Katrien heeft afantasie: het onvermogen om vrijwillig mentale beelden op te roepen. "Als je mensen vraagt zich een appel voor te stellen, verschijnt bij velen spontaan een beeld; bij mij blijft het zwart." Volgens professor neuropsychologie Ineke van der Ham (Universiteit Leiden) behoort Katrien tot een zeer kleine groep. "Het is een weinig bekend fenomeen dat volgens schattingen bij 1 tot 3 procent van de mensen voorkomt."
"Zeg me 'appel' en het blijft zwart": Katrien kan geen mentale beelden oproepen door afantasie
Katrien ontdekte het eerder toevallig, toen ze met haar man en kind bij een spellingcoach zat. Die werkte met visualisatietechnieken.
"Er werd gezegd: stel je voor dat er in je hoofd verschillende kamers zijn en dat je een schrijfkamer binnengaat met een bord waarop woorden staan", vertelt ze in 'De wereld van Sofie' op Radio 1. "Mijn man knikte meteen: voor hem was dat vanzelfsprekend. Hij zag dat echt. Ik dacht alleen: hoe moet ik dat allemaal onthouden?"
Thuis werd het verschil nog duidelijker. "Mijn man zit aan het andere uiterste: hij kan beelden niet tegenhouden. Mijn kinderen zitten er ergens tussenin. En ik? Ik zie niets."
Beluister: Katrien over haar afantasie in 'De wereld van Sofie'
Wat is afantasie?
"Afantasie is het onvermogen om bewust beelden op te roepen in je gedachten", zegt Ineke van der Ham, professor neuropsychologie aan de Universiteit Leiden. "Als je aan een bloem denkt en er verschijnt geen visuele voorstelling, dan spreken we van afantasie."
Er bestaan verschillende gradaties. "Het is een spectrum. Sommige mensen zien vage lijnen, anderen zien levendige beelden met kleur en vorm. Daarnaast is er een kleine groep die het zeer levendig ervaart, met geur, gevoel en smaak. En een andere kleine groep ziet helemaal niets."
Het is geen defect, zie het als een andere manier van functioneren
Ineke van der Ham, professor neuropsychologie (Universiteit Leiden)
Van der Ham benadrukt dat afantasie geen defect is. "Zie het als een andere manier van functioneren. Sommigen ervaren er last van, maar de meeste mensen die het hebben, zijn daaraan aangepast en ontwikkelen andere strategieën om informatie te verwerken en te onthouden."
Verbeelding, maar geen beeld
"Geen beelden zien betekent niet dat je geen fantasie hebt", legt Katrien uit. "Ik kan me dingen wel voorstellen als concept, maar het blijft abstract. Er is verbeelding, maar geen beeld. Het voelt soms alsof er ergens een beeld is waar ik niet bij kan, zoals een naam van een bekende acteur die op het puntje van je tong ligt."
Dat maakt dat typische ontspanningsoefeningen eerder averechts werken voor haar. "Als iemand zegt: sluit je ogen en stel je een strand voor, dan begin ik te denken: welk strand? Wat moet ik precies zien? Dat is eerder frustrerend dan ontspannend."
Invloed op het geheugen
Afantasie heeft vooral invloed op het geheugen en dan vooral bij herinneringen aan persoonlijke ervaringen. "Mensen die denken: 'Toen was ik op het strand met mijn familie', die herinneringen zijn vaak minder sterk, omdat ze eerder in taal en abstracter worden opgeslagen, en minder in beelden."
Ik heb altijd veel foto's genomen, zodat ik kan terugkijken
Katrien
Katrien herkent dat. "Ik heb altijd veel foto’s genomen, zelfs vroeger met filmrolletjes, toen dat nog omslachtiger was. Omdat ik dan kan terugkijken."
Volgens Van der Ham is dat typisch. "Mensen zoeken andere manieren om herinneringen vast te houden, bijvoorbeeld via foto’s of door dagboeken bij te houden en dingen op te schrijven."
Toch betekent het niet dat hun geheugen slechter is. "We zien vaak dat mensen met afantasie net veel informatie kunnen onthouden en talig sterker zijn waarschijnlijk omdat ze meer woorden moeten gebruiken om iets te beschrijven."
Praktische gevolgen
De andere manier van denken heeft ook praktische gevolgen. Toen Katrien en haar man hun huis bouwden, botste ze op haar grenzen.
"Ik kon me moeilijk voorstellen hoe alles er in werkelijkheid zou uitzien. Mijn man heeft toen een maquette met meubeltjes gemaakt van ons huis, zodat ik het beter kon begrijpen."
Ook bij het lezen van boeken merkt ze een verschil. "Ik lees sneller dan mijn man, omdat hij tijdens het lezen als het ware een film ziet. Ik niet, dus ik ga sneller door de tekst."
Van der Ham doet onderzoek naar de invloed van afantasie op het ruimtelijk denken. "Er zijn eerste aanwijzingen dat mensen met afantasie iets vaker verdwalen. Mentale plattegronden maken is voor hen moeilijker, waardoor ze routes eerder onthouden via herkenningspunten, zoals 'aan de bakker met de roze deur linksaf'."
Wat gebeurt er in de hersenen?
De exacte oorzaak van afantasie is nog niet volledig duidelijk. "Maar we denken dat het te maken heeft met minder sterke verbindingen tussen hersengebieden die betrokken zijn bij zien en geheugen", zegt Van der Ham.
Opvallend is dat veel mensen met afantasie wel in beelden dromen
Ineke van der Ham, professor neuropsychologie (Universiteit Leiden)
"Opvallend is dat veel mensen met afantasie wel in beelden dromen. De visuele informatie is dus aanwezig in de hersenen, maar bewust oproepen lukt niet goed. Het is eerder een probleem van toegang dan van opslag."
Aangeboren en zeldzaam
In de meeste gevallen is afantasie aangeboren. "Het hoort bij hoe je brein werkt", zegt Van der Ham. "In zeldzame gevallen kan het ontstaan na hersenletsel."
Het fenomeen is nog maar relatief recent benoemd: de term dateert van 2014. "Veel mensen ontdekken het pas laat, vaak toevallig en zijn dan verbaasd dat anderen het anders ervaren. Het zegt veel over hoe verschillend mensen informatie verwerken. En het is belangrijk om dat te beseffen, bijvoorbeeld in onderwijs en therapie."
Hoe weet je of je afantasie hebt?
Wie vermoedt dat hij of zij afantasie heeft, kan dat testen met vragenlijsten zoals de Vividness of Visual Imagery Questionnaire (VVIQ) , die online beschikbaar is.
Herkenning is een belangrijke aanwijzing
Ineke van der Ham, professor neuropsychologie (Universiteit Leiden)
"Maar vaak is herkenning al een belangrijke aanwijzing", zegt Van der Ham. "Mensen beseffen het wanneer ze horen hoe anderen beelden ervaren, en merken dat dat voor hen helemaal anders is."
Voor Katrien was dat besef alleszins een eyeopener. "Ik dacht altijd dat iedereen zo dacht als ik. Nu weet ik dat het gewoon een andere manier van denken is."
Beluister: professor neuropsychologie Ineke van der Ham in 'De wereld van Sofie'

