Met een boycot en een geloofwaardigheidsprobleem bij een deel van het publiek heeft het Songfestival af te rekenen met een diepe crisis. De organisatie blijft drukken op het apolitieke en verbindende karakter van het evenement. Een duik in de 70-jarige geschiedenis van het festival toont aan dat de wedstrijd nooit los van de politiek heeft gestaan.
"Podium voor dragqueens en dictators": hoe het 'apolitieke' Songfestival verwikkeld raakte in zijn grootste crisis ooit
Op zijn 70e verjaardag beleeft het Eurovisiesongfestival zijn diepste crisis ooit. 5 landen boycotten de liedjeswedstrijd wegens de aanwezigheid van Israël en ook een deel van het publiek, middenveld en de artistieke wereld vindt dat het land er geen plaats heeft door de situatie in Gaza.
De EBU, de organisatie van omroepen achter het Songfestival, blijft schermen met het "apolitieke" karakter van Eurovisie. Niet landen, regeringen of Europese instellingen zijn lid, wel de nationale omroepen.
Nochtans zijn doorheen de 70-jarige geschiedenis van het festival tal van politieke kwesties langs het podium gepasseerd. Vanaf zijn eerste uitzending werd het Songfestivalpodium gebruikt door landen om zich te tonen.
Een vorm van "culturele diplomatie", noemde auteur en Songfestivalexpert Dean Vuletic het eerder. "Het Songfestival is Europa’s grootste verkiezing, een platform waar de ambities van dictators en dragqueens te zien zijn." En alles daartussen, natuurlijk.
Het eerste Eurovisiesongfestival vindt plaats in het Zwitserse alpenstadje Lugano. We zijn goed een decennium na de gruwel van de Tweede Wereldoorlog. Bij de 7 deelnemende landen ook West-Duitsland.
Elk land mag 2 artiesten afvaardigen. Voor Duitsland zijn dat Freddy Quinn en Walter Andreas Schwarz. Schwarz heeft joodse roots en is een overlever van de Holocaust. Quinn heeft Amerikaans bloed en brengt rock-'n-roll.
Via het eerste Songfestival proberen de Duitsers duidelijk in het reine te komen met het nazi-verleden en stellen ze zich open voor een veramerikanisering.
Spanje doet in 1961 voor het eerst mee. Het land is dan nog een fascistische dictatuur onder leiding van generaal Franco. Buurland Portugal – ook een dictatuur – doet zijn intrede in 1964. Dat jaar ziet een manifestant zijn kans om op het podium te klimmen met een spandoek tegen de 2 dictators.
Enkele jaren later, in 1968, wint zangeres Massiel voor Spanje. Hardnekkige geruchten (en jaren later ook een Spaanse documentaire) hebben het over stemmen die door het Franco-regime zouden zijn gekocht om met een Songfestivaloverwinning het blazoen van het land op te poetsen.
Ook in 1969 wint Spanje - in eigen land - de wedstrijd, ex aequo met 3 andere landen. Die ex aequo leidt ertoe dat het daaropvolgende jaar 4 landen het Songfestival boycotten uit protest tegen de onprofessionele gang van zaken.
Luxemburg 1973: Israël doet zijn intrede op het Songfestival. Meteen worden de veiligheidsmaatregelen opgeschroefd. Op de Olympische Spelen het jaar ervoor hadden Palestijnse terroristen namelijk een aanslag gepleegd op het Israëlische team.
Dat Israël als land in het Midden-Oosten kan meedoen aan het Eurovisiesongfestival lijkt misschien ongewoon, maar dat is het niet. Eurovisie valt niet samen met Europa of de Europese Unie. Het zijn leden van de EBU, de European Broadcasting Union, die kunnen deelnemen aan de liedjeswedstrijd.
Om lid te zijn van die EBU moet je behoren tot de European Broadcasting Area, een gebied bepaald door de Internationale Telecommunicatie-unie op basis van de radiotelegrafielijnen uit de 19e eeuw. Ook onder meer de omroepen van Marokko en Jordanië zijn lid van de EBU.
Op een eerste zege van Israël is het niet lang wachten. In 1978 wint het land met het lied 'A-ba-ni-bi'. Dat jaar wordt het Songfestival ook uitgezonden in Jordanië. Wanneer duidelijk wordt dat Israël gaat winnen, breekt de Jordaanse tv de uitzending af en wordt het land dat tweede is, afgekondigd als winnaar. In 1978 is dat... België.
Ook Marokko is lid van de EBU en kan in theorie deelnemen aan het Eurovisiesongfestival. Het Noord-Afrikaanse land doet dat 1 keer.
In 1980 zou het Songfestival normaal gezien moeten plaatsvinden in Israël, want dat land had in 1979 (voor de 2e keer op rij) de wedstrijd gewonnen. Maar Israël trekt zich terug als organisator om financiële redenen en als deelnemer, omdat het Songfestival dat jaar samenvalt met een herdenkingsdag.
Voor Marokko valt zo het bezwaar van de Israëlische aanwezigheid weg. Zangeres Samira Bensaïd zingt over wereldvrede, wat gezien de context – het militaire conflict in de Westelijke Sahara – ook enigszins politiek beladen is. Marokko eindigt voorlaatste en zal nooit meer terugkeren.
In 1993 maken 3 voormalige Joegoslavische landen hun entree op het Songfestival, waarmee ze hun nationale bestaansrecht in de verf proberen te zetten na het uiteenvallen van Joegoslavië en de bloedige burgeroorlog die ermee gepaard gaat. Wat rest van de staat Joegoslavië is niet welkom op het Songfestival, al heeft dat vooral te maken met sancties opgelegd door de Verenigde Naties.
Een van de nieuwkomers is Bosnië. De leden van de groep Fazla moeten hun leven riskeren om op het Songfestival in Ierland te geraken. Als een dief in de nacht vluchten ze weg uit de belegerde stad Sarajevo, waarbij ze uit het oog moeten zien te blijven van sluipschutters. Het lukt hen en op het Songfestivalpodium zingen ze een lied dat gaat over "alle pijn van de wereld".
De pijn van de oorlog wordt ook duidelijk wanneer de presentatrice tijdens de puntentelling overschakelt (dan nog telefonisch) naar de Bosnische jury. Het oorlogsgeweld heeft de landlijnen voor internationale oproepen beschadigd, contact met de jury kan enkel gelegd worden via een zeer moeilijke satellietverbinding. Gepiep en gekraak, maar"Hello Sarajevo, we are hearing you", zegt de presentatrice. Een oorverdovend applaus stijgt op in de zaal.
1998 is een scharniermoment voor het Songfestival. Er wordt voor het eerst grotendeels overgeschakeld op televoting in plaats van jurystemmen, het live orkest is er voor het laatste jaar bij en Dana International wint voor Israël, pionierswerk als transgender-persoon.
Met Dana's deelname - nochtans fel bevochten door orthodoxe joden - probeert Israël aan te tonen dat het land tolerant is tegenover de lgbt-gemeenschap, in tegenstelling tot hun Arabische buurlanden. Op het Songfestival van 2012 worden zelfs folders verspreid van de Israëlische regering waarin Israël wordt gepresenteerd als een plaats waar seksuele minderheden welkom zijn.
In elk geval heeft Dana International de weg helemaal geopend voor de vertegenwoordiging van de holebi-gemeenschap op het Songfestival en in die zin ook voor de overwinning van de bebaarde vrouw Conchita Wurst in 2014. Een statement van Oostenrijk tegen lgbt-intolerante landen als Rusland, waar Wurst helemaal niet in goede aarde valt, betekent het begin van het einde van het huwelijk tussen Eurovisie en Rusland.
In 2004 vindt het Songfestival plaats in Turkije. Bij de puntentelling wordt bij elk land een kaartje getoond waar we naartoe gaan. Maar wanneer de Turkse televisie ook live moet overschakelen naar Cyprus, is er plots geen kaartje te zien.
Geen toeval. De Turken bezetten sinds 1974 het noordelijke deel van Cyprus. In 1983 stichtten de Turks-Cyprioten de Turkse Republiek van Noord-Cyprus, maar behalve door Turkije wordt die staat door niemand erkend.
Cyprus - zoals de internationale gemeenschap het eiland erkent - op een kaartje tonen tijdens het Songfestival, ligt voor Turkije te moeilijk.
In 2009 mag Rusland het Songfestival organiseren. Georgië vindt er dat jaar niets beter op dan het lied ‘We don't wanna Put in’ naar Moskou te sturen. Een weinig subtiele verwijzing naar de Russische leider Vladimir Poetin.
Het jaar voordien waren Rusland en Georgië in een korte oorlog verwikkeld geraakt, waarbij Rusland Georgië was binnengevallen.
De EBU dwingt de Georgiërs om de tekst te wijzigen of een ander lied te kiezen. Maar Georgië opteert dan maar om niet naar het Songfestival te gaan dat jaar.
In 2016 keert Oekraïne terug na een jaar afwezigheid. Het jaar ervoor had het land beslist om niet mee te doen, want het lag in oorlog met Rusland, dat oostelijke delen van Oekraïne bezet hield en de Krim geannexeerd had.
Zangeres Jamala brengt met '1944' een lied over de deportatie van de Krim-Tataren onder Sovjetleider Jozef Stalin, in 1944. Een historische boodschap, maar duidelijk een politieke verwijzing naar de situatie in het land. Toch mag het lied gebracht worden op het 'apolitieke' Songfestivalpodium.
Meer nog: Oekraïne wint, terwijl Rusland dat jaar torenhoog favoriet is. Jamala krijgt een prijs van nationale eer uit handen van de Oekraïense president Porosjenko. In Russische media wordt het gezien als een doorgedreven politisering van het Songfestival, waardoor de liedjeswedstrijd volgens sommige Russische commentatoren zelfs ten dode opgeschreven zou zijn.
Wanneer Rusland Oekraïne binnenvalt op 24 februari 2022, komt snel de vraag: wat met het Eurovisiesongfestival, waar beide landen aan deelnemen? Het antwoord van de EBU is duidelijk: het Songfestival is niet-politiek, Rusland blijft welkom.
Maar dat is buiten een hele reeks omroepen gerekend die een voor een de druk opvoeren of zelfs dreigen met een boycot. 24 uur later verandert de EBU het geweer van schouder. Rusland wordt uitgesloten van het Songfestival. Een ongehoorde beslissing.
"De beslissing weerspiegelt de bezorgdheid dat, gezien de ongekende crisis in Oekraïne, de deelname van een Russische inzending aan de wedstrijd van dit jaar de reputatie van de competitie zou schaden", klinkt het bij de EBU.
Enige tijd later worden de Russische omroepen effectief geschorst als EBU-lid. Het jaar ervoor is dat met de Wit-Russische omroep al gebeurd. Met de omroepen waren er al langer problemen rond de Eurovisieregels, onder meer op het gebied van onafhankelijke nieuwsberichtgeving.
Het Songfestival zelf wordt gewonnen door Oekraïne. Ongetwijfeld zullen sympathiestemmen voor het land en de gunfactor een rol hebben gespeeld.
In 2024 komt het Songfestival onder ongeziene hoogspanning te staan. Israël voert na de bloedige aanslag van 7 oktober 2023 een oorlog in Gaza. Een deel van het publiek en de artistieke en politieke wereld roepen op om de Israëlische inzending te weren wegens de situatie in Gaza.
Israël zelf heeft een liedje klaar met de titel 'October rain', een duidelijke verwijzing naar de Hamas-aanslag. De EBU dreigt met diskwalificatie, want een politieke boodschap gaat in tegen de regels, maar de Israëlische delegatie weigert om de tekst aan te passen.
De EBU ziet een kans om zonder discussie Israël dat jaar te kunnen uitsluiten, puur door het reglement uit te voeren. Daar steekt de Israëlische president een stokje voor: hij vraagt met aandrang aan de Israëlische omroep om de liedjestekst aan te passen. Dat gebeurt en Israël kan toch afzakken naar Malmö.
Joost Klein
In de Zweedse gaststad zijn haast elke dag protestacties tegen de Israëlische deelname. Draconische veiligheidsmaatregelen wegen op de sfeer en de spanningen nemen dag na dag toe, ook achter de schermen. Verschillende delegaties storen zich aan de attitude van leden van de Israëlische delegatie.
Van het publiek in de zaal krijgt de Israëlische zangeres Eden Golan hevig boegeroep over zich heen. Wanneer de Nederlandse kandidaat Joost Klein voor de finale wél wordt uitgesloten, wegens een dreigende beweging naar een cameravrouw achter het podium, is het hek helemaal van de dam.
In 2025 komt Israël opnieuw met een statement naar het Songfestival. Deze keer geen verboden politieke boodschap, maar zangeres Yuval Raphaël is een overlevende van de Hamas-aanslag. Haar aangrijpende verhaal, puike performance en goede lied doen Israël op de 2e plaats eindigen. Het land wint zelfs de televoting.
Of zou er ook iets anders een rol hebben kunnen spelen? Het is namelijk duidelijk dat Israël opnieuw hard heeft ingezet op campagne voeren. Ook een regeringsagentschap blijkt zijn duit in het zakje te hebben gedaan. Wetende dat je per persoon per betaalmethode tot 20 keer kan stemmen, stellen verschillende omroepen de hele procedure in vraag. Is dit nog wel een faire gang van zaken?
De fundamentele vraag over de Israëlische aanwezigheid zelf blijft ook op het EBU-bord liggen, maar de EBU blijft die kwestie voor zich uit schuiven. Tot het niet meer anders kan. In het najaar van 2025 wordt een speciale vergadering aangekondigd waar de EBU-leden zouden kunnen stemmen over de deelname van Israël.
"Nooit eerder heeft de Unie een situatie meegemaakt die zo veel verdeeldheid zaait. Daarom heeft de raad van bestuur besloten dat de beslissing hierover een bredere democratische basis verdient", klinkt het.
Nieuwe regels
De bijzondere vergadering zal nooit plaatsvinden. Israël en Hamas bereiken in oktober een staakt-het-vuren. De hele Israël-kwestie op het Songfestival zal nu besproken worden op de gewone vergadering van de EBU begin december.
De organisatie lijkt er alles aan te doen om het niet tot een harde stemming over Israël te laten komen, waarbij alle omroepen kleur zouden moeten bekennen. Kort voor de vergadering kondigt de EBU nieuwe regels aan rond stemmen en promotiecampagnes, als antwoord op de kritiek rond de Israëlische aanpak.
Op de vergadering moet eerst gestemd worden over de nieuwe regels. Enkel als die geen meerderheid van de leden kunnen overtuigen, zal het tot een stemming komen over Israël in of uit. Maar een meerderheid van de omroepen vindt de nieuwe regels voldoende.
Resultaat: Israël kan nog steeds meedoen aan het Songfestival. Gevolg: 5 landen die gedreigd hadden met een boycot, trekken zich effectief terug uit het Songfestival. De Eurovisiefamilie is Ierland, Spanje, IJsland, Slovenië en Nederland kwijt.







