De speurtocht naar de specifieke dieren die het hantavirus hebben overgedragen op besmette passagiers van de Hondius, belooft bijzonder moeilijk te worden. Dat zegt virusecoloog Joachim Mariën. Onderzoekers willen nagaan of ze hetzelfde virus kunnen terugvinden bij rijstratten in Argentinië, maar bepalen waar die dieren precies gevangen moeten worden, is "als zoeken naar een speld in een hooiberg".
Zoeken naar speld in een hooiberg: hoe spoor je de oorsprong van het hantavirus op?
In Argentinië zijn onderzoekers op zoek naar eventuele besmettingshaarden van het hantavirus. Het Nederlandse cruiseschip MV Hondius, dat nu getroffen is door een uitbraak van het virus, vertrok op 1 april namelijk vanuit de Argentijnse stad Ushuaia op de zuidelijke archipel Vuurland.
Al zeker enkele passagiers zijn besmet met de Andes-variant van het virus, die in zeldzame gevallen van mens op mens kan worden overgedragen. Maar het virus wordt doorgaans op mensen overgedragen door contact met besmette knaagdieren of hun urine, uitwerpselen of speeksel.
Aan boord van het cruiseschip bleken geen ratten te zitten. Daarom zullen de deskundigen in Ushuaia in eerste instantie op zoek gaan naar knaagdieren, "in de gebieden die verband houden met de route" van het overleden Nederlandse echtpaar.
Op zoek naar de rijstrat
"Dat wordt uitdagend", vertelt Joachim Mariën, assistent-professor in de bij het , in De Ochtend. "Ze zullen in de eerste plaats traceren waar de allemaal geweest is, specifiek in de laatste weken voor het vertrek op het schip."
"Voor de Andes-variant van het hantavirus worden ratten, meer specifiek rijstratten, aanzien als het dierlijk reservoir. Dat is de diersoort waarbij het virus in normale omstandigheden voorkomt", legt hij uit.
"Gespecialiseerde teams zullen een veldonderzoek opstarten op de plaatsen waar de besmette personen verbleven. Dat zal in de eerste plaats bestaan uit het plaatsen van gewone rattenvallen, maar het kunnen ook vallen zijn die de dieren nog in leven houden."
Wanneer ze de ratten gevangen hebben, zullen de onderzoekers ze dissecteren en hun organen en bloedstalen analyseren in het labo. "Dan voeren ze daar tests op uit om de aan- of afwezigheid van het virus te bepalen", aldus Mariën.
Als er een match is, weet je in welke buurt die patiënt waarschijnlijk geïnfecteerd werd
Joachim Mariën, assistent-professor in de virusecologie bij het Instituut voor Tropische Geneeskunde
"Als het virus aanwezig is, kunnen ze met die organen ook de van het virus in kaart brengen. Die resultaten kan je dan vergelijken met de genetische code van de patiënt waarbij ze het virus initieel vastgesteld hebben. Als daar een match is, weet je in welke buurt die patiënt waarschijnlijk geïnfecteerd is geweest."
Beluister het volledige gesprek met Mariën in De Ochtend.
Als onderzoekers de dieren levend in handen krijgen, zijn de organen nog zeer vers en is het ook mogelijk om het virus te isoleren en verder te onderzoeken. Dat moet natuurlijk wel in een zeer veilige omgeving gebeuren.
"Het gaat dan meestal om een BSL-3 (biosafety level 3) laboratorium", legt Mariën uit. "Iedereen draagt daar beschermende kleding en je mag er geen materiaal mee naar buiten nemen, tenzij het geautoclaveerd is. Dat is een techniek waarbij materiaal onder een heel hoge temperatuur en een zeer hoge druk gezet wordt, waardoor het virus niet kan overleven."
Speld in een hooiberg
Toch denkt Mariën dat het nog lang kan duren voor de exacte oorsprong van deze virusvariant gevonden wordt. "In het verleden, bijvoorbeeld tijdens de coronapandemie, heeft men ook geprobeerd om die oorsprong te achterhalen. Er zijn verschillende internationale teams naar China gestuurd, maar toch zijn we er niet in geslaagd om dat exact te bepalen. Het is als zoeken naar een speld in een hooiberg."
En wat er dan precies moet gebeuren als er een match gevonden wordt? "In eerste instantie kan je de mensen in die gebieden dan beter informeren, zodat ze het contact met die diersoort verminderen. Zo kunnen ze handschoenen dragen wanneer ze op het veld werken, hun eten goed koken en goed controleren of er geen rattenuitwerpselen in de keuken liggen."
"Als blijkt dat er in een regio uitzonderlijk veel ratten voorkomen, kan je ook overwegen om over te gaan tot gerichte controle. Dan kan rattenvergif geplaatst worden op locaties waar de densiteit het hoogst is."

