Hoewel het alcohol- en cannabisgebruik bij studenten daalt, zitten risicovolle drinkpatronen zoals bingedrinken en 'indrinken' opnieuw in de lift. Dat blijkt uit de nieuwe grootschalige bevraging van het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD). Ook vapen en het gebruik van stimulerende medicatie zoals rilatine blijven toenemen.
Studenten drinken minder alcohol, maar risicovol gedrag zoals bingedrinken en indrinken neemt toe
Samenvatting:
Hoewel steeds minder studenten alcohol drinken, nemen risicovolle drinkpatronen opnieuw toe: 30 procent van de drinkende studenten doet minstens maandelijks aan bingedrinken en 44 procent voelt zich minstens maandelijks dronken.
Vapen en het gebruik van stimulerende medicatie zoals Rilatine blijven stijgen: 44 procent van de studenten gebruikte het afgelopen jaar nicotine, en 6 procent greep naar prestatiebevorderende medicatie.
Cannabisgebruik daalde, maar wie blowt ervaart vaker problemen: voor het eerst sinds 2005 meldt een kwart van de gebruikers twee of meer problemen door hun cannabisgebruik, zoals controleverlies of het verwaarlozen van sociale contacten.
Hoe gaan Vlaamse studenten echt om met alcohol, tabak, vapes en illegale drugs? Om die vraag te beantwoorden, bevraagt het VAD elke 4 jaar meer dan 20.000 studenten uit alle Vlaamse en Nederlandstalige Brusselse hogeronderwijsinstellingen.
Minder drinkers, meer uitschieters
De trend die in 2017 werd ingezet, zet zich door: steeds minder studenten drinken alcohol. Toch is er een schaduwkant. Wie wel drinkt, doet dat vaker op een riskante manier. Tijdens de derde coronalockdown in 2021 was het risicovol drinken bij studenten namelijk afgenomen, maar nu nemen de risicovolle patronen toe.
Het beeld van de student die wekelijks liters bier verzet, klopt niet voor de gemiddelde student, maar een specifieke groep baart zorgen. "Voor ongeveer 22 procent van de studenten maakt stevig drinken integraal deel uit van het studentenleven, met alle nadelen van dien", zegt VAD-directeur Katleen Peleman.
Van de studenten die alcohol drinken, doet 30 procent minstens 1 keer per maand aan , 37 procent aan voor het uitgaan, en 35 procent maandelijks of vaker aan het spelen van drinkspelletjes. 44 procent voelt zich minstens maandelijks dronken.
Tijdens de lesweken drinkt driekwart van de studenten gemiddeld 2 glazen per week, ruim onder de richtlijn van 10 glazen. De groep zware drinkers zit daar echter ver boven, met een gemiddelde van 28 glazen per week. Opvallend: meer dan een derde van die zware drinkers vindt dat verbruik "niet te veel".
Tijdens de blok- en examenperiodes dronk 60 procent geen alcohol.
Mannen en kotstudenten op kop
De kloof tussen mannen en vrouwen blijft groot. Mannelijke studenten drinken tijdens lesweken gemiddeld 16 glazen per week, bijna 3 keer zoveel als hun studiegenotes (6 glazen). Ook drinken mannen vaker meer dan 10 glazen per week: 43 procent tegenover slechts 8 procent bij de vrouwen.
Daarnaast spannen kotstudenten de kroon: ze drinken vaker en meer dan thuiswonende studenten en zij die zelfstandig wonen. Ook riskant gedrag zoals bingedrinken en indrinken komt bij hen - net als bij mannen - aanzienlijk vaker voor.
Nicotine: de verwarring rond de vape
Bijna de helft van de studenten (44 procent) gebruikte het afgelopen jaar nicotine. Hoewel 7 op de 10 van hen aangeeft te willen stoppen, slaagt slechts een kleine minderheid daarin. Het is makkelijker voor studenten die enkel vapen, maar ook daar is herval de norm.
Een kwart van de studenten combineert tabak met de e-sigaret. "Dat de meeste studenten minstens 1 van beide producten slechts af en toe gebruiken, kan wijzen op een overgangsfase", zoekt het VAD naar een verklaring. "Tegelijk is het zorgwekkend dat 1 op de 3 studenten die zowel roken als vapen, beide producten wekelijks gebruikt."
Opvallend ook: de meerderheid denkt onterecht dat vapen even schadelijk of zelfs schadelijker is dan roken. Daardoor is de kans kleiner dat ze naar een e-sigaret grijpen om te stoppen met nicotine.
Minder cannabis, andere illegale drugs stabiel
"Cannabis heeft nog te vaak het imago onschuldig en niet-verslavend te zijn. Ten onrechte", zegt Peleman. De cijfers tonen inderdaad aan dat studenten steeds vaker problemen ervaren als ze blowen.
Het cannabisgebruik is dan wel gedaald tot het niveau van 2017, maar wie blowt, ervaart controleverlies of verwaarloost zijn hobby's of sociale contacten vaker. Het is de eerste keer sinds 2005 dat een kwart van de gebruikers 2 of meer problemen aankaart die te wijten zijn aan hun cannabisgebruik.
Zit je met vragen over drugs of heb je nood aan een luisterend oor? Dan kan je terecht bij de Druglijn (www.druglijn.be of nummer 078 15 10 20), Tele-Onthaal (www.tele-onthaal.be of nummer 106) of Awel (www.awel.be of nummer 102).
Het aandeel studenten dat het afgelopen jaar andere illegale drugs dan cannabis gebruikte, blijft stabiel op 11 procent. Bij de illegale drugs stijgt het gebruik van xtc, en 'designer drugs' (NPS). Het gebruik van lachgas en GHB nam af.
Na een stijging in 2021 blijft het gebruik van slaap- en kalmeermedicatie stabiel: in 2025 nam 9 procent van de studenten deze medicatie. Tot slot blijft het gebruik van stimulerende medicatie zoals Rilatine toenemen. Studenten nemen die middelen om hun studieprestaties te verbeteren. Hoewel het om slechts 6 procent gaat, stijgt dat cijfer voor de tweede keer op rij.
Methodologie
Sinds 2005 wordt de grootschalige ‘In hogere sferen’-bevraging 4-jaarlijks georganiseerd. De enquête die plaatsvond in 2025 is dus al de 6e editie, en de 3e waaraan alle instellingen van het hoger onderwijs in Vlaanderen en het Nederlandstalig hoger onderwijs in Brussel deelnamen.
Van begin februari tot eind april 2025 werd de enquête opengesteld. In die periode vulden in totaal 21.440 studenten de online vragenlijst in. Deze steekproef werd gewogen volgens de instellings-, leeftijds- en geslachtsverdeling van de Vlaamse studentenpopulatie. Zo kregen de onderzoekers een zo representatief mogelijk beeld.

