Als het in de Stille Oceaan ooit tot een conflict komt, dan zal wat we nu zien aan de Straat van Hormuz slechts een voorproefje zijn geweest. Dat zegt de minister van Buitenlandse Zaken van Singapore over het belang van de Straat van Malakka, 1 van de drukst bevaren zeeroutes ter wereld. Een kwart van alle wereldwijde handel over zee passeert langs die weg. Geen wonder dus dat de zenuwen in de regio strak gespannen staan na de recente gebeurtenissen in het Midden-Oosten.
Hoe de Straat van Malakka mogelijk een nog grotere bedreiging voor de wereldeconomie vormt dan de Straat van Hormuz
Samenvatting:
De Straat van Malakka is een van de drukst bevaren zeeroutes ter wereld: een kwart tot een derde van de wereldwijde maritieme handel passeert er, waaronder 75 procent van de ruwe olie die China over zee invoert.
Indonesië opperde eind april het idee om tol te heffen in de Straat, maar Singapore en Maleisië wezen dat meteen af. De uitspraak leidde tot grote onrust in de regio.
Zowel de VS als China versterkt zijn militaire en strategische positie rond de Straat: de VS sloot een akkoord met Indonesië voor luchtoperaties boven de Straat, terwijl China diplomatieke en militaire banden uitbouwt met landen langs de route.
Een blokkade van de Straat van Malakka zou een zware economische impact hebben, ook in Europa: de aanvoer van olie en goederen zou stilvallen of enorm vertraging oplopen, al zijn er – anders dan bij de Straat van Hormuz – wel alternatieve routes mogelijk.
De Straat van Malakka verbindt de Indische Oceaan met de Zuid-Chinese Zee en het is een van de drukst bevaren zeeroutes ter wereld. Ze wordt beheerd door de landen die eraan grenzen: Indonesië, Maleisië en de stadstaat Singapore.
Eind april liet de Indonesische minister van Financiën zich in een toespraak ontvallen dat hij het heffen van tol in de Straat van Malakka wel een geschikt idee vond. Hij voegde er weliswaar meteen aan toe dat dat nu eenmaal niet kon, maar toch trok er door zijn woorden een schokgolf door de regio. Singapore en Maleisië lieten meteen verstaan dat van tol geen sprake kon zijn.
De Straat van Malakka is dan ook niet zomaar een Straat. Het economisch belang ervan kan nauwelijks worden overschat. De Singaporese minister van Buitenlandse Zaken, Vivian Balakrishnan, verwoordde het een poosje geleden zo: "Als er ooit een conflict komt in de Stille Oceaan, dan zal alles wat we nu zien in de Straat van Hormuz slechts een voorproefje zijn geweest."
Het Malakkadilemma
Als bij een toekomstig conflict in de regio iemand de Straat van Malakka zou afsluiten, dan is dat in de eerste plaats een ramp voor China. Liefst 75 procent van de ruwe olie die over zee naar China wordt vervoerd, passeert door de Straat.
Omgekeerd exporteert China via de Straat tal van (half)afgewerkte producten en industriële componenten en grondstoffen. In totaal passeert naar schatting een kwart tot een derde van de maritieme wereldhandel door de Straat van Malakka.
China is zich trouwens al langer dan vandaag bewust van die kwetsbaarheid. Hu Jintao, de intussen in ongenade gevallen president van China van 2002 tot 2012, noemde de strategische kwetsbaarheid van zijn land decennia geleden al "het Malakkadilemma".
De Chinese overheid probeert daar uiteraard iets aan te doen en heeft daarvoor onder meer tal van strategische akkoorden gesloten met landen die langs de route van het Midden-Oosten naar de Straat van Malakka goed ontsloten havens hebben. Zo zijn er strategische partnerschappen met Pakistan, Sri Lanka en Myanmar. De Chinezen noemen die aanpak hun 'String of Pearls', een ketting van strategische parels als het ware.
Er is ook geprobeerd om de afhankelijkheid van de Straat van Malakka te verminderen door nieuwe pijpleidingen over land aan te leggen. Dat is onder meer het geval in Myanmar, maar door de aanslepende burgeroorlog daar is dat project nooit echt van de grond gekomen.
Er rest de Chinezen voorlopig dan ook weinig anders dan goede diplomatieke banden te onderhouden met de landen die de Straat van Malakka beheren. Zo was de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi vorige week nog op bezoek in Singapore, waar hij samen met zijn Singaporese ambtsgenoot benadrukte hoe extreem belangrijk het openhouden van de Straat van Malakka is.
En uiteraard: de Chinezen hebben ook militair niet stil gezeten. Zo is hun zeemacht intussen groter dan die van de Amerikanen.
Ook de VS is erg actief in de regio
Vorige week vrijdag was de Amerikaanse minister van Defensie, Pete Hegseth, nog in Singapore om er een conferentie over veiligheid in Azië bij te wonen. Hij vroeg er nadrukkelijk aan de Amerikaanse bondgenoten in de regio, zoals de Filipijnen, Japan en Zuid-Korea, om hun militaire uitgaven gevoelig te verhogen, zodat de kloof met China niet al te groot wordt.
Half april ontving diezelfde Hegseth zijn Indonesische ambtsgenoot dan weer in Washington om een strategisch akkoord te ondertekenen dat de VS aanzienlijke militaire mogelijkheden oplevert om vanuit de lucht actief te zijn boven de Straat van Malakka. Amper een week later werd een Amerikaans oorlogsschip opgemerkt terwijl het door de Straat van Malakka voer. Perfect legaal allemaal, maar toeval is het wellicht allerminst.
Ondanks de volgens president Trump uitstekend verlopen topontmoeting van enkele weken geleden met zijn Chinese ambtsgenoot Xi, lijken de VS er dus toch alles aan te doen om hun strategische posities in de regio te behouden en te versterken.
het Groot-Nicobarproject
En dan is er nog India, de opkomende Aziatische natie bij uitstek. Dat land ergert zich blauw aan de toegenomen aanwezigheid van Chinese schepen en onderzeeërs in de Indische Oceaan. Wellicht daarom hebben ze besloten om de komende jaren miljarden te investeren in een eiland ver van hun kust, maar relatief dicht bij het beginpunt van de Straat van Malakka.
Groot-Nicobar zal de komende decennia transformeren van een natuurparadijs, waarin zelfs nog enkele inheemse stammen leven, tot een hoogtechnologische hub, die ook militair en strategisch een belangrijke rol kan spelen in de regio.
Er zal onder meer een luchthaven gebouwd worden en ook een enorme haven, waar zelfs de allergrootste containerschepen zullen kunnen aanleggen. Officieel is dat allemaal ten dienste van het toerisme en de economie, maar het is duidelijk dat ook andere belangen meespelen.
Het Groot-Nicobarproject geniet dan ook de stilzwijgende steun van de zogeheten Quad (Quadrilateral Security Dialogue), een samenwerkingsverband van India met de VS, Australië en Japan met de expliciete bedoeling om de invloed en macht van China in de regio aan banden te leggen.
Hoe erg zou het zijn?
Stel: er breekt een conflict uit rond Taiwan en iemand blokkeert de Straat van Malakka. Hoe erg zou dat dan zijn? Wel, er gaan meer vaten olie per dag door de Straat van Malakka dan door de Straat van Hormuz. Die olie is niet alleen voor China bestemd, maar ook voor bijvoorbeeld Japan en Zuid-Korea.
In omgekeerde richting gaan er dus massaal veel afgewerkte en halfafgewerkte goederen in onze richting. Een verstoring van die stroom zou een reusachtige economische impact hebben, ook bij ons.
Een verschil met de Straat van Hormuz is wel dat er makkelijker alternatieve routes gezocht kunnen worden. De Straat van Malakka afsluiten zal dus nooit tot een complete blokkade kunnen leiden zoals dat in de Straat van Hormuz wel het geval is, maar dan nog zou de impact van een blokkade niet te onderschatten zijn.
Die alternatieven zouden enorm veel tijd en geld kosten. De wereldeconomie zou bij een blokkade van de Straat van Malakka dus hoe dan ook in een heel zware storm terechtkomen.