Je ogen sluiten om beter te horen helpt niet als je je in een lawaaiige situatie bevindt. Dat concluderen Chinese onderzoekers uit 2 experimenten. Wanneer deelnemers een bewegend beeld zien dat bij het geluid past, kunnen ze dat geluid beter uit achtergrondlawaai onderscheiden dan wanneer ze een foto of helemaal niets zien. "Onze hersenen zoeken andere aanwijzingen om makkelijker te horen", duidt audioloog Katrien Kestens.
Ogen sluiten om beter te horen? Dat helpt niet altijd, blijkt uit nieuwe studie
Sluit jij wel eens je ogen als je iets beter wil horen? Dan ben je lang niet de enige. "Het is iets heel natuurlijks dat veel mensen doen", zegt audioloog Katrien Kestens in 'Nieuwe feiten' op Radio 1.
Ze vergelijkt dat mechanisme met luisteren naar de radio terwijl je met een auto rijdt. Die 2 acties voeren de meeste bestuurders probleemloos tegelijk uit. Maar zodra je wil parkeren, zet je vaak de radio wat stiller om je te concentreren. "Op dat moment vraagt het parkeren veel van ons. Onze hersenen hebben maar een bepaalde capaciteit om taken uit te voeren."
Op basis daarvan zou je verwachten dat je altijd beter hoort wanneer je je ogen sluit. Toch is dat volgens Chinese wetenschappers niet altijd het geval. Dat blijkt uit 2 experimenten .
Vogelgeluiden en elektroden
In het eerste deel van het onderzoek kregen 25 jongvolwassen deelnemers via een koptelefoon in een lab verschillende geluiden te horen, waaronder het getjilp van een leeuwerik en het getik op een toetsenbord. Die geluiden zaten 'verstopt' in achtergrondlawaai. "Het geluid werd eerst heel stil aangeboden en dan steeds luider, tot het moment dat de persoon het van het achtergrondlawaai kon onderscheiden", legt Kestens uit.
Luister: in 'Nieuwe feiten' vertelt audioloog Katrien Kestens je alles over de nieuwe studie
Dat hoorden de deelnemers in verschillende omstandigheden, namelijk met volledig gesloten ogen, met open ogen zonder iets te zien, met open ogen en een stilstaand beeld, of met open ogen en een bewegende video die bij het geluid paste. "Wanneer er een visuele aanwijzing was, zoals een foto van een vogel, konden de mensen veel sneller aangeven dat ze het geluid hoorden in het achtergrondlawaai. Daaruit concluderen ze dat wanneer er achtergrondlawaai is, visuele input ervoor zorgt dat we beter horen."
Geluiden moesten in het experiment gemiddeld 1,32 decibel luider zijn om gehoord te worden met gesloten ogen. Een stilstaand beeld verlaagde de gehoordrempel met ongeveer 1,6 decibel, een bewegende video had een nog sterker effect en verlaagde de drempel met ongeveer 3 decibel.
In rumoerige situaties hebben mensen echt wel baat bij het mondbeeld van de gesprekspartner
In het tweede experiment namen de onderzoekers de hersenen van 27 andere deelnemers onder de loep. Die kregen dezelfde geluiden onder dezelfde omstandigheden te horen als in het eerste experiment, maar dan zonder dat achtergrondlawaai. Met elektroden op het hoofd werd hun hersenactiviteit gemeten.
De onderzoekers concludeerden daaruit dat je hersenen meer informatie doorlaten als je ogen open zijn. Als je ze sluit, dan wordt er meer 'gefilterd', waardoor belangrijke informatie verloren kan gaan.
Informatie invullen
Achtergrondlawaai creëert een moeilijke luistersituatie. "Het geluid wordt vervormd, we gaan het minder goed horen, waardoor onze hersenen andere aanwijzingen zoeken om ervoor te zorgen dat we het makkelijker gaan horen. Als je brein weet dat het ergens in die ruis een vogel moet horen, dan gaat het sneller. In die situaties is het belangrijk dat we die visuele aanwijzingen hebben."
Volgens Kestens kunnen je hersenen zo makkelijk de informatie invullen die er niet is. "Dat is wat we ook merken bij spraakverstaan: in rumoerige situaties hebben mensen echt wel baat bij het mondbeeld van hun gesprekspartner."
Nooit meer ogen sluiten?
Helpt het dan nooit om je ogen te sluiten om beter te horen? Het hangt volgens de studie vooral af van de specifieke situatie waarin je je bevindt. Is er veel lawaai, dan heb je vaak baat bij die extra visuele informatie. "Maar als je in een stille omgeving naar muziek kan luisteren en dan je ogen sluit, kan het zijn dat je meer in het moment zit en dat je je beter kan concentreren."
Wat als je de deelnemers laat luisteren naar geluiden die niet corresponderen met de visuele input, zoals het geluid van een toetsenbord en een video van een vogel? Of wat is het effect op oudere en minder goedhorende deelnemers? Die vragen kan deze studie niet beantwoorden, maar het opent alvast wel deuren voor toekomstig onderzoek.

