Alleenstaande huurders besteedden vorig jaar gemiddeld 55 procent van hun inkomen aan wonen, iets meer dan in 2024. Bij tweeverdieners die een woning kopen, was dat 24 procent. Volgens de woonbalans van bouwfederatie Embuild zijn de woonlasten in 2025 weer gestegen, na een lichte verbetering in 2024. De toekomst oogt niet zo best: de energieprijzen zijn wispelturig door de oorlog in het Midden-Oosten, de bouwkosten stijgen en ook de hypotheekrente staat op het hoogste niveau in 14 jaar.
Alleenstaande huurders spenderen gemiddeld 55 procent van inkomen aan wonen: ontdek de cijfers voor jouw gemeente
De woonbalans berekent jaarlijks hoeveel we besteden aan woonlasten. De prijzen van de huizen, de huurprijzen en de energiekosten worden daarbij afgezet tegen de officiële cijfers over het gemiddelde inkomen van mensen. Als de wijzer van de balans de grens van 30 procent overschrijdt, kunnen er betaalbaarheidsproblemen ontstaan.
Risico's het grootst voor alleenstaanden
Embuild stelt de woonbalans op voor alleenstaanden die een appartement huren en tweeverdieners die samen een huis kopen. Voor de eerste groep zijn de woonlasten gestegen van 54 procent in 2024 naar 55 procent vorig jaar.
De woonlasten wegen het zwaarst door in de provincies Vlaams-Brabant (66 procent) en Antwerpen (64 procent). In West-Vlaanderen is dat een stuk minder, maar toch nog altijd 50 procent.
In de Vlaams-Brabantse gemeente Bekkevoort zijn de woonlasten het hoogst (72,1 procent). Ook Drogenbos (71,3 procent), Machelen (71,1 procent) en Vilvoorde (70,2 procent) scoren hoog. Onderaan vinden we de West-Vlaamse gemeente Deerlijk, waar de woonlasten toch nog altijd 47,7 procent bedragen.
Hieronder zie je per gemeente hoeveel alleenstaande huurders aan woonkosten spenderen.
Ook voor tweeverdieners die een huis kopen, zijn de woonlasten gestegen. Van 30 procent in 2021 naar 34 procent vorig jaar.
Opvallend is dat de verschillen tussen sommige gemeenten erg groot kunnen zijn. De onbetwiste koploper blijft hier Knokke-Heist, waar de woonlasten nog altijd 69 procent bedragen, ondanks de daling van de vastgoedprijzen aan de kust.
Ook in de provincie Antwerpen en in de Rand rond Brussel stijgen de woonlasten vaak boven de 40 procent. In een aantal landelijke gemeenten - vaak in Limburg, Oost- en West-Vlaanderen - duiken de woonlasten onder de 30 procent. Menen is de meest betaalbare gemeente, met 20,3 procent woonlasten.
Hieronder zie je hoeveel tweeverdieners aan wonen spenderen die een huis hebben gekocht.
Wat brengt de toekomst?
De woonbalans brengt ook de toekomstige evolutie van het betaalbaarheidsrisico in kaart. Daarvoor wordt gekeken naar 6 parameters: vergunningen, bouwgronden, huishoudens-evolutie, woningen zonder domicilie, het overstromingsrisico en woonlasten. Daaruit blijkt dat de grootsteden en de kustgemeenten momenteel te kampen hebben met de grootste hindernissen.
Meer informatie hierover vind je op de website woonbalans.be .

