In de Noord-Ierse stad Belfast zijn voertuigen en huizen in brand gestoken, nadat anti-immigratieprotesten uit de hand liepen. Honderden demonstranten verzamelden zich in de stad, na een gewelddadige steekpartij door een Soedanese vluchteling. Door de protesten moesten verschillende bewoners geëvacueerd worden. De Noord-Ierse premier veroordeelt het geweld.
Huizen en auto's in brand gestoken bij betoging in Belfast na gewelddadige steekpartij door vluchteling
Een video van de bloedige aanval in Belfast van afgelopen maandag veroorzaakte een schokgolf in het land.
Op de beelden is te zien hoe de verdachte bovenop een bebloede man zit en hem tegen de grond houdt. Hij maakt een snijdende beweging, mogelijk in een poging om het slachtoffer te onthoofden, waarop omstanders ingrijpen. Het slachtoffer, een veertiger, is zwaargewond naar het ziekenhuis gebracht.
De dader is gisteren in verdenking gesteld van poging tot moord, het bezit van een snijdend of puntig voorwerp in de openbare ruimte en doodsbedreigingen. Hij moet vandaag voor de rechter verschijnen. De autoriteiten hebben laten weten dat het om een Soedanese vluchteling met een geldige tot 2028 gaat.
Volgens de Noord-Ierse politiechef Jon Boutcher arriveerde de man in 2023 via Parijs en Dublin in het Verenigd Koninkrijk. Het motief voor de aanval die zich maandagavond rond 22.30 uur afspeelde, blijft onduidelijk, maar de politie gaf eerder al aan dat er geen informatie is die doet denken aan een terreurdaad.
De Britse premier Keir Starmer veroordeelde het geweld met klem. "De afgrijselijke aanval in Belfast is ziekmakend. Ik tolereer dergelijke gruwelijke gewelddadigheden op onze straten absoluut niet", zei hij.
Protesten lopen uit de hand
Gisteren rond 19 uur lokale tijd verzamelden honderden, voor een groot deel gemaskerde, demonstranten zich aan de rand van Belfast naar aanleiding van die aanval.
Manifestanten hebben voertuigen in brand gestoken, waaronder een bus, en wegen geblokkeerd. Er zijn ook huizen in brand gestoken. Politiehelikopters patrouilleerden boven de stad en winkels hebben vroegtijdig de deuren gesloten.
Verschillende bewoners zijn geëvacueerd. "Ze begonnen met vuilnisbakken in brand te steken, daarna gooiden ze met molotovcocktails", zei een van de bewoners tegen persagentschap AFP. Het vuur breidde zich uit en de brandweer vroeg hem te vertrekken.
Ook in de rest van Noord-Ierland was fors meer blauw op straat te zien nadat extreemrechtse figuren, onder wie activist Tommy Robinson, via sociale media hebben opgeroepen tot protesten. Volgens de Britse omroep BBC zijn ook op andere plaatsen in Noord-Ierland mensen op straat gekomen en werden wegen geblokkeerd.
In het Zuid-Engelse Southampton, waar begin december de 18-jarige Henry Nowak om het leven kwam bij een steekpartij, verzamelden zich eveneens betogers bij een asielzoekerscentrum. De Noord-Ierse politie en de Britse autoriteiten riepen op tot kalmte.
De premier van Noord-Ierland, Michelle O'Neill, veroordeelt het geweld tijdens de protesten. "Groepen gemaskerde mannen die gezinnen uit hun huizen verdrijven door brand te stichten, is ronduit walgelijke lafheid. Dit is gewoonweg grof geweld", zegt de premier op X.
"Racisme, intimidatie en geweld zijn verkeerd, waar ze ook voorkomen. Er kan geen excuus of rechtvaardiging zijn voor deze aanvallen vanavond."


