Rusland zou plannen hebben gehad om een aanslag in scène te zetten op de Hongaarse premier Viktor Orbán. Dat schrijft The Washington Post. Doel zou zijn geweest om de verkiezingscampagne in Hongarije te beïnvloeden en de focus te verleggen. "Het debat zou zo verschuiven van sociaaleconomische thema’s naar veiligheid en stabiliteit", zegt buitenlandjournalist Paulien Lambert.
Rusland zou nepaanslag hebben gepland op Orbán om Hongaarse verkiezingen te beïnvloeden: "Angst centraal zetten"
Volgens de Amerikaanse krant zou de Russische inlichtingendienst hebben overwogen om een nepaanslag te organiseren op Viktor Orbán, in de hoop de aankomende verkiezingen in Hongarije te beïnvloeden. Die vinden op zondag 12 april plaats en het ziet ernaar uit bijzonder spannend te worden.
Daar blijft het niet bij: de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken Péter Szijjártó zou tijdens Europese bijeenkomsten bovendien geregeld contact hebben gehad met zijn Russische collega Sergej Lavrov, aldus The Washington Post.
De woordvoerder van de Europese Commissie noemt die berichten "zeer verontrustend". "Een vertrouwensband tussen de lidstaten, en tussen hen en de instelling, is van fundamenteel belang voor het functioneren van de Europese Unie, en wij verwachten dat de Hongaarse regering hierover opheldering verschaft", zegt Anitta Hipper.
Idee circuleert al langer
Volgens buitenlandjournalist Paulien Lambert zou het plan vooral bedoeld zijn om de verkiezingscampagne inhoudelijk te veranderen: "Van sociaaleconomische zorgen – hebben mensen aan het einde van de maand genoeg geld – naar veiligheid en stabiliteit". In de Verenigde Staten zorgde de aanslag op Donald Trump, enkele maanden voor de verkiezingen, voor veel aandacht in zijn voordeel. "Het heeft hem heel veel populariteit opgeleverd."
Dat Rusland zich mogelijk zou bemoeien met de Hongaarse verkiezingen klinkt extreem, maar komt niet volledig uit de lucht vallen. "Het idee van een ‘valsevlagoperatie’ circuleert al langer", aldus Lambert in VRT NWS laat. "Orbán staat achter in de peilingen, en de thema’s waar het nu over gaat spelen niet in zijn voordeel." Dan kan het strategisch interessant zijn om angst centraal te zetten.
Volgens haar probeert Orbán de campagne te verschuiven naar een verhaal over externe dreiging. Die vijand wordt vandaag vooral gezocht in Oekraïne. "De boodschap is: Europa en Oekraïne willen Hongarije meesleuren in de oorlog."
De spanningen tussen Hongarije en Oekraïne zijn de afgelopen weken verder opgelopen, onder meer door een conflict over een pijpleiding voor Russische olie. "Hongarije zegt dat Oekraïne olie doelbewust tegenhoudt. Oekraïne zegt dat dit komt omdat er een aanval is gebeurd van Rusland op die pijpleiding."
Tegelijk botst Boedapest geregeld met de Europese Unie, bijvoorbeeld over sancties tegen Rusland en financiële steun aan Oekraïne. Vorige week nog blokkeerde de Hongaarse premier een lening van 90 miljard euro aan Kiev.
Voet tussen de deur
Dat maakt Orbán volgens Lambert bijzonder waardevol voor Moskou. "Rusland wil heel graag dat Orbán aan de macht blijft. Hij is al 16 jaar premier en is een soort bondgenoot voor Rusland binnen de Europese Unie. Met hem heeft Rusland een voet tussen de deur."
De positie van Orbán is echter minder zeker dan in vorige verkiezingen. Péter Magyar en zijn partij Tisza doen het al maanden beter in de peilingen. "Die voorsprong bedraagt ongeveer 10 procent", zegt Lambert. "Peilingen moet je altijd met een korrel zout interpreteren, maar je merkt wel aan de toon van de campagne hoe hard die gevoerd wordt."
Het verhaal over een mogelijke valse aanslag past in die context. "Het toont dat er misschien toch wel wat angst is bij Fidesz, dat de peilingen kunnen kloppen en dat ze dus na 16 jaar misschien van de macht worden verdreven."


