In Texas is een man veroordeeld tot een celstraf van 100 jaar nadat hij een politieagent had neergeschoten tijdens een anti-ICE-demonstratie. Ook 7 andere demonstranten kregen straffen tussen 30 en 70 jaar voor hun rol in het protest, alles samen goed voor 450 jaar cel. Volgens de rechter maken de activisten deel uit van Antifa. President Trump bestempelde die antifascistische beweging als een binnenlandse terreurorganisatie.
450 jaar cel voor 8 demonstranten na anti-ICE-protest in Texas waarbij agent is neergeschoten
De 8 demonstranten namen vorig jaar tijdens de nationale feestdag op 4 juli deel aan een protest bij het detentiecentrum van immigratiedienst ICE in Alvadaro, Texas. De groep stak vuurwerk af en spoot graffiti op auto's en een controlepost bij het centrum.
Toen plaatselijke agenten de groep wilden verjagen, opende de 32-jarige Benjamin Hanil Song het vuur. Een politieagent raakte gewond aan de nek.
Volgens Song gebruikte hij het pistool uit zelfverdediging. Hij verklaarde dat de agent met getrokken wapen op een aantal demonstranten afkwam en dat hij ervan overtuigd was dat de agent een andere activist ging neerschieten.
"Absurde" straffen
Gisteren veroordeelde de rechter Song tot een celstraf van 100 jaar. Volgens het Amerikaanse ministerie van Justitie (DOJ) eiste de aanklager een minimumstraf van 20 jaar cel.
Ook 7 andere demonstranten kregen opvallend zware celstraffen, van 30 tot 70 jaar. De rechter voordeelde hen voor verschillende feiten, waaronder het gebruik van wapens en explosieven, en het verlenen van materiële steun aan terroristen. Enkele andere verdachten wachten nog op hun vonnis.
Volgens Barbara McQuade, een voormalige federale aanklager onder de ex-president Barack Obama, zijn de straffen uitzonderlijk lang. Zij stelt dat de rechter afzonderlijke straffen bij elkaar heeft opgeteld, terwijl rechters die normaal tegen elkaar afwegen. Ook de familie van de veroordeelden noemt de straffen "absurd".
Antifa
De aanklager beschuldigt de demonstranten ervan lid te zijn van de "linkse militante groep Antifa". De veroordeelden zelf ontkennen dat. Volgens hen wilden ze met de betoging immigranten steunen en protesteren tegen het anti-immigratiebeleid van president Trump.
Trump ligt al langer op ramkoers met Antifa. Volgens hem zit de beweging achter gewelddadige confrontaties met de politie, georganiseerde rellen en aanvallen op immigratie- en douaneambtenaren. In september bestempelde hij de antifascistische beweging via een presidentieel decreet als een binnenlandse terreurorganisatie.
Critici stellen daarentegen dat Antifa geen georganiseerde organisatie is, maar een verzamelnaam voor losse groepen en individuen die zich verenigen rond een antifascistische ideologie. Volgens hen gebruikt Trump de term vooral als een verzamelbegrip voor fel protest tegen zijn beleid.
"De veroordelingen van vandaag tonen dat Antifa-terroristen die de politie en federale instellingen aanvallen, snel en zonder compromis voor de rechter zullen worden gebracht", reageerde waarnemend minister van Justitie Todd Blanche op het vonnis.

