In Hongarije staat premier Viktor Orbán voor de eerste keer onder een slabakkende economie voor verkiezingen. Door te veel politieke inmenging groeit die niet meer en verbetert dus ook de levensstandaard niet. Ook de afhankelijkheid van energie uit Rusland is een kenmerk van zijn Hongarije. Wat is de balans na 16 jaar aan de macht?
Slabakkende economie en afhankelijkheid van energie uit Rusland: zo staat Hongarije ervoor na 16 jaar Viktor Orbán
Ildikó is speciaal met de trein van buiten Boedapest naar een markthal in het centrum van de stad gekomen, omdat de prijzen hier iets lager liggen. Ze werkt in de ouderenzorg en met haar loon is het moeilijk om rond te komen. “Alles is heel duur", zegt ze, "en als ik ziek ben, heb ik soms niet genoeg geld om eten of medicijnen te kopen”.
Ildikó is niet de enige op de markt die klaagt over hoge prijzen. Ook bij Timea horen we hetzelfde geluid: zij doet boodschappen voor haar moeder. Ze betaalt met een soort maaltijdcheque, een extra ondersteuning van het district van Boedapest waar ze woont. “De regering is gewoon verschrikkelijk, en daarom verdienen mensen niet genoeg geld.”
Péter Magyar, de leider van de oppositie, heeft van de economie en de welvaart van de Hongaren een verkiezingsthema gemaakt: “It’s the economy, stupid”, dus eigenlijk. Magyar hoopt dat de onvrede over de economie veel Hongaren naar de stembus zal lokken.
“Het is de eerste keer in de 16 jaar dat ze aan de macht zijn, dat Fidesz naar de verkiezingen moet gaan terwijl het economisch slecht gaat”, zegt Péter Virovacz, hoofdeconoom van ING in Hongarije. “De voorbije verkiezingen kon Orbán altijd kiezers trekken met een stijging van de lonen, geen inflatie en een sterke groei van het BBP. Maar dat is nu anders.”
Stagnatie
De voorbije drie jaar is de Hongaarse economie nauwelijks gegroeid. “Sinds de laatste verkiezingen, vier jaar geleden, zit de levensstandaard compleet vast”, zegt Péter Bod, econoom en oud-voorzitter van de Hongaarse nationale bank.
Waar ligt dat aan? Het probleem is volgens Bod dat de politiek te veel invloed heeft op de economie. “Officieel is Hongarije een vrijemarkteconomie, maar in werkelijkheid hebben alleen mensen die dicht bij Orbán staan een kans om een publieke opdracht binnen te halen. Door het gebrek aan competitie is er geen groei.”
“De staat werkt niet efficiënt, en de mensen beginnen dat door te hebben. Ik denk dat daarom de partij van Péter Magyar is opgekomen.”
De lonen in Hongarije zijn lager dan vergelijkbare landen, zoals Tsjechië of Slovakije. “Maar ondertussen hebben de mensen in de cirkel rond Orbán zichzelf wel verrijkt”, zegt Bod.
Afhankelijk van Russische energie
Tegelijk voert de regering van Orbán een beleid met veel sociale voordelen: premies voor koppels die meer kinderen krijgen, goedkope leningen, en lage energieprijzen.
De regering klopt zich op de borst dat de energieprijzen voor huishoudens in Hongarije de laagste zijn in heel de EU. “Dat klopt, maar het staatsbudget dat gebruikt wordt om die prijzen laag te houden, kan niet aan andere dingen worden besteed”, zegt energie-expert Attila Holoda. Hij werkte jarenlang voor MOL, het staatsoliebedrijf. Nu is hij een onafhankelijk consultant.
Orbán zegt vaak dat de sleutel tot die lage energieprijzen, de toegang tot goedkope Russische olie en goedkoop Russisch gas zijn. Hongarije is inderdaad nog altijd in grote mate afhankelijk van Russische energie.
Sinds de inval van Rusland in Oekraïne in 2022 is die afhankelijkheid alleen nog maar toegenomen, ondanks het beleid van de Europese Unie om Rusland als leverancier uit te faseren.
Volgens de regering heeft Hongarije geen andere keuze dan Russische olie en gas te importeren, omdat het ingesloten is en geen toegang heeft tot de zee. Dat klopt niet, zegt Attila Holoda: “Hongarije is volledig verbonden met het gasnetwerk van buurlanden, dus theoretisch gezien kunnen we meer dan genoeg gas kopen van andere landen.”
Bovendien is het niet zo dat het Russische gas goedkoper is. “Buitenlandminister Péter Szijjártó heeft in 2021 een langetermijncontract voor gas gesloten met Moskou, maar de prijs daarvan is vergelijkbaar met de prijs op de internationale markt.”
Hetzelfde geldt voor olie. De meeste olie die Hongarije importeert, komt uit Rusland, via de Droezjba-pijplijn. De rest komt via de Adria-pijplijn, die loopt van Kroatië naar Hongarije. De Russische olie is inderdaad goedkoper dan andere olie op de markt, maar de consument in Hongarije merkt daar eigenlijk niets van.
“MOL, het staatsoliebedrijf, rekent voor klanten aan de pomp hetzelfde als wat hun concurrenten in andere Centraal-Europese landen vragen, ook al werken ze met goedkopere olie”, aldus Holoda. De winst steekt MOL, en dus de Hongaarse overheid, in zijn zak.
“Zeggen dat goedkopere olie uit Rusland dus een voordeel is voor de Hongaarse consument, is een regelrechte leugen.”
Een nieuwe wind?
Oppositieleider Péter Magyar belooft om een einde te maken aan de stilstand. Hij wil ervoor zorgen dat Hongarije toegang heeft tot energie, ook via andere leveranciers dan Rusland. Al wil hij ook niet van de ene dag op de andere alle banden met Rusland doorknippen.
Ook Péter Virovacz, de hoofdeconoom van ING in Hongarije, zegt dat verandering hoe dan ook tijd zal kosten, wie er ook aan de macht komt. “Je kan de geografie niet veranderen, en de energienoden van het land. Je kan ook niet verwachten van eender welke regering dat veranderingen in het beleid binnen het jaar voelbaar zijn. Je kan de hele structuur van de Hongaarse economie zelfs niet veranderen tot aan de volgende verkiezingen."
Ildikó, die haar boodschappen doet op de markt in Boedapest, hoopt alvast dat het toch sneller kan: “Ik hoop dat er deze lente een verandering komt, waar we allemaal beter van zullen worden.”


