Zin in een schalks boek van een superieure geest dat onnadrukkelijk belangrijk is? Probeer dan 'Plooi u in tweeën', de nieuwste van Joke van Leeuwen. Ik was vertederd, heb geglimlacht én heb nagedacht.
Een meisje dat niet "bijvoeglijk" wou zijn en een groot schrijver werd
Auteur en illustrator Joke van Leeuwen (73) is zo'n zeldzaam veelzijdig talent in onze literatuur: ze kan het allemaal. Ze tekent, verzint kinder- en jeugdboeken, dicht, treedt op, schrijft historische romans. En met haar recente boek voegt ze daar nu ook 'een memoir' aan toe.
Noem het en Joke van Leeuwen heeft het niet alleen gedaan, ze is er ook rijkelijk voor bekroond. Op haar schouw prijken Ganzenveren, Griffels en Penselen in alle kleuren, een Gouden Uil, de Constantijn Huygensprijs, een AKO-literatuurprijs, een Ultima...
Toch heb ik nog altijd het gevoel dat haar werk niet genoeg naar waarde wordt geschat, dat er te geringschattend over wordt gedaan. 3 redenen dus om daar dringend verandering in te brengen. En om het nieuwste boek te lezen van de vrouw die ons het onnavolgbare 'Iep!' heeft geschonken.
Joke van Leeuwen is ontroerend
Een memoir. Dat belooft de ondertitel van dit boek. Op haar 13e verhuist de auteur met haar gezin van een dorp in Nederland naar het ingewikkelde Brussel. De ideale achtergrond voor die verwarrende puberteit. Ze geeft een tijdsbeeld in een slordige 180 bladzijden.
Achter de onafgewerkte zinnen gaat vaak de grootste schoonheid schuil
Ruth Joos
Van Leeuwen is dat tekenende en schrijvende meisje dat haar eigen kamer en leven in Brussel probeert vorm te geven. Ze valt tussen de plooien, hoort nergens helemaal bij. Op een verkleedfeestje komt ze aan als schemerlamp. Ze past niet in de moppen over gierige Hollanders en weigert zich als meisje "bijvoeglijk" te gedragen.
Ook in de liefde valt ze buiten de begaanbare paden. "Ik heet niet lesbisch, ze noemen het bi, en aan dat woordje hangt de goegemeente een waslijn vol vooroordelen op."
Ze besluit dan maar "geestelijk eenzaam" te zijn. Tot ze tot het aandoenlijke besef komt: "Er begint iets te dagen. Dat ik niet geestelijk eenzaam hoef te zijn, omdat er anderen bestaan die net zo, die ook, die, enfin, er zijn altijd anderen."
Achter de onafgewerkte zinnen gaat vaak de grootste schoonheid schuil.
Joke van Leeuwen is grappig
De auteur groeit op in een creatief gezin waar ze samen 'Canzonissima' naspelen en iedereen zijn eigen lied verzint. Ook de gezangen uit de hervormde liedbundel worden vrolijk aangepast aan de leeftijd van de kinderen. Taal is er kneedbaar, en dat zal ze voor Van Leeuwen altijd blijven.
Van Leeuwen is en blijft de onbetwiste koningin van de intelligente lichtvoetigheid, maar vergis je niet: het gaat wel degelijk ergens over
Ruth Joos
Vakkundig haalt Van Leeuwen ondertussen een paar hardnekkige misvattingen over Nederlanders en Vlamingen onderuit. Zo wijst ze haar landgenoten erop dat wij "hier echt niet de hele tijd 'awel zulle droogzwierder' zeggen, terwijl het eigenlijk 'nou ja seg sentrifuusje' moet zijn".
Van Leeuwen is en blijft de onbetwiste koningin van de intelligente lichtvoetigheid, maar vergis je niet: het gaat wel degelijk ergens over.
Joke van Leeuwen is slim
Haar jeugdherinneringen zoeken naar de verschillen tussen België en Nederland en naar waar we elkaar zo goed als kwijt zijn geraakt. Een euvel dat elke schrijver, zowel uit noord als uit zuid, aan den lijve ondervindt.
Zonder omwegen lepelt Van Leeuwen ons anekdotes op uit haar schrijverschap, hoe ze als vrouw toch nog altijd net iets minder serieus wordt genomen
Ruth Joos
Daarnaast toont een handvol reclameaffiches uit haar jeugd ons hoe seksisme algemeen aanvaard was. Een vanzelfsprekendheid. Zonder omwegen lepelt Van Leeuwen ons anekdotes op uit haar schrijverschap, hoe ze als vrouw toch nog altijd net iets minder serieus wordt genomen.
En als het gaat om dat intussen beruchte onveiligheidsgevoel van vrouwen, laat ze er evenmin twijfel over bestaan. Op haar eerste avond in Brussel besluit ze een ommetje te maken, zoals ze dat zo vaak deed in het dorp. Ze wordt achtervolgd door een man. En besluit nooit nog avondwandelingen te maken.
Wat later – ze is op weg naar een vriendinnetje en is te vroeg uit de tram gestapt – grijpt een man haar vast. Ze weet te ontkomen. Haar zus wordt herhaaldelijk benaderd, aangeraakt, betast zonder dat ze dat wil. Femme de la rue, een slordige 6 decennia geleden.
Van Leeuwen schetst zo een jeugd die tegelijk persoonlijk en herkenbaar is. Langzaamaan zie je een persoonlijkheid ontstaan die zich niet laat leiden door wat hoort. Ze is zoveel meer en ze weigert zich te plooien.



