Naar hoofdinhoud
De fototentoonstelling 'IMAGINE' van Indra Laenens trekt vanaf november rond door de Belgische mijnen.

Belgische mijnen werken samen aan fototentoonstelling: voorbode van UNESCO-erkenning voor het Limburgse mijnerfgoed?

Artikel luisteren
4min
Meer info

Voor het eerst slaan alle historische mijnsites in ons land de handen in elkaar. Een reizende fototentoonstelling brengt 200 jaar mijnindustrie in beeld. "De mijngeschiedenis is immers geen lokaal fenomeen, maar een nationaal Belgisch gegeven." En mogelijk is dit de eerste stap naar een UNESCO-erkenning van het Limburgse mijnerfgoed.

Elian Pergola
Gepubliceerd:

Op 22 november 2026 vormt C-Mine in Genk het decor voor een historische première. De reizende tentoonstelling 'IMAGINE: Mining History Re-Imagined' moet 200 jaar mijngeschiedenis in ons land in beeld brengen.

Het is de 1e keer dat alle mijnsites de handen ineen slaan. "Het is net alsof we elkaar herontdekken", zegt initiatiefnemer Paul Boutsen van vzw Het Vervolg. "Het is dus een experiment met een vormentaal om de geschiedenis te kunnen vertellen aan de volgende generatie." 

Historische scènes

Voor dat experiment trok fotograaf Indra Laenens door alle mijnsites in ons land. "De tentoonstelling gaat vooral over de mens in de geschiedenis van de mijnen", gaat Boutsen verder. "We vonden dat we daarin meer aandacht mochten hebben voor de gezinnen en de vrouwen van de mijnwerkers."

Indra Laenens portreteert zichzelf voor "IMAGINE" in historische contexten van de mijnen.

Laenens deed voor de tentoonstelling jarenlang archiefonderzoek naar de geschiedenis van de Belgische steenkoolmijnen. Zo kon hij historische scènes nabootsen in de authentieke decors van de musea. Daarin plaatste hij zichzelf - vaak in veelvoud - als portret. 

In Wallonië zien ze de Limburgse mijnen als een logische uitloper van hun eigen industriële geschiedenis. Dat is logisch: we hebben één verhaal

Paul Boutsen, vzw het Vervolg

Het resultaat is een collectie van grootformaat zwart-witbeelden die 2 eeuwen aan mijnbouw overspant. "Het is een fantastisch project om als startende fotograaf aan te mogen meewerken", verklaart Laenens daarover. "Ik heb al wat werken mogen tentoonstellen, maar dit is van een ander formaat." Volgens Laenens is er interesse geuit vanuit het buitenland om de tentoonstelling over te nemen, al is dat nog niet officieel bevestigd.

Samenwerking over de taalgrens

De samenwerking tussen de 7 mijnsites is uniek. Het gaat over de Waalse zwaargewichten Blegny Mine en Bois du Cazier, en de Limburgse pioniers uit Beringen, Waterschei en Eisden. Hoewel de mijnindustrie één geschiedenis kent, die al begon bij Napoleon Bonaparte, werken moderne musea vaak op hun eigen eiland.

De wetten van Napoleon in de mijn

Op 21 april 1810 keurde Napoleon Bonaparte een decreet goed waarmee hij de exploitatie van de ondergrond, en dus de mijnen, onder het gezag plaatste van de Franse keizer. Zo verwierf die laatste de eigendomsrechten van de steenkoolvoorraden. 

Omdat het Belgische rechtssysteem grotendeels gebaseerd is op het systeem van Napoleon, moesten Belgische, industriële mijnbouwers toestemming krijgen van de overheid om steenkool te mogen ontginnen. Los van wie de bovengrond dus bezat, waren alle delfstoffen exclusief bezit van de staat.

"De mijngeschiedenis is immers geen lokaal fenomeen, maar een nationaal Belgisch gegeven", merkt Boutsen op. "In Wallonië zien ze de Limburgse mijnen als een logische uitloper van hun eigen industriële geschiedenis. Dat is logisch: we hebben één verhaal."

UNESCO-erkenning voor Limburgse mijnerfgoed?

Met deze, voorlopig eerste, samenwerking willen de musea hun lokale verhaal verbreden en verdiepen tot een gezamenlijk Belgisch epos. Volgens Boutsen is dat de enige manier waarop het mijnerfgoed in Limburg erkend kan worden als UNESCO-werelderfgoed. 

De voormalige mijnsite van Beringen is de grootste industriële erfgoedsite in Vlaanderen en uniek in Europa.

"De 4 Waalse sites zijn het idee sterk genegen om hun UNESCO-erkenning te openen voor het Limburgse mijnerfgoed", zegt hij. De voormalige mijnen van Wallonië zijn immers al erkend als werelderfgoed. Een erkenning van de Limburgse mijnen apart is al onderzocht en bleek niet mogelijk.

Naast de Waalse mijnen, klinkt ook het Limburgs Regionaal Landschap Kempen en Maasland positief. Zij coördineren het mijnerfgoed via haar toeristische werking. "De beslissing ligt uiteindelijk bij de Vlaamse en Waalse minister van Erfgoed. Als die elkaar vinden in het dossier, kan het allemaal relatief snel gaan", besluit Boutsen. 

LUISTER

Regionaal nieuws uit Limburg

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"