Op een internationale AI-top in India wordt met duizelingwekkende bedragen geschermd. Minister-president Narendra Modi belooft ongeveer 200 miljard euro aan investeringen in datacenters en infrastructuur. Volgens VRT NWS-journalist Tom Van de Weghe is de ambitie duidelijk: India wil uitgroeien tot een wereldmacht in artificiële intelligentie.
India goochelt met onwerkelijke bedragen op top over artificiële intelligentie: "AI is geen Silicon Valley-verhaal meer"
De top in India is de eerste grote AI-bijeenkomst buiten het rijke Westen. Twintig wereldleiders en de belangrijkste CEO's uit de technologiesector tekenen present, en grote namen als Google, Microsoft en Amazon hebben miljardeninvesteringen aangekondigd. Beelden van de Indiase premier Narendra Modi, hand in hand met techleiders zoals Sam Altman, gingen de wereld rond.
De symboliek is duidelijk: India wil zich positioneren als hét nieuwe centrum van AI-ontwikkeling.
"Het doet wat denken aan de film Everything Everywhere All at Once", vertelt Tom Van de Weghe, die de top ter plaatse bijwoont, in de dagelijkse nieuwspodcast Het Kwartier. "India doet alles tegelijk om die nieuwe AI-grootmacht te worden."
Energie blijft achilleshiel
Die ambitie komt niet uit het niets. India beschikt al decennialang over een sterke IT-sector. Met ongeveer één miljard internetgebruikers en een enorme uitstroom van technologietalent heeft India een schaalvoordeel waar weinig landen aan kunnen tippen. Bovendien is het land vandaag al de op één na grootste markt voor AI-toepassingen zoals ChatGPT en Claude van Anthropic.
Toch is India voorlopig vooral zelf consument en een testmarkt, geen producent. Het land heeft nog geen eigen geavanceerd AI-model zoals ChatGPT dat heeft of het Chinese DeepSeek. Ook geavanceerde chips ontbreken, en de veelheid aan lokale talen maakt de ontwikkeling van taalmodellen complexer.
India zet zwaar in op de bouw van datacenters, maar die vergen enorme hoeveelheden energie en water. Wereldwijd wordt verwacht dat AI binnen enkele jaren tot een vijfde van het totale elektriciteitsverbruik kan opslokken.
Dat is een uitdaging voor een land dat nu al kampt met stroomtekorten en sterk afhankelijk is van fossiele brandstoffen zoals steenkool, gas en olie.
De Indiase regering schuift kernenergie naar voren als oplossing. Vandaag produceert het land ongeveer acht gigawatt via kerncentrales, maar dat moet tegen 2045 stijgen tot 100 gigawatt. De nucleaire sector wordt deels opengesteld voor private investeerders, zodat ook bedrijven kerncentrales kunnen bouwen om AI-infrastructuur van stroom te voorzien.
"Maar kerncentrales bouwen duurt jaren en kost miljarden", waarschuwt Van de Weghe. "De vraag is of dat snel genoeg zal gaan."
Nieuwe wereldorde in AI
In grote lijnen geldt: de VS ontwikkelen de modellen, Azië produceert de chips en Europa schrijft de regels, onder meer met de AI Act. Amerikaanse bedrijven domineren, terwijl chipontwerpen van NVIDIA in Azië worden geproduceerd.
India probeert zich in dat krachtenveld te profileren als vierde speler: een brug tussen het Westen en het mondiale Zuiden. Het wil AI betaalbaar uitrollen voor honderden miljoenen mensen en werkt tegelijk aan eigen chipproductie, onder meer via Tata Group.
Bindende akkoorden leverde de top niet op, maar de geopolitieke inzet is duidelijk: AI is uitgegroeid tot een strategische machtsfactor, vergelijkbaar met energie. "AI is geen Silicon Valley-verhaal meer", zegt Van de Weghe. "Het is geopolitiek, zoals olie of kernenergie."
Tegelijk bleek achter de schermen hoe menselijk die strijd blijft, met rivaliteit, diplomatieke spanningen en controverse. Uiteindelijk zijn het mensen met macht en belangen die bepalen hoe deze technologie onze toekomst zal vormgeven.
Wat is er mis met het drinkwater in West-Vlaanderen? India en AI. Een orkest op het werk


