Er zijn in Vlaanderen naar schatting meer dan 21.000 dak- en thuislozen. En 1 op de 5 is tussen 18 en 25 jaar. Dat blijkt uit een nieuwe telling van de KU Leuven. "We zien dagelijks schrijnende situaties", klinkt het bij hulpverleners. Mira* en Irene* getuigen: "Als je in een opvang leeft, geven verhuurders je gewoon geen kans."
"Verhuurders geven je gewoon geen kans": Mira, Irene en 21.000 anderen in Vlaanderen zijn dak- of thuisloos
"Douchen deed ik in de sporthal of in het zwembad", getuigt Mira*. Ze was amper 17 toen ze 2 maanden op straat moest leven in Merchtem.
En ook Irene* (50) zit al enige tijd zonder eigen stek. "Ik heb weken bij een vriendin gezeten, en nu zit ik in een opvang in Lommel."
Irene en Mira zijn niet alleen: in Vlaanderen zouden zo'n 14.822 volwassenen en 6.606 kinderen geen thuis hebben. Dat berekenden onderzoekers van de KU Leuven op basis van een telling in regio Demerland, Asse-Dilbeek-Affligem, Rivierenland en Noord-Limburg.
Hoe gingen de onderzoekers te werk?
Op 17 oktober 2025 werd er een grote telling georganiseerd. Daarvoor werden 29 lokale besturen en 117 verschillende lokale diensten ingezet. Denk aan organisaties zoals de nachtopvang of het OCMW, maar ook aan minder voor de hand liggende instellingen zoals ziekenhuizen of sociale restaurants. Dubbele tellingen werden later verwijderd.
De onderzoekers doen het onderzoek elk jaar, telkens in andere regio's. De resultaten extrapoleren ze dan naar heel Vlaanderen, rekeninghoudend met de vorige tellingen en de grootte van de gemeenten waar geteld werd.
"We zien een bevestiging van wat we eerder al hebben vastgesteld", legt professor Koen Hermans (KU Leuven) uit. Hij begeleidde het onderzoek. "Het aantal dak- en thuislozen blijft hoog. Zelfs in regio's waar je het misschien niet zou verwachten. Ook de betrokken diensten en lokale besturen verschieten ervan."
"We zijn ook bezig met hertellingen", gaat hij verder. "In Noord-Limburg en Rivierenland telden we voor de 2e keer. En dan blijkt toch dat het aantal dak- en thuislozen daar toeneemt." En daarmee volgt Vlaanderen de Europese tendens.
Veel jonge mensen
'De' dakloze, die bestaat niet. En als die al zou bestaan, is het beeld van de man op straat al zeker niet representatief. De meeste dak- en thuislozen in Vlaanderen verblijven tijdelijk bij vrienden of familie, zogenaamde 'sofasurfers'. Daarnaast is 35 tot 45 procent vrouw.
In die cijfers zitten ook heel wat jongeren van 18 tot 25 jaar. "We schatten dat 1 op de 5 jongvolwassen is. In de regio Noord-Limburg loopt dat zelfs op tot bijna 1 op de 3", zegt Hermans. "We weten bijvoorbeeld dat jongeren die jeugdhulp verlaten een risicogroep zijn, de overgang naar de reguliere huurmarkt wordt voor hen steeds moeilijker."
Ik moest mijn plan trekken. En ik was te beschaamd om hulp te vragen
Mira* (20)
Daarover kan Mira meespreken, ze belandde op straat na een periode in instellingen en de jeugdgevangenis. "Daarna lieten ze me aan mijn lot over. Ik moest mijn plan trekken. En ik was te beschaamd om hulp te vragen, ik was beschaamd dat ik geen geld had."
Ondertussen gaat het beter met Mira. Ze kreeg financiële hulp, en durfde opnieuw contact op te nemen met familie. Ze huurt ondertussen een appartementje in Brussel, en is op zoek naar een job. "Ik had het geluk dat ik iemand kende bij de hulpverlening, maar anders zou ik niet weten waar ik terecht kon. Er is echt nood aan meer begeleiding van jongeren."
En ook Ingelise Gerritsen maakt zich zorgen over de jongeren. Ze werkt voor het CAW Halle-Vilvoorde. "Dat is een problematiek die we vaak zien. Het wordt jaar na jaar duurder om hier te kunnen wonen. Dat ligt bijvoorbeeld aan de uitstroom van Brussel, maar ook aan de stijgende woonnormen."
Meer dan 6.500 kinderen
Toen Mira op straat leefde was ze nog minderjarig. Ze maakt daarmee deel uit van een minderheid. "Kinderen bevinden zich vaak met hun ouders in die situatie van dak- en thuisloosheid, en wonen bijvoorbeeld in een noodwoning of zitten mee in die situatie van dreigende uithuiszetting", zegt Hermans.
1 op de 3 van alle dak- en thuislozen is jonger dan 18 jaar. "Die kinderen zijn heel kwetsbaar. Wij maken ons zorgen over de ontwikkeling van die kinderen die van de ene naar de andere plek hoppen. Dat zorgt voor stress, onzekerheid en heeft een impact op hun schoolprestaties", zegt Gerritsen.
Dreigende uithuiszetting
"Wat we ook zien is dat er veel mensen bedreigd worden met uithuiszetting. Bijvoorbeeld door huurachterstand, maar ook omdat de woning ongeschikt werd verklaard. Dat is het gevolg van de stijgende woonnormen", zegt Hermans.
Ook Gerritsen ziet veel mensen die uit hun woning gezet dreigen te worden. In de regio Asse-Dilbeek-Affligem is dat zelfs de grootste groep. "Vaak gaat het om mensen die de huur niet meer kunnen betalen. En het kan iedereen overkomen, denk aan ziekte of echtscheiding. Dat volstaat vaak om het evenwicht te doen kantelen", legt ze uit.
Ik voel me gevangen in mijn kamer
Irene (50)
"Wij zien dagelijks schrijnende situaties. De sociale huurmarkt kan de instroom niet aan, en de private huurmarkt is onbetaalbaar. En die mensen die al kwetsbaar zijn krijgen dan ook nog eens te maken met discriminatie op de huurmarkt."
Het overkwam Irene. Ze werd uit haar huurwoning gezet nadat ze in schuldbemiddeling terechtkwam. "Ik ben dankbaar voor deze opvang, maar ik voel me ook gevangen in mijn kamer. Het is niet duidelijk waar ik terecht kan hierna. En ik moet telkens opnieuw door die procedures, daar word je moe van."
En ook de discriminatie voelt Irene. "Ik zit elke dag uren te scrollen op Immowebsites. Maar als je in opvang zit, geven verhuurders je gewoon geen kans. En sociale woningen zijn er te weinig, ik sta al jaren op een wachtlijst."
Er is niet 1 wonderoplossing
Koen Hermans, professor sociaal werk en sociaal beleid (KU Leuven)
Hoe moeten we het probleem dan aanpakken? "De groep dak- en thuislozen is heel divers, dus er is niet 1 wonderoplossing. We moeten vooral preventief werken, bijvoorbeeld naar jongvolwassenen toe. Maar ook begeleiding van mensen die uit instellingen komen of van mensen in een noodwoning is erg belangrijk", zegt Hermans.
"Maar we weten wel dat meer woningen op maat van die specifieke doelgroepen een structurele oplossing zou bieden voor veel van de mensen. Dus we pleiten toch echt voor woongerichte oplossingen", besluit hij.
Mira* en Irene* zijn schuilnamen. De getuigen wensten anoniem te blijven. Hun namen zijn bekend bij de redactie.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant