Naar hoofdinhoud
Screenshot uit 'Pano: op de rug van de patiënt', ter illustratie

De integrale reacties van betrokken ziekenhuizen op Pano: 'Op de rug van de patiënt'

Artikel luisteren
5min
Meer info

In de reportage 'Op de rug van de patiënt' onthult Pano dat een handvol chirurgen in Vlaanderen onnodige rugoperaties uitvoert met soms zware gevolgen voor de patiënten. In de uitzending komen de verhalen aan bod van patiënten die zijn behandeld door 2 chirurgen uit 2 verschillende Vlaamse ziekenhuizen. Lees hieronder de integrale, schriftelijke reactie van die ziekenhuizen. 

Wim De Maeseneer
Gepubliceerd:

Ziekenhuis 1

Uit data van het RIZIV blijkt dat in bepaalde Vlaamse regio’s - waaronder ook onze regio - meer rugingrepen gebeuren dan elders in Vlaanderen. Het is correct dat onze dienst neurochirurgie jaarlijks een groot aantal rugingrepen uitvoert. We zijn in gesprek met onze dienst neurochirurgie om samen te onderzoeken waar er verbetermogelijkheden liggen op het vlak van consultaties en informatieverstrekking. We respecteren evenwel de therapeutische vrijheid van onze artsen en beklemtonen dat er de afgelopen 10 jaar geen signalen zijn die wijzen op een structureel probleem binnen deze dienst. Bovendien waken we continu over de kwaliteit van de zorg via interne en externe controlemechanismen.

We beseffen dat deze reportage vragen kan oproepen over consultaties of informatieverstrekking. Patiënten met vragen of twijfels kunnen steeds terecht bij onze zorgverleners voor meer informatie.

Ziekenhuis 2

De betrokken arts was gedurende bijna 20 jaar werkzaam als zelfstandig neurochirurg in ons ziekenhuis. Hij voerde in die periode een omvangrijke klinische praktijk, met een groot aantal consultaties en ingrepen.

Zoals in een omvangrijke klinische praktijk niet kan worden uitgesloten, kwamen er in de loop der jaren ook klachten voor en daaruit volgend aansprakelijkheidsdossiers waarin het handelen van de betrokken arts in vraag werd gesteld. Daarvan was het ziekenhuis op de hoogte indien bijvoorbeeld het patiëntendossier bij het ziekenhuis werd opgevraagd.

De klachten waren tijdens de samenwerking evenwel niet van dien aard of dermate talrijk dat dit aanleiding gaf tot bijzondere ongerustheid over het medisch handelen van de betrokken arts. Het ziekenhuis was alleszins niet op de hoogte van het uitvoeren van "nagenoeg systematisch onjuist geïndiceerde operaties".

Lopende de samenwerking met de betrokken arts is het ziekenhuis er evenwel nooit van op de hoogte gebracht dat de betrokken arts verantwoordelijk of aansprakelijk werd gesteld voor een foutief of onzorgvuldig handelen in het kader van een gerechtelijke procedure dan wel in het kader van een procedure behandeld in de schoot van het Fonds voor de Medische Ongevallen.

De stelling dat de betrokken arts nagenoeg systematisch onjuiste indicatiestellingen uitvoerde, werd in de periode van de samenwerking met het ziekenhuis met andere woorden niet ondersteund door objectieve gerechtelijke, administratieve of tuchtrechtelijke voordelingen.

Uit de loutere vaststelling dat er voor de gerechtelijke instanties dan wel bij het Fonds voor de Medische Ongevallen een procedure werd opgestart, kon er geen gevolgtrekking worden gedaan door het ziekenhuis.

Ook de verzekeraar burgerlijke aansprakelijkheid van het ziekenhuis, met wie het ziekenhuis jaarlijks een bespreking heeft om lopende claims ten aanzien van haar artsen te bespreken, heeft gedurende de periode van de samenwerking met de betrokken arts nooit gesignaleerd dat er buitenproportioneel veel aansprakelijkheidsdossiers tegen deze arts zouden lopen of dat er sprake zou zijn van veroordelingen die bijzondere aandacht vereisen, zoals dat zeker het geval zou zijn bij systematisch medisch onjuist geïndiceerde operaties.

Overigens is de bevoegdheid van het ziekenhuis om in te grijpen bij de indicatiestelling van een arts beperkt. Een verschil in zienswijze over de indicatiestelling voor chirurgisch ingrijpen tussen verschillende artsen komt geregeld voor en is op zich geen voldoende reden om maatregelen te nemen ten aanzien van een ziekenhuisarts.

Er bestaan geregeld verschillende medisch-wetenschappelijke zienswijzen om medische problemen aan te pakken. Deze "scholendiscussies" zijn ook in de rechtspraak een terugkerend gegeven. De Gecoördineerde Ziekenhuiswet van 10 juli 2008 bepaalt bovendien in artikel 144, §2 dat de algemene regeling van het ziekenhuis ‘geen bepalingen mag bevatten die de diagnostische en therapeutische vrijheid van de individuele ziekenhuisarts in het gedrang brengen.’

Het is dus niet zomaar toegelaten om te interfereren met de diagnostische vrijheid (waaronder de indicatiestelling) van een ziekenhuisarts.

De praktijkvoering van de betrokken arts was in belangrijke mate individueel georganiseerd. Dit model sloot op termijn minder goed aan bij de evolutie binnen het ziekenhuis naar een meer associatieve samenwerking binnen de ziekenhuisdiensten.

Vanuit die organisatorische evolutie en aangezien de betrokken arts intussen een nieuwe professionele uitdaging had gevonden, is er bijna 5 jaar geleden in onderling akkoord beslist om de samenwerking te beëindigen. Van een dading (...), wat een geschil tussen de partijen veronderstelt, was er echter geen sprake. De betrokken arts is bijgevolg al enige tijd niet meer werkzaam in ons ziekenhuis.

Met deze informatie hebben wij, voor zover het wettelijk kader ons dit toelaat, de nuttige en beschikbare informatie gedeeld. Wij menen dat hieruit blijkt dat het ziekenhuis steeds met de nodige zorgvuldigheid heeft gehandeld.

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Wat schuilt er achter Go Church? En hoe komt het dat vooral kwetsbare minderjarigen hier slachtoffer van worden? VRT NWS Pano trok op onderzoek.

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"