Door artificiële intelligentie wordt het steeds moeilijker om echt van nep te onderscheiden. Maar wie even vertraagt, kan nog altijd zijn weg vinden door het moeras van fake news. In het jaarlijkse Digimeter-onderzoek zegt 85 procent van de Vlamingen te vrezen dat artificiële intelligentie helpt om foutieve informatie te verspreiden. Die vrees is terecht. Maar daarom is het nog niet onmogelijk geworden om goed en kritisch te kijken.
Artificiële intelligentie zet turbo op fake beelden, maar traag en kritisch kijken kan nog altijd helpen
Samenvatting:
AI maakt het steeds makkelijker om nepbeelden te maken die eruitzien als echte foto's of video's. Nepbeelden van een bombardement op Tel Aviv werden 30 miljoen keer bekeken.
Meer dan 8 op de 10 Vlamingen vrezen dat dit de verspreiding van foutieve informatie versterkt.
Wie desinformatie wil herkennen, kan dat door te vertragen, de bron te controleren, bevestiging te zoeken bij meerdere onafhankelijke media en kritisch te kijken naar onlogische details in beelden.
Op mijn scherm staat een foto van een bommenwerper die boven Iran is neergehaald. Soldaten van de Iraanse Revolutionaire Garde voeren krijgsgevangen Amerikaanse militairen af. Op de achtergrond wappert de Iraanse vlag. "Iran is totally winning", lees ik in de beschrijving. "Iran is aan het winnen."
Het beeld ziet er bijna echt uit. Maar het is volledig gemaakt met AI. Het wemelt van zulke beelden online, zeker nu de spanningen rond Iran weer oplopen.
Er is goed en slecht nieuws. Het slechte: artificiële intelligentie zet meer dan ooit een turbo op desinformatie. Maar er is ook goed nieuws. We kunnen wél door dat moeras navigeren. Alleen vraagt het andere reflexen. Meer twijfel. En een beetje speurwerk.
Het gevoel van onzekerheid leeft breed
Meer dan 8 op de 10 Vlamingen vrezen dat AI de verspreiding van foutieve informatie versterkt. Ze hebben gelijk. AI-programma's, zoals ChatGPT van OpenAI of Gemini van Google kunnen vandaag in seconden een beeld maken dat eruitziet als een echte foto: een bombardement op een stad, een neergeschoten gevechtsvliegtuig, een politicus in handboeien. De kwaliteit is soms moeilijk van echte beelden te onderscheiden, zeker voor wie snel scrolt.
Zo werd een AI-gegenereerde video van een bombardement op Tel Aviv al zeker 30 miljoen keer bekeken. Een bewerkte satellietfoto van een aanval op een Amerikaanse basis in Qatar ging de wereld rond als bewijs dat de Amerikanen kwetsbaar zijn. Die aanval heeft nooit plaatsgevonden. De recente stroom aan desinformatie rond Iran laat perfect zien hoe razendsnel zulke beelden massaal online worden gedeeld en hoe lang het gespecialiseerde journalisten als factcheckers kost om de schade te beperken.
Een herkenbaar patroon
Wat in Iran gebeurt, zien we overal. Toen begin dit jaar berichten opdoken over een mogelijke arrestatie van de voormalige Venezolaanse president Nicolás Maduro, verschenen meteen nepbeelden van zijn aanhouding. Nep, maar veel gedeeld.
Rond de Epstein-files hetzelfde: online doken nepfoto's op van politici naast de de voor misbruik veroordeelde Amerikaanse financier Jeffrey Epstein, inclusief het 'bewijs' dat hij vandaag ondergedoken leeft in Israël.
In Mexico gebruiken drugskartels desinformatie nog strategischer: wanneer een leider wordt opgepakt, overspoelen hun netwerken het internet met geruchten en valse beelden om verwarring en angst te zaaien.
Het patroon is telkens hetzelfde: eerst de crisis, dan het informatievacuüm - het moment dat er geen betrouwbare informatie beschikbaar is - en daarna een stortvloed aan beelden die die leegte opvult.
Niet nieuw, wel sneller en grootschaliger
Fake news dat viraal gaat is natuurlijk geen nieuw fenomeen. 10 jaar geleden, in de aanloop naar de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016, ging al een bericht rond met de titel: “Pope Francis shocks world, endorses Donald Trump for president.” De toenmalige paus Franciscus zou presidentskandidaat Donald Trump steunen. Het verhaal was volledig verzonnen, maar werd bijna een miljoen keer gedeeld op Facebook, terwijl de paus zelf net had gezegd dat hij zich nooit mengt in verkiezingscampagnes.
Wat toen begon met misleidende artikels en gemanipuleerde foto's, is vandaag geëvolueerd naar volledig met de computer gemaakte synthetische beelden, video's en stemmen. Het verschil zit niet alleen in de technologie, maar ook in de snelheid en schaal waarop desinformatie nu geproduceerd en verspreid kan worden.
Wie alleen consumeert wat zijn feed hem serveert, ziet een gekleurd stukje van de werkelijkheid. Wie zelf zoekt, ziet veel meer.
Maar de waarheid verdwijnt niet
Het probleem is niet alleen de technologie. Het is ook hoe we informatie consumeren. We scrollen ons nieuws bij elkaar via appjes op de telefoon, al dan niet met een algoritme dat beslist wat je ziet, een feed die nooit stopt, een wereld die 24/7 op volle toeren draait. In die constante stroom is er geen ruimte om te twijfelen. Je scrolt verder voor je goed en wel beseft wat je net hebt gezien.
Maar wie het web actief gebruikt, wie zelf zoekt, vergelijkt en doorklikt, vindt wel degelijk goede informatie. Digitale vaardigheden kun je leren en nu is het meer dan ooit nodig. Wie alleen consumeert wat zijn feed hem serveert, ziet een gekleurd stukje van de werkelijkheid. Wie zelf zoekt, ziet veel meer.
Trager is beter
En daar zit precies de kern: vertragen. Niet als een digitale tip, maar als een bewuste keuze in een wereld die je constant aanmoedigt om sneller te gaan. Een spectaculair beeld dat meteen woede, angst of verontwaardiging oproept, is zelden het moment om te delen. Het is net het moment om even te stoppen.
Wie dat kan, wie in staat is te pauzeren midden in de informatieovervloed en zichzelf afvraagt ‘klopt dit eigenlijk wel?’ heeft de belangrijkste vaardigheid van dit digitale tijdperk al te pakken. Zeker in een wereld waar dit soort desinformatie niet meer te stoppen lijkt.
Een paar tips om kritisch te kijken:
Vertraag. Spectaculaire beelden spelen vaak in op emotie. Net daardoor worden ze massaal gedeeld.
Controleer de bron. Verschijnt het enkel op sociale media of ook bij betrouwbare nieuwsmedia?
Zoek bevestiging. Grote gebeurtenissen worden bijna altijd door meerdere onafhankelijke bronnen gemeld.
Kijk kritisch naar het beeld. AI-beelden vertonen vaak onlogische details, schaduwen of perspectieven.



