De Amerikaanse president Donald Trump is vandaag 80 jaar. Het is vandaag ook Dag van de Vlag, de Stars and Stripes van de VS. Donald Trump kneedt Amerika steeds meer naar zijn evenbeeld. Hij gedraagt zich sinds het begin van zijn tweede ambtstermijn als een soort almachtige patriarch, als een soort alleenheerser van de VS. Hij vertoont steeds meer de karakteristieken van een Zonnekoning. Amerikakenner Björn Soenens richt zijn blik deze week op de personencultus van en rond Donald Trump.
De man die zichzelf in goud goot: de personencultus van Donald Trump
Er staat een standbeeld van Donald Trump op de golfbaan van Trump National Doral in Miami. Bijna 7 meter hoog is het, verguld, en met gebalde vuist. Ze noemen het de Don Colossus.
De evangelische predikant die het beeld heeft ingezegend, Mark Burns, moest het publiek geruststellen en zeggen dat het beeld zeker geen afgod was: "Dit is geen gouden kalf!" Dat hij dat expliciet moest meedelen, zegt veel.
De Bijbel en het verhaal in de Exodus zijn helder. Mozes daalt de berg Sinaï af met de stenen tafelen in zijn handen, met daarop de Tien Geboden, en vindt zijn volk knielend voor een gouden afgod. Mozes wordt woedend en gooit het gouden kalf in het vuur en verbrandt het tot poeder.
God stuurt daarna nog een plaag als straf. Met andere woorden: het loopt slecht af. Maar in het Amerika van 2026 wijst men de boodschappers met de vinger, niet de makers van de gouden standbeelden.
Dit is geen satire. Dit is de werkelijkheid in de tweede ambtstermijn van de 47e president van de Verenigde Staten. De personencultus rond Trump is niet nieuw, maar hij heeft in zijn tweede termijn een grote hinkstapsprong voorwaarts gemaakt. Wat vroeger aanvoelde als narcisme op steroïden, is vandaag geïnstitutionaliseerd. Het verschil is cruciaal.
De Golf van Amerika
Een ijdeltuit noemt zijn gebouwen naar zichzelf. Een autocraat hernoemt de aardrijkskunde van zijn land. Op de dag van zijn tweede eedaflegging, op 20 januari 2025, tekende Trump een uitvoeringsbesluit dat de Golf van Mexico voortaan omdoopte tot de Golf van Amerika. Opnieuw: geen grap, geen loze campagneretoriek, maar een bindend presidentieel besluit.
Trump kondigde het aan in zijn inaugurale toespraak, alsof het hernoemen van een stuk zee even vanzelfsprekend was als het aanstellen van zijn medewerkers.
Enkele weken later riep hij 9 februari officieel uit tot Gulf of America Day, compleet met een proclamatie die opriep tot "gepaste ceremonies en activiteiten". Een stuk oceaan kreeg zomaar een verse én vaderlandslievende naam. De zee heeft een nieuwe baas.
Intussen hangen meer dan levensgrote portretten van D.J. Trump aan de gevels van federale gebouwen. Het ministerie van Landbouw en het ministerie van Arbeid dragen reusachtige banieren met Trumps gezicht. Alsof het de gewoonste zaak van de wereld is.
Zijn naam prijkt op het gebouw van het United States Institute of Peace, een instelling die de internationale vrede moet bevorderen. Het Kennedy Center — vernoemd naar de vermoorde iconische president JFK — werd in de wachtkamer gezet voor een verbouwing.
Trump voegde zijn naam toe aan die van Kennedy op de gevel van het kunstencentrum. Er was een federale rechter nodig om zijn naam weer te laten verwijderen van de gevel.
Munten met zijn beeltenis zijn officiële herdenkingsmunten geworden. Gelimiteerde paspoorten zijn er gemaakt voor 250 jaar Amerika, met de beeltenis van Trump. Er zijn sneakers van Trump, dure Trumptelefoons, en bijbels van Trump. Er komen dollarbiljetten die speciaal door Trump worden gehandtekend. De merknaam Trump heeft de staat nagenoeg geabsorbeerd.
De personencultus rond Trump is niet nieuw, maar ze heeft in zijn tweede termijn een grote hinkstapsprong voorwaarts gemaakt.
Björn Soenens
De zuivering van het ambtenarenapparaat
In Pyongyang kennen ze dat systeem. In Moskou ook. In Ankara, in Boedapest tot voor kort, en in Minsk. Overal waar een leider zijn eigen naam op het landschap schrijft, merk je dezelfde beweging: eerst de symbolen, dan de instellingen, dan de rechters, dan de pers.
Trump heeft de FBI via de door hem aangestelde loyale baas Kash Patel gezuiverd van iedereen die ooit onderzoek naar hem voerde. Hij heeft ruim 50.000 federale ambtenaren vervangen door loyalisten. In een normale ambtstermijn stelt de president via het spoils system zo’n 2.000 loyale medewerkers aan, geen 50.000.
Er is wat weerstand, maar die is bescheiden. Wie zich verzet, wordt er meestal via interne voorverkiezingen door de loyale aanhangers zonder pardon uitgebonjourd. Er is geen enkele ruimte voor dissidentie met luide stem.
Project 2025, dat door hemzelf en zijn aanhangers staalhard werd ontkend en door zijn critici werd gevreesd, is voor meer dan de helft al werkelijkheid. Trumps greep op de Republikeinse partij is zo absoluut dat kritische stemmen intern zijn opgehouden te bestaan. Wie twijfelt, stapt op. Wie blijft, buigt.
En toch: het gouden standbeeld. Dat is waar je ogen op blijven vasthaken. Want een personencultus is uiteindelijk geen politiek project. Het is een bijna religieus project.
Alsof Trump een soort god is in het Witte Huis. Trump heeft dat geloofsaspect van zijn presidentschap altijd beter begrepen dan zijn critici.
Trump begrijpt iets wat veel traditionele politici vergeten: mensen stemmen niet alleen op beleid, maar ook op gevoel. En gevoel laat zich makkelijker sturen met symbolen dan met cijfers.
Een rode pet is geen kledingstuk, maar een lidkaart. Een rally is geen vergadering, maar een pelgrimstocht.
"Fight! Fight! Fight!"
Zijn aanhang komt niet enkel luisteren. Ze komen bevestiging zoeken. Ze willen zien dat iemand eindelijk luidop zegt wat zij al jaren denken, of wat ze denken te denken.
In die zin is Trumps personencultus geen bijverschijnsel van zijn presidentschap. Het is het fundament ervan. Het maatschappelijk rot was er al lang voor Trump op de proppen kwam.
Zijn aanhangers beweren niet dat hij de beste beleidsmaker is, of de meest bekwame bestuurder. Ze vinden wel dat hij uitverkoren is. Dat God hem spaarde toen een kogel zijn oor schampte op de campagnerally in Butler, Pennsylvania, op die beruchte zaterdag 13 juli 2024, om 11 over 6 ’s avonds.
De opgeheven vuist van een bebloede Trump onder de Amerikaanse vlag — bevroren in dat iconische moment — is de pose van een martelaar die overwon. Zijn strijdkreet: “Fight! Fight! Fight!”
De vergulde Don Colossus beeldt precies dat moment uit: de kogel, de vuist, de goddelijke bescherming. Een theologie in brons en bladgoud. De vijand is de elite, de media, de rechterlijke macht, de academische wereld als die niet gehoorzaamt.
De rituelen zijn de slogans, de MAGA-pet, het applaus, de vernedering van tegenstanders in het openbaar. Trump zelf staat in het midden als een soort tovenaar die de woede van het publiek omzet in politieke energie.
Hij weet dat controverse aandacht oplevert, aandacht macht, en macht weer geld, loyaliteit en invloed. In een mediacultuur die leeft van clips op sociale media en verontwaardiging, is hij bijna perfect ontworpen voor de tijdgeest.
Elke uitspraak is een vonk. Elke aanval op hem wordt door zijn achterban gelezen als bewijs dat hij gevaarlijk goed bezig is.
Hoe harder de reactie, hoe sterker zijn positie. Het is een systeem dat zichzelf voedt. En precies daar wordt de cultus emotioneel overtuigend: hij biedt de illusie van waardigheid aan mensen die zich door het systeem vergeten wanen.
Trumps personencultus is geen bijverschijnsel, maar het fundament van zijn presidentschap
Björn Soenens, analist VRT NWS
Maar cultuspolitiek heeft een prijs. Wie 1 man verheft tot enige redder, maakt de instellingen kleiner en de democratie brozer. Parlement, rechtspraak, onafhankelijke pers, ambtelijk apparaat: ze worden allemaal verdacht zodra ze niet dienen.
Dan verschuift de vraag van “wat is waar?” naar “wie is trouw?”. Zodra trouw belangrijker wordt dan waarheid, zit een land op een glijbaan.
Een democratie kan vrij veel verdragen: ruzie, polarisatie en zelfs (tijdelijke) slechte leiders kunnen een democratie niet helemaal om zeep helpen. Maar een democratie die accepteert dat één man boven de regels staat, schaft langzaam zichzelf af.
Het inroepen en uithollen van de grondwet
Ik schreef ooit dat Amerika een land is waar mensen tot het uiterste gaan: in vrijheid, in creativiteit, in generositeit, maar ook in zelfbedrog. Nergens ter wereld wordt een democratie zo grondig ondermijnd met de retoriek van diezelfde democratie.
Nergens wordt een grondwet zo plechtig ingeroepen terwijl ze tegelijk wordt uitgehold. Trump doet alsof hij de absolute volkswil vertegenwoordigt.
Het gevaarlijkste aan de personencultus van Trump is heus niet het (klater)goud. Het is de normalisering. De dag dat een president via zijn dienstdoende minister van Justitie (en tevens zijn vroegere persoonlijke advocaat) Todd Blanche aankondigt dat de familie-Trump voortaan immuun is tegen rechtsvervolging door de fiscus, is in een liberale democratie in feite een brug te ver.
De dag waarop een president naar eigen goesting plaatsnamen verandert, is de dag waarop het land een grens overschrijdt die moeilijk terug te draaien is. De dag waarop een FIFA-voorzitter een Vredesprijs uitvindt en hem toekent aan Donald Trump om hem te paaien, is allicht voorbij de grens van het fatsoen.
Het moment waarop ministers tijdens bijeenkomsten van zijn kabinet vooral tijd besteden aan het prijzen van Trump, van “zijn visionair leiderschap” en zijn “historische prestaties”, is pure personencultus.
Een democratie die accepteert dat één man boven de regels staat, schaft langzaam zichzelf af.
Amerika is geboren uit een opstand tegen een koning. De grondleggers van de Verenigde Staten wilden koste wat kost vermijden dat één man te veel macht zou vergaren.
Daarom schreven ze checks and balances in hun grondwet, verdeelden ze de macht en koesterden ze wantrouwen tegenover politieke leiders die zichzelf boven de instellingen plaatsten.
Ruim 2 eeuwen later zit Donald Trump in het Witte Huis als de man die die republikeinse traditie op haar grondvesten doet daveren. Niet omdat hij een ideologie heeft ontwikkeld die de geschiedenis zal ingaan als een coherent politiek project. Wel omdat hij rond zichzelf een personencultus heeft gebouwd die in de moderne Amerikaanse politiek zijn gelijke nauwelijks kent.
Een leider met een merk
Opvallend is hoe sterk die personencultus standhoudt ondanks alle controverses. Een traditionele politicus wordt afgerekend op fouten. Trump slaagt erin om kritiek op hem om te buigen tot bewijs van zijn uitzonderlijke status.
Zijn aanhangers interpreteren aanvallen op hem vaak als aanvallen op henzelf. Daardoor ontstaat een bijna tribale loyaliteit die alle rationele argumenten uit de weg ruimt.
In een land dat ooit een monarch van zich afschudde, heeft Trump iets gecreëerd wat opvallend dicht bij een hofhouding komt. Geen koning met een kroon, maar een leider met een merk.
Geen onderdanen, maar volgelingen die hun politieke overtuiging steeds meer laten samenvallen met hun trouw aan één man. Een man die vandaag, op 14 juni 2026, 80 jaar wordt. Zou de herfst van de patriarch begonnen zijn?


