze tijd - aan beurswaarde verloren.
Een poging van bankiers om het tij te keren door massaal te kopen, mislukt. In juli 1932 staat de Dow op het laagste peil van de 20e eeuw. Eind 1930 breidt de crisis zich ook uit naar Europa en de rest van de wereld.
De kredietverlening droogt op en banken, bedrijven en mensen gaan massaal bankroet. De overheden lijken machteloos om de neergang te stoppen. Wel grijpen ze terug naar protectionisme, wat de internationale handel verder doet afkalven. Het zal tot november 1954 duren vooraleer de index opnieuw op het peil van september 1929 komt.
New Deal van FDR
Politiek profiteren autoritaire groepen zoals fascisten en communisten van de wanhoop na de beurscrash van Wall Street. In Amerika redt president Franklin D. Roosevelt (FDR) de democratie met zijn 'New Deal'.
Onze belangrijkste taak is om mensen aan het werk te krijgen: dit is geen onoplosbaar probleem, als we het verstandig en moedig aanpakken
Hij reguleert de banken om ontsporingen te vermijden en kiest voor grootschalig overheidsingrijpen in de economie, onder meer met grote en kleine infrastructuurwerken.
Er komen in het hele land nieuwe scholen, openbare zwembaden, bibliotheken, snelwegen en gerechtsgebouwen, wat miljoenen werklozen toch aan een baan helpt. De werkloosheid daalt van 23 procent in 1933 tot 12 procent in 1940.
De New Deal is niet altijd even succesvol, maar heeft toch heel wat korte- en langetermijngevolgen. Op korte termijn helpt het de mensen uit de nood die te lijden hebben onder armoede, als gevolg van de beurscrash en massale ontslaggolven. Op lange termijn is het een precedent voor de Amerikaanse overheid om in te grijpen in de economie.
Atoombommen op Hiroshima en Nagasaki
Na meer dan 5 jaar oorlog over de hele wereld en vele honderdduizenden doden, komen de Amerikanen in 1945 steeds dichter bij een overwinning in de Stille Oceaan. De tactiek van 'island hopping' blijkt te werken, maar is ook uitputtend en dodelijk.
Na de inname van Iwo Jima (7.000 doden) en Okinawa (12.000 doden) wil het Amerikaanse leger en de Amerikaanse president Harry Truman een snel einde aan de oorlog, geen ingewikkelde invasie van het Japanse vasteland.
Om de Japanners op de knieën te dwingen, besluiten de Amerikanen een nieuw wapen in te zetten: de atoombom. Ze laten die eerst vallen op Hiroshima, 3 dagen later op Nagasaki.
De verwoesting door de intense hitte en schokgolf is onbeschrijfelijk: naar schatting 118.000 mensen komen om het leven en nog vele tienduizenden andere raken gewond. En dan zijn er nog de vele mensen die de gevolgen moeten dragen van de radioactieve straling.
Atoombommen op Japan
Enkele dagen later kondigt Japan de overgave aan. Aan de slachtoffers van Hiroshima en Nagasaki wordt nauwelijks aandacht besteed. Net zoals de slachtoffers van de bombardementen op Duitsland behoren ze tot het vijandige kamp en zijn ze zelf schuldig aan hun lot. Het duurt bijna een jaar, tot de overwinningsroes voorbij is, voor de westerse pers echt belangstelling krijgt voor wat er in de getroffen steden is gebeurd.
Marshall-plan
Na de Tweede Wereldoorlog blijft een groot deel van Europa verwoest achter, met hoge werkloosheid, armoede en voedselonzekerheid onder inwoners.
Met een gebrek aan toekomstperspectief willen de Amerikanen vermijden dat de Europese landen zich tot het communisme keren, ook bekend als "het Rode Gevaar".
De Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken George Marshall komt met een grootschalig plan om de heropbouw van Europa te verzekeren. De Amerikanen maken maar liefst 12 miljard dollar vrij, wat wordt verdeeld onder de Europese landen.
België en Luxemburg ontvangen samen bijna 550 miljoen dollar. Het Verenigd Koninkrijk, Frankrijk Italië en West-Duitsland krijgen het grootste deel van het hulppakket.
Het Marshall-plan brengt de industrialisatie en heropbouw van Europa op gang. Het is ook een belangrijke stimulant voor de Amerikaanse economie, die voor langere tijd verzekerd is van Europese handelspartners en afnemers van producten.
De Amerikanen staan initieel open voor hulp aan Oost-Europese landen en de Sovjet-Unie, maar die laatste vreest te veel Amerikaanse invloed in zijn satellietstaten. De Koude Oorlog komt in die periode steeds meer op gang.
Cubacrisis
De wereld is nooit zo dicht bij een kernoorlog gekomen als tijdens de Cubacrisis. Na de mislukte invasie van de Varkensbaai blijft de Amerikaanse regering Cuba goed in de gaten houden, onder meer door tijdens verkenningsvluchten foto's te maken van militaire domeinen.
Tijdens een van die vluchten fotografeert het leger verschillende ballistische kernraketten: het Witte Huis van John F. Kennedy gaat in crisismodus.
De president stuurt een brief naar Sovjet-leider Nikita Chroesjtsjov en kondigt een 'quarantaine' af tegenover Cuba. DEFCON-2 wordt afgekondigd: de Verenigde Staten bereiden zich voor op oorlog en denken na over een invasieplan.
Wij beschouwen elke kernraket die vanuit Cuba op een land in het westelijk halfrond wordt afgevuurd als een aanval van de Sovjet-Unie op de Verenigde Staten, die een volledige vergeldingsactie vereist
Uiteindelijk komen beide partijen toch tot een akkoord. De Sovjet-Unie ontmantelt de wapens op Cuba en neemt ze terug mee over de oceaan, terwijl de VS belooft om Cuba niet aan te vallen en raketten in Turkije weg te halen.
Als gevolg van de crisis en om sneller contact te kunnen leggen, is later een rechtstreekse telefoonlijn tussen Washington en Moskou ingelegd, ook bekend als de 'hotline'.
March on Washington
Op woensdag 28 augustus 1963 komen honderdduizenden Amerikanen op straat in de hoofdstad Washington, om te pleiten voor werk en gelijke burgerrechten voor Afro-Amerikanen.
Naar schatting zijn 200.000 tot 300.000 mensen aanwezig. Het is nog altijd een van de grootste mensenrechtenbetogingen ooit in de Amerikaanse geschiedenis.
Na de mars houdt de bekende zwarte dominee Martin Luther King Jr. voor het Lincoln Memorial zijn wereldberoemde toespraak "I have a dream" .
Daarin doet hij een oproep om een einde te maken aan het racisme in zijn land. De March on Washington leidt tot enkele belangrijke burgerrechtenwetten, zoals de Civil Rights Act in 1964 en de Voting Rights Act in 1965.
Bloedbad van My Lai
De strijd tussen Noord- en Zuid-Vietnam is al meer dan 10 jaar bezig wanneer het bloedbad van My Lai plaatsvindt. De Amerikanen krijgen in maart 1968 berichten binnen dat in dat dorp strijders zitten van de Vietcong, de communistische guerrillabeweging.
Tientallen militairen van de Charlie Company trekken My Lai binnen met als opdracht Vietcongstrijders uit te schakelen. Ze treffen er bejaarden, vrouwen en kinderen aan.
De verklaringen van wat volgt variëren, maar de militairen openen het vuur op de inwoners. Ze slachten de bewoners een voor een af. Aan de moordpartij komt pas een einde wanneer een Amerikaanse gevechtshelikopter tussen de soldaten en de overlevende burgers landt.
Schattingen variëren tussen de 300 en de 500. Slechts een handvol inwoners van My Lai weet het bloedbad te overleven.
Stonewall Inn-rellen
Op 27 juni 1969 valt de politie binnen in de Stonewall Inn, een homobar in Manhattan. Zulke invallen gebeuren wel vaker: vaak pakken de agenten enkele mensen op en laten ze die nadien weer vrij, maar die avond verloopt anders.
De klanten blijven staan en gaan in tegen de politie, die hard optreedt. Ze slaan de bar kort en klein en drijven de klanten naar buiten, maar die gooien met flessen en stenen naar de politie. De menigte zwelt aan tot 2.000, maar de politie kan slechts 13 mensen oppakken.
De Stonewall Inn gaat de volgende dag opnieuw open, opnieuw komt de politie langs en opnieuw volgen er rellen. Zo wordt de Stonewall Inn een symbool voor de LGBTQ-gemeenschap, die strijdt voor meer rechten en erkenning.
Een jaar na de eerste rellen wordt de Christopher Street Gay Liberation Day-mars georganiseerd. Sindsdien vindt elk jaar een Pride-mars plaats in de stad.
Eerste maanlanding
De maanlanding past binnen de ruimterace die tussen de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie plaatsvindt. Beide naties willen hun kunnen tonen en het onmogelijke bereiken: de mens op de maan zetten. De Russen zijn met Yuri Gagarin de eersten die de aarde verlaten, maar de Amerikanen blijven niet achter.
Op 16 juli 1969 stijgt Apollo 11 op aan de basis Cape Canaveral. Aan boord zitten Neil Armstrong, Buzz Aldrin en Michael Collins. Enkele dagen later, op 20 en 21 juli 1969, zullen ze geschiedenis schrijven.
Niet alleen landen 2 van hen als eerste mensen ooit op de maan, ze maken ook een wandeling op het maanoppervlak. De wereld kijkt met ingehouden adem toe. De zin "it’s one small step for man, one giant leap for mankind" staat sindsdien in zowat alle geschiedenisboeken, al zijn er nog steeds mensen die niet geloven dat het ooit is gebeurd.
Rodney King-protesten
In Los Angeles slaan 5 agenten in Los Angeles een zwarte man in elkaar op straat. Het gaat over Rodney King, die eerder al veroordeeld was voor een overval. De agenten slaan en schoppen hem na een lange achtervolging meer dan 60 keer.
Een buurtbewoner kan de gebeurtenis filmen en biedt de beelden aan bij televisiestation KTLA. Het roept enorme verontwaardiging op in de stad.
Wanneer de agenten na een rechtszaak worden vrijgesproken, staat de stad letterlijk in brand. Zwarte inwoners van South Central Los Angeles koelen hun woede op auto’s, winkels en pakhuizen.
Vooral Koreaanse kruidenierszaken moeten het ontgelden in de zwaarste rassenrellen die Amerika sinds de jaren 60 heeft gezien, maar ook blanken en Latino’s worden in een wraakzuchtige razernij aangevallen en in elkaar geslagen. Meer dan 1.000 gebouwen gaan in vlammen op en 53 mensen laten het leven.
Rodney King-rellen
9/11
De terreuraanvallen van 11 september 2001 blijven tot de meest tragische gebeurtenissen in de Amerikaanse geschiedenis behoren.
2 vliegtuigen boren zich die dag in de WTC-torens in New York, waar duizenden mensen aan het werk zijn. Niet veel later storten die torens ook in, met bijna 3.000 doden tot gevolg. Ook in de buurt van het Pentagon en in een veld in Pennsylvania storten vliegtuigen neer.
President George W. Bush start na 9/11 de 'War on Terror'. De Amerikanen vallen Afghanistan binnen met hulp van hun NAVO-bondgenoten, om de Taliban in het land te bestrijden. Niet veel later volgt ook Irak.
Het zou echter nog tot 2011 duren voor de Amerikanen Al-Qaeda-leider Osama Bin Laden vinden in een zwaarbewapend huis in Pakistan. Op bevel van president Barack Obama start een militaire operatie, waarbij Bin Laden wordt gedood.
Financiële crisis
Sinds de jaren 80 en 90 is de financiële sector in de VS fors gedereguleerd. Daardoor ontstaan grote bank-verzekeraars die de markt beheersen en via stevige lobby's zowel de Republikeinse als de Democratische partij kunnen beïnvloeden.
In 1999 wordt onder president Bill Clinton het laatste restant van de Glass-Steagall-wet opgeheven. Daarmee vervallen de in 1933 ingevoerde schotten tussen gewone spaarbanken en risicovolle zakenbanken zoals Goldman Sachs, Morgan Stanley, Merrill Lynch, Lehman en Bear Stearns.
De poorten voor grote risicovolle, maar potentieel erg winstgevende activiteiten zwaaien steeds verder open. Een daarvan is de toekenning van torenhoge hypotheken aan mensen die zich dat niet of nauwelijks kunnen veroorloven: de beruchte 'subprime mortgages', ook bekend als rommelkredieten.
De woningprijzen in de VS stijgen zo tot ongekende hoogten en de risico's worden verzekerd en doorgeschoven naar de zakenbanken die de rommelkredieten wereldwijd herverpakken en doorverkopen tot afgeleide beleggingsproducten.
Die worden alsmaar complexer en ondoorzichtiger, maar krijgen toch hoge ratings van de kredietbeoordelaars Moody's, S&P en Fitch. Zo worden globaal ketens van wankele dominostenen gebouwd. Tenslotte gaan sommige zakenbanken zoals Goldman Sachs dan nog eens speculeren tegen die producten die ze hun eigen klanten hebben aangesmeerd.
Zoiets is niet vol te houden: in de zomer van 2007 is de onrust groot genoeg om de beurskoersen op Wall Street fors te laten dalen. De vastgoedprijzen kelderen en eerst de kleine, dan de middelgrote banken komen in de problemen. Zo krijgt Amerika de zwaarste financiële crisis sinds de Depressie van de jaren 30 van de 20e eeuw.
'Obergefell v. Hodges'
In 2015 oordeelt het Amerikaanse Hooggerechtshof in de zaak 'Obergefell v. Hodges' dat koppels van hetzelfde geslacht het recht hebben om te trouwen. De rechters baseren zich daarvoor onder meer op de Equal Protection Clause binnen het 14e Amendement van de Amerikaanse grondwet.
De uitspraak brengt de legalisering van het homohuwelijk in alle 50 staten van de VS met zich mee. Sindsdien zijn bijna 600.000 koppels van hetzelfde geslacht in de VS in het huwelijksbootje gestapt.
Terugtrekking uit Afghanistan
Na bijna 20 jaar oorlog komt er in 2021 een einde aan het conflict met de Taliban in Afghanistan. President Joe Biden kondigt eerst aan dat alle Amerikaanse soldaten zich uiterlijk tegen 11 september en zonder voorwaarden uit Afghanistan zullen terugtrekken.
De Afghaanse regering en het Afghaanse leger zouden er klaar voor moeten zijn om de strijd tegen de Taliban verder te zetten, maar dat blijkt niet waar: Biden vervroegt de terugtrekking naar eind augustus, maar op 15 augustus hebben de Taliban de hoofdstad Kaboel al veroverd.
Er ontstaat massale paniek onder Afghaanse burgers, die het land willen verlaten. Verschillende landen, onder meer België, zetten evacuatievluchten op poten. Die evacuatie verloopt echter niet van een leien dakje.
Bij een terroristische aanval in Kaboel komen tientallen Afghanen en 13 Amerikaanse militairen om het leven. Terreurgroep IS eist de aanval op. Na de terugtrekking komt er heel wat kritiek op Joe Biden.
De Taliban zwaait niet alleen de plak, maar er blijft ook heel wat NAVO-materiaal achter in Afghanistan, dat te zwaar is om terug mee te nemen. Volgens de westerse troepen is dat materiaal wel onklaar gemaakt, al blijkt later dat de Taliban toch heel wat materiaal kunnen gebruiken.














