Een groep tweedeverblijvers zal opnieuw een procedure aanspannen tegen de tweedeverblijfstaks van Knokke-Heist. Het hof van beroep had die aanvullende belasting eerder al onwettig genoemd. De gemeente heeft toch opnieuw de aanslagbiljetten verstuurd, maar met een nieuw reglement. Maar ook de 'nieuwe' taks vechten de tweedeverblijvers dus aan bij de Raad van State.
Tweedeverblijvers vechten opnieuw belasting op 2e verblijven aan in Knokke-Heist: "Ook nieuw reglement is onwettig"
De tweedeverblijfstaks is een jaarlijkse gemeentelijke belasting voor eigenaars die in Knokke-Heist een tweede woning bezitten, maar daar niet gedomicilieerd zijn.
Vaste inwoners van Knokke-Heist moeten geen aanvullende gemeentebelasting op de personenbelasting betalen. Om die reden is de belasting volgens een aantal tweedeverblijvers een schending van het .
En dus is de tweedeverblijfstaks al verschillende jaren het onderwerp van gerechtelijke procedures. De recentste uitspraak van het hof van beroep in Gent dateert van vorige maand. Het hof noemde de taks onwettig en gaf dus de tweede verblijvers gelijk.
De gemeente kan volgens de rechtbank niet voldoende uitleggen waarom de tweede verblijvers meer moeten betalen. De belasting vormt een belangrijke inkomst voor de gemeente en het hof vindt dat de algemene dienstverlening zo vooral wordt betaald door de tweede verblijvers.
Nieuw reglement
Voor 2026 zijn de aanslagbiljetten opnieuw verstuurd naar de tweede verblijvers, maar wel volgens het nieuwe belastingreglement van Knokke-Heist. De uitspraak van de rechtbank ging dus nog over een oud reglement.
"Ook dit nieuwe reglement steunt opnieuw op de stelling dat de belasting op tweede verblijven een soort "weeldetaks" zou zijn", vindt advocaat Bart Engelen, die de tweedeverblijvers opnieuw zal bijstaan. "Er rijzen ernstige vragen over de verenigbaarheid van deze nieuwe belastingregeling met de grondwettelijke beginselen van gelijkheid en niet-."
"Voor ons is dit geen weeldetaks. Het gaat wel degelijk over puur een belasting die men nodig heeft om een begroting rond te krijgen en die men enkel vraagt van de tweede verblijvers. De gemeente moet die belasting ook vragen aan de eigen inwoners, maar dat gebeurt nog altijd niet."
2 jaar wachten
Engelen verwacht dat de tweedeverblijvers opnieuw gelijk zullen krijgen. "De rechtspraak is alleszins wel in ons voordeel. Dat het hof van beroep de uitspraak heeft bevestigd, dat sterkt ons inderdaad in ons vermoeden dat wij met een sterke situatie zitten en dat die belasting ook nu met het nieuwe reglement zal worden bestempeld als discriminatie."
"Wanneer tweede verblijvers beslissen om de belasting te betwisten, dan zijn ze niet verplicht om die belasting te betalen, zolang de procedure loopt", verduidelijkt Engelen. En het kan opnieuw wel 2 jaar duren voor de een nieuwe uitspraak doet.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen


