In Den Haag is Félicien Kabuga overleden in de gevangenis. Dat meldt de VN-rechtbank die de dossiers van het Rwanda-tribunaal afhandelt. Kabuga werd ervan beschuldigd een sleutelrol te hebben gespeeld in de Rwandese genocide in de jaren 90, die 800.000 mensenlevens kostte. Wegens zijn dementie kwam het nooit tot een veroordeling. Hij werd 91.
Félicien Kabuga, sleutelfiguur van volkerenmoord in Rwanda, overleden in VN-gevangenis in Den Haag
Félicien Kabuga werd in 2020 opgepakt in Frankrijk, 7 jaar nadat er een premie van 5 miljoen dollar op zijn hoofd was gekleefd. Hij was toen 25 jaar lang op de vlucht geweest.
Kabuga werd beschuldigd van misdaden tegen de menselijkheid wegens zijn betrokkenheid bij de Rwandese volkerenmoord van 1994. Voor het Internationaal Strafhof in Den Haag zou hij zich moeten verantwoorden voor genocide, samenzwering met het oog op het plegen van genocide, aanzetten tot genocide en misdaden tegen de menselijkheid.
Hij riskeerde er een levenslange gevangenisstraf. Kabuga zelf pleitte onschuldig.
Maar het kwam nooit tot een veroordeling. Hij verscheen in 2022 weliswaar voor het tribunaal, maar het proces werd in 2023 wegens gezondheidsredenen opgeschort. Hij leed aan dementie. Wel zouden de ondervragingen doorgaan, om zo bewijsmateriaal te kunnen verzamelen.
Kabuga verbleef in een cel in Den Haag tot een land bereid zou zijn om hem op te nemen. Naar Rwanda wilde hij niet meer terugkeren uit angst voor mishandeling.
Geld voor de genocide
Kabuga werd in 1935 geboren en vergaarde een fortuin als zakenman. Met dat kapitaal bekostigde hij mee de volkerenmoord die van april tot juli 1994 minstens 800.000 mensen het leven kostte, vooral dan leden van de Tutsi-minderheid en gematigde Hutu's. De brutaliteit van die genocide, die vooral met machete-hakmessen werd uitgevoerd, schokte de wereld.
Het geweld zou de hele regio tientallen jaren destabiliseren. Vandaag, meer dan 30 jaar later, blijft het aan de overkant van de grens met Congo onrustig. Na de genocide kwam de Tutsi-leider Paul Kagame immers aan de macht. Sindsdien houden Tutsi-soldaten klopjachten op gevluchte Hutu's in het oosten van Congo, en zaait de M23-militie er chaos en geweld.
Het geld van Kabuga speelde in de jaren 90 een belangrijke rol. Zo financierde hij Radio-Télévision Libre des Mille Collines (RTLM), een haatzender die Hutu's aanspoorde tot geweld. Ook zou hij betrokken geweest zijn bij de oprichting van de Interahamwe, de Hutu-militie die een grote rol speelde bij de genocide. Hij zou ook voor wapens gezorgd hebben.
De volkerenmoord begon op 6 april 1994. Toen werd het vliegtuig neergehaald van de Rwandese president Juvénal Habyarimana, een lid van de Hutu-meerderheid. De banden tussen de familie Habyarimana en Kabuga waren hecht: zo huwde de dochter van Kabuga met de zoon van Habyarimana.

