Mohamed Bakkali, die in Frankrijk veroordeeld werd voor zijn aandeel in de aanslagen in Parijs van 13 november 2015 en de mislukte aanslag op een hogesnelheidstrein in augustus 2015, krijgt van de Brusselse strafuitvoeringsrechtbank 6 penitentiaire verloven. En dat ondanks een negatief advies van het parket.
Mohamed Bakkali, die veroordeeld werd voor aanslagen in Parijs en op TGV, krijgt penitentiair verlof (ondanks negatief advies van parket)
Bakkali werd door het assisenhof van Parijs veroordeeld tot een gevangenisstraf van 30 jaar voor zijn aandeel in de aanslagen die op 13 november 2015 132 doden en meer dan 400 gewonden hadden geëist. Hij werd beschouwd als het logistieke meesterbrein achter de aanslagen, omdat hij schuilplaatsen en auto's had geregeld voor de aanslagplegers, en moest minstens twee derde van die gevangenisstraf uitzitten.
Eerder was de man voor zijn aandeel in de mislukte aanslag op een TGV, op 21 augustus 2015, ook al veroordeeld tot een gevangenisstraf van 25 jaar.
Het Franse antiterrorismeparket had in september 2022 beslist de twee straffen samen terug te brengen tot het wettelijke maximum van dertig jaar. Na zijn veroordelingen in Frankrijk werd Bakkali overgebracht naar België, waardoor hij onder de Belgische strafuitvoeringswetgeving valt en al na een derde van zijn gevangenisstraf aanspraak kan maken op een voorwaardelijke invrijheidstelling.
Volgens La Capitale heeft de man sinds juli 2025 vijf keer een uitgaansvergunning gekregen. Op 11 mei dit jaar besliste de strafuitvoeringsrechtbank dan om hem zes penitentiaire verloven van telkens 36 uur toe te kennen.
Het Brusselse parket verduidelijkt dat het een negatief advies had gegeven, maar niet de mogelijkheid heeft om in beroep te gaan tegen de beslissing.
Maar volgens de strafuitvoeringsrechtbank zijn er geen wettelijke tegenaanwijzingen en heeft Bakkali al heel wat inspanningen gedaan om de band met de slachtoffers te herstellen, en heeft hij slachtoffers al ontmoet. Dat zou volgens de strafuitvoeringsrechtbank ook wijzen op een duidelijke wil om zijn band met de samenleving te herstellen. Er zou ook geen reden zijn om te vrezen dat hij de slachtoffers zou lastigvallen.

