Naar hoofdinhoud
De eerste Italiaanse arbeidsmigranten sliepen in 1947 "barakken", zoals in dit barakkenkamp van Winterslag.

'Een mijnwerker voor een zak steenkool': 80 jaar geleden tekenden België en Italië een arbeidsdeal die Limburg voorgoed hertekende

Artikel luisteren
8min
Meer info

Exact 80 jaar geleden tekenden België en Italië een arbeidsdeal, waardoor zo'n 50.000 Italiaanse gastarbeiders naar België verhuisden. De deal van 1946 veranderde Limburg voorgoed. De Italiaanse gemeenschap groeide uit tot een onmisbaar onderdeel van de Limburgse identiteit. Maar de geschiedenis van die gemeenschap was niet altijd even rooskleurig. 

Elian Pergola
Gepubliceerd:

Samenvatting:

  • Op 23 juni 1946 sloot België een arbeidsdeal met Italië: in ruil voor 200 kg steenkool per gewerkte dag en per mijnwerker stuurde Italië 50.000 arbeiders naar de Limburgse mijnen. De deal, door Italianen 'per un sacco di carbone' genoemd, luidde decennialang een grote migratiegolf in.

  • De eerste Italiaanse mijnwerkers leefden in mensonwaardige omstandigheden: houten barakken zonder verwarming of hygiëne, oorspronkelijk gebouwd voor Duitse krijgsgevangenen. Pas na de mijnramp van Marcinelle in 1956, waarbij 136 Italianen zijn omgekomen, kwamen er expliciete afspraken over betere huisvesting.

  • 80 jaar later telt Limburg ruim 33.000 inwoners met Italiaanse roots. De Italiaanse gemeenschap groeide uit tot een vast onderdeel van de Limburgse identiteit, van de levendige Vennestraat in Genk tot Italobelgische artiesten die optreden op de plekken waar hun vaders ooit de mijn ingingen.

In de nasleep van de Tweede Wereldoorlog lag de Belgische economie stil. De eigen bevolking meed het zware en gevaarlijke werk in de steenkoolmijnen, terwijl net dat volgens toenmalig premier Achiel Van Acker (Belgische Socialistische Partij) het economisch herstel moest aandrijven. Daarom sloot de Belgische overheid op 23 juni 1946 een arbeidsdeal met Italië. 80 jaar later zijn de overblijfselen van de kolenslag niet meer uit het Limburgse straatbeeld weg te denken. 

Van Ackers kolenslag was even simpel als hard. Italië zou 50.000 arbeidskrachten richting de Belgische mijnen sturen in ruil voor 200 kilogram steenkool per gewerkte dag, per mijnwerker. 'Per un sacco di carbone' werd de arbeidsdeal onder de Italianen gedoopt. Een arbeider voor een zak steenkool, dus.

De schachtbokken van Winterslag kan je vandaag nog steeds bezoeken in C-Mine in Genk.

Het luidde de start in van een arbeidsgolf die decennialang duizenden Italianen richting de Limburgse mijngemeenten stuurde. Het hertekende de demografie – en daarmee ook de ziel – van de provincie voorgoed. Volgens cijfers uit 2025 hebben ruim 33.000 Limburgse inwoners Italiaanse roots: een aantal dat nog ieder jaar toeneemt. 

De barakken

Toch was de ontvangst van de eerste Italiaanse arbeidsmigranten op z'n zachtst gezegd sober te noemen. De eerste minatori – Italiaans voor mijnwerkers – werden ondergebracht in de houten barakken die tijdens WOII voor Duitse krijgsgevangenen waren gebruikt. De levensomstandigheden waren mensonwaardig. 

Belgische barakken type Adrian in Zwartberg.

De barakken waren immers opgetrokken uit hout, karton en golfplaten op een ondergrond van ruw cement. Hoewel de mijnwerkers werden voorzien van bed en brood, was er van enige hygiëne nauwelijks sprake. De zuiderse bewoners waren constant op hun hoede voor ratten en maakten ijskoude winters door zonder verwarming in de barakken. 

Omdat het aantal Italiaanse arbeiders tijdens de jaren 50 veel sneller steeg dan de officiële deals voorspelden, bleven deze barakken nog tot diep in de jaren 60 in gebruik als noodopvang. Op expliciete afspraken over betere huisvesting voor de Italiaanse migranten was het wachten tot na de mijnramp van Marcinelle in 1956.

Vennestraat

De migranten die in de jaren 50 naar België afzakten, kwamen in een reeds bestaande (maar beperkte) Italiaanse gemeenschap terecht. In de jaren 20 waren er namelijk al enkele Italianen overgekomen om te werken in de Waalse mijnen. Toen in Limburg de steenkoolnijverheid toenam, lieten sommige Italianen Wallonië achter zich.

Om aan het tekort aan huisvesting tegemoet te komen, richtten enkele ondernemende Italianen van die 1920-generatie zogenoemde 'logementshuizen' op. Dat was een plek waar de mijnwerkers samen sliepen in grote slaapzalen, en voor of na de werkpost een Italiaanse maaltijd konden nuttigen. 

De logementshuizen schoten als paddenstoelen uit de grond om het grote aantal Italianen op te vangen in Genk. Het was de aanzet voor de huidige Vennestraat. Vandaag een levendige, multiculturele straat vol culinaire hoogstandjes en superettes, veelal met een Italiaanse twist. 

Gedaan met de deal, niet met Italianen

Tegen 1956 vormden de Italianen met ruim 28.000 werkkrachten in de Limburgse mijnen de grootste migrantengroep. Dat was destijds ongeveer 40 procent van het totale aantal migranten. En toen vond de mijnramp van Marcinelle in Wallonië plaats waarbij 262 kompels het leven lieten, waarvan 136 Italianen. 

Bij de mijnramp van Marcinelle kwamen 136 Italiaanse gastarbeiders om het leven.

De ramp van Marcinelle was misschien wel de grootste in dodenaantal, maar lang niet de eerste. De vrees voor de gevaren onder de grond was in Limburg eerder al werkelijkheid geworden: in 1952 kwamen 23 mijnwerkers om het leven bij een zware gasontploffing in de mijn van Zwartberg, gevolgd door 3 andere zware ongevallen in 1953 alleen al.

Dat zorgde ervoor dat België en Italië op diplomatieke ramkoers kwamen met elkaar: in 1951 zakte staatssecretaris voor emigratie Rinaldo Del Bo naar België af met een heel specifieke opdracht: de diplomatieke druk opvoeren voor betere veiligheidsvoorwaarden en menswaardige huisvesting. Del Bo nam tijdens zijn missie een cohorte aan journalisten mee waardoor hij handig de publieke opinie bespeelde. 

BEKIJK
Vicchio Nicolino trok in 1963 naar Limburg om er in de mijnen te werken

De wantoestanden van de Belgische steenkoolmijnen kregen daardoor internationale persaandacht. Del Bo won het vertrouwen van de Italiaanse kompels, terwijl hij de Belgische autoriteiten openlijk confronteerde met hun falende beleid. België ging vervolgens actief op zoek naar arbeidskrachten uit andere landen, waaronder Spanje, Griekenland, Turkije en Marokko. 

De 1960-golf

Toch stopte de Italiaanse migratie niet. Fédéchar – de federatie van de Belgische steenkoolmijnen – ging nog steeds gebukt onder een tekort aan werkkrachten. Ze moedigde daarvoor de Italianen die hier al waren, aan om ook familieleden en dorpsgenoten aan te zetten de oversteek te maken. Deze mensen reisden met een toeristenvisum om hun familie te bezoeken, en werden na aankomst in de mijn geregulariseerd. 

Vicchio Nicolino verhuisde in de jaren 1960 naar België vanuit Calabrië.

Zo kwam ook Vicchio Nicolino in augustus 1963 aan in Houthalen. Hij herinnert zich zijn reis uit Calabrië nog levendig. "We namen de trein van Paola naar Milaan, en dan naar Luik en van Luik uiteindelijk naar Houthalen", zegt hij. Zo bereikte de Italiaanse gemeenschap qua inwonersaantallen haar hoogtepunt in het begin van de jaren 60. 

Limburg wil werk

Tegelijkertijd nam de onzekerheid toe in het Limburgse mijnbekken. De steenkoolindustrie was niet langer winstgevend door internationale concurrentie van de opkomende olie-industrie. De aankondiging van de sluiting van de mijn van Zwartberg in 1964 stuurde een schokgolf door de provincie. 

Er waren veel arbeiders in de mijn, veelal Italianen. Die waren naar hier gekomen om te werken en plots zaten ze zonder werk

Vicchio Nicolino

Nicolino herinnert zich die periode als een crisis. "Er waren veel arbeiders in de mijn, veelal Italianen. Die waren naar hier gekomen om te werken en plots zaten ze zonder werk", zegt Nicolino. En dat was genoeg voor de vakbonden, waaronder trouwens de Italiaanse ACLI en AFI, om de straat op te komen onder het motto 'Limburg wil werk'. Veel Italiaanse gezinnen beseften dat de gouden jaren van de steenkool definitief voorbij waren. 

Dat betekende een noodgedwongen zoektocht naar nieuw werk. Nicolino liet zich bijvoorbeeld omscholen. "Terwijl ik nog in de mijn werkte, volgde ik les als elektricien. Ik werkte 3 dagen ondergronds en 2 dagen ging ik naar school", vertelt hij over die periode. Even later kon hij aan de slag bij de nieuwe Ford-fabriek in Genk. 

Betogingsoptocht van mijn Zwartberg tot Genk centrum. Er lopen kinderen en volwassenen mee, een jongen met de fiets, een jongen met plakkaat "ITALIANEN", een hond. Er wordt een groot spandoek gedragen met de tekst "LIMBURG WIL WERK", er worden ook vlaggen gedragen o.a. "De Vlaamse Leeuw", zwarte vlaggen.

"Omdat de mijn in Houthalen gesloten was, en we vreesden dat we geen werk meer hadden, zijn we bij Ford begonnen. We reden met de fiets van Houthalen naar Genk, zelfs in de winter. We waren met honderden." Een grote groep Italianen die nog niet genoeg dienstjaren had voor een pensioen, belandde uiteindelijk aan de band in Genk.  

Transformatie

In de jaren 90 zijn alle mijnen uiteindelijk gesloten. De imposante schachtbokken, de begroeide terrils en voormalige Koolmijnlanen vormen het unieke decor waarin 80 jaar Italiaanse migratie een stuk van het lokale erfgoed is geworden. "Mijn kinderen zijn goed opgegroeid, ze hebben gestudeerd en werken nu. Ik ben zeer gelukkig", besluit Nicolino trots. 

De Italiaanse gemeenschap is uitgebreid aanwezig in Limburg.

De Limburgse mijnregio is zo langzaamaan getransformeerd tot een culturele plek waarin de Italiaanse cultuur bloeit. Italobelgische muzikanten als Marco Cirone en Rocco en Arturo van het befaamde 'We Two' treden tegenwoordig bijvoorbeeld op in CC Muze in Zolder, precies op die plek waar hun vaders ooit de dieperik in gingen. 

80 jaar na het steenkoolprotocol zijn de sporen van de Italiaanse gemeenschap nog overal zichtbaar: in de voormalige cités, in de Vennestraat en in de families die Limburg vandaag mee vormgeven.

LUISTER

Regionaal nieuws uit Limburg

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"