In 2025 hebben 116.000 huishoudens in België hun klassieke tv-abonnement stopgezet. Sinds 2018 zijn zo al 600.000 klassieke aansluitingen verdwenen. "Veel mensen hebben de weg naar streamingdiensten gevonden", zegt professor communicatiewetenschappen Wendy Van den Broeck.
116.000 huishoudens in België zetten tv-abonnement stop in 2025: "Velen hebben weg naar streamingdiensten gevonden"
Eind 2025 telde ons land nog ongeveer 3,8 miljoen kabelaansluitingen, dat blijkt uit cijfers van telecomregulator BIPT. In 2018 waren dat er nog meer dan 4,4 miljoen. “De laatste jaren verliezen we telkens meer dan 100.000 abonnementen per jaar", zegt Jimmy Smedts, woordvoerder van het BIPT.
“Dit fenomeen is al enkele jaren bezig,” zegt professor communicatiewetenschappen Wendy Van den Broeck (VUB) in De Wereld Vandaag op Radio 1. Ze ziet verschillende oorzaken voor die beweging.
Herbeluister het gesprek met Wendy Van den Broeck in De Wereld Vandaag
Kostenafweging met streamingabonnementen
Klassieke tv‑abonnementen maken vaak deel uit van uitgebreide telecombundels, en die worden volgens Van den Broeck almaar duurder. “Mensen maken steeds vaker de afweging of ze dat echt nodig hebben. Ze gaan op zoek naar goedkopere alternatieven, zoals een abonnement met enkel internet of internet en telefonie.”
Veel kijkers gebruiken hun klassieke abonnement ondertussen in combinatie met streamingdiensten, of zegden hun abonnement zelfs op. “Heel veel Vlamingen hebben de weg naar de streamingdiensten gevonden."
Dat zijn vaak internationale streamingdiensten, zoals Netflix, maar ook Vlaamse zenders proberen mee te surfen op die digitalisering, met hun eigen streamingplatformen. “Streamz, VTM GO, VRT MAX en Play: we zien dat daar ook massaal gebruik van gemaakt wordt, ook door mensen die wel nog op de kabel aangesloten zijn: om uitgesteld te kijken, of bijvoorbeeld om reclame te vermijden.”
Jongere generaties
Naast de zogeheten ‘kabelknippers’ (de mensen die hun abonnement stopzetten) kiezen steeds minder jongeren voor een klassiek televisie-abonnement. “Wanneer jongeren op hun eigen benen staan, wordt een traditioneel kabelabonnement vaak niet eens overwogen”, ziet Van den Broeck. “Minder dan 1 op de 2 jongeren sluit nog zo een abonnement af.”
De overgebleven lineaire tv-kijkers zijn dan ook vooral oudere mensen. “Zij volgen vaak nog de klassieke programma-avond: eerst het nieuwsprogramma, dan hun favoriete soap.”
Is de traditionele televisie ten dode opgeschreven?
Toch is televisie nog lang niet verdwenen, nuanceert Van den Broeck. “Sinds de lancering van digitale televisie in Vlaanderen in 2003 wordt het einde van de traditionele televisie aangekondigd. We zijn intussen meer dan 20 jaar verder. Ze zijn er nog altijd, maar staan onder grote druk.”
“Het is zeker niet zo dat iedereen de kabel buiten heeft gegooid”, zegt Van den Broeck. “Nog steeds heeft meer dan 7 op de 10 Vlamingen een abonnement op digitale televisie. Vooral live-momenten als sport of grote shows blijven een belangrijke troef.”
Daarnaast biedt klassieke televisie volgens Van den Broeck nog steeds een uniek gebruiksgemak: “Je kan zappen, blijven hangen, verrast worden… Die traditionele kijkervaring heeft iets heel ontspannends.”
Wat wel grotendeels verdwijnt, is de gezamenlijke beleving van televisie. “De sociale functie van televisie gaat verloren. Vroeger had iedereen op het werk hetzelfde programma gezien en werd er onder collega's over gesproken. Nu kijkt iedereen naar andere programma’s - en zelfs als ze naar hetzelfde programma kijken, zitten ze misschien niet aan hetzelfde seizoen of dezelfde aflevering.”


