”De ergste vloek die de techniek over ons heeft gebracht, is dat zij het onmogelijk maakt de actualiteit ook maar één seconde te vergeten.” Woorden van Stefan Zweig in het beroemde boek 'De wereld van gisteren'. Voortaan richt ik voor u elke zondag mijn blik op de wereld en wat daarin verschuift en wankelt. Hoe we intussen met z’n allen proberen niet mentaal te bezwijken onder de nieuwsstroom. Dezer dagen moet ik vaak denken aan Hannah Arendt, die als politiek denker zo’n beetje het kompas is voor de wereld van nu.
Hannah Arendt en het beest in elk van ons
Wie vandaag door Washington D.C. wandelt, ziet nog altijd dezelfde monumenten: het Capitool, het Lincoln Memorial, de marmeren belofte van een democratie die zichzelf graag als uitzonderlijk beschouwt. Maar onder dat marmer is iets aan het schuiven. Niet plots, niet spectaculair. Eerder traag, zoals erosie, maar de voorbije weken plots met een rotvaart.
Hannah Arendt, Duits-Joods politiek denker, vluchtelinge voor het nazisme en scherp observator van macht, zou zich waarschijnlijk niet verbazen over de verwarrende nervositeit die vandaag door de Verenigde Staten waart. Ze wist dat autoritarisme zelden begint met laarzen op straat. Het begint met woorden. Met het normaliseren van leugens. Met het idee dat feiten onderhandelbaar zijn en dat waarheid vooral een kwestie van loyaliteit is.
In 'The origins of totalitarianism' (1951) beschrijft Arendt hoe massabewegingen gedijen op vervreemding. Mensen die zich niet meer vertegenwoordigd voelen, die het vertrouwen in instellingen verliezen, worden vatbaar voor leiders die eenvoudige antwoorden beloven.
Herkent u het? Make America Great Again is in feite vooral een emotie. Een verlangen naar orde in een chaotische wereld. En daar grove middelen voor inzetten. Arendt zou dat onmiddellijk herkend hebben.
Wat haar analyse vandaag zo ongemakkelijk actueel maakt, is dat ze ons geen geruststellend verhaal biedt. Geen duidelijke scheiding tussen 'goede democraten' en 'slechte autoritairen'. Integendeel: Arendt legt de vinger op onze eigen verantwoordelijkheid.
Autoritarisme, zo stelt ze, is geen buitenaardse afwijking. Het groeit in samenlevingen waar burgers stoppen met denken, met oordelen, en tegenspreken. En helaas stellen we vast dat de krachten die haat willen stimuleren een stuk fanatieker zijn dan de krachten die verzoening nastreven.
Het beroemdste en meest controversiële idee van Hannah Arendt — de 'banaliteit van het kwaad' — wordt vaak verkeerd begrepen. Arendt bedoelde niet dat kwaad onschuldig is. Ze bedoelde dat het vaak uitgevoerd wordt door gewone mensen die hun moreel kompas hebben uitgeschakeld.
Kijk dezer dagen in 'Terug naar Joegoslavië naar het getuigenis van Esad Landzo, een jonge kampbeul in de Bosnische oorlog begin jaren 90. Zoals hij zijn er wel méér: ambtenaren die “gewoon hun werk doen”. Politici die “de wil van het volk volgen”. Journalisten die “beide kanten” willen laten horen, ook als één kant aantoonbaar liegt.
Kijk naar de Verenigde Staten vandaag en je ziet die 'banaliteit' overal opduiken. Lokale kiesambtenaren die onder druk worden gezet om resultaten “te herzien”. Rechters die openlijk ideologisch worden geselecteerd of vijanden van de president moeten vervolgen. Parlementsleden die weten dat een bewering onwaar is, maar ze toch herhalen omdat hun president dat verwacht.
Het systeem kraakt niet omdat iedereen kwaadaardig is, maar omdat te veel mensen zwijgen.
Björn Soenens
Hannah Arendt hechtte een bijna ouderwets belang aan feiten. Feiten zijn koppig, schreef ze. Ze vormen de gemeenschappelijke realiteit die politiek bedrijven überhaupt mogelijk maakt. Zonder gedeelde feiten blijft alleen rauwe macht over.
Wie vandaag ziet hoe complottheorieën in de VS niet langer marginaal zijn, maar mainstream, begrijpt hoe precair dat evenwicht is geworden. Als elke verkiezingsuitslag verdacht is, als elke journalist “vijand van het volk” kan zijn of wordt opgepakt (zoals ex-CNN-ankerman Don Lemon), dan wordt democratie een lege doos.
Verschuivingen
Nee, dit is geen exclusief Amerikaans verhaal. Wie denkt dat Europa immuun is, think again! Ook hier groeit het wantrouwen. Ook hier winnen partijen terrein die rechters, media en academici afschilderen als deel van een corrupte elite. Christophe Busch van het Hannah Arendt Instituut vertelt er deze week uitgebreid over in de VRT NWS-podcastreeks 'De verrekijkers '.
Ook bij ons klinkt de roep om 'sterk leiderschap' of een deportatiepolitie luider wanneer de wereld ingewikkeld wordt. Ook hier worden migranten als vervelende obstakels gezien. Arendt zegt ons: let op! Niet omdat het morgen fout kan gaan, maar omdat het vandaag al verschuift.
Wat Arendt ons vooral leert, is dat denken een politieke daad is. Denken, niet als in: meningen hebben. Maar denken als in: stilstaan, twijfelen, jezelf bevragen. Dat is lastig. Het vertraagt. Het maakt je impopulair.
Maar het is de enige echte dam tegen autoritarisme. Democratie leeft niet van slogans, maar van burgers die weigeren hun oordeel uit te besteden.
Misschien is dat wel haar meest ongemakkelijke boodschap: dat niemand van ons onschuldig aan de zijlijn staat. Niet de kiezer, niet de journalist, niet de academicus.
Autoritarisme heeft geen meerderheid nodig, alleen genoeg mensen die wegkijken.
Björn Soenens
Hannah Arendt vermeed morele verontwaardiging en emotionele taal, waardoor sommigen haar soms kil vonden in haar analyse. Omdat ze niet vertrouwde op emotionele identificatie, maar op het denken vanuit meerdere perspectieven. Als dat geen sterke les is voor al wie leeft in dit tijdsgewricht.
We kunnen altijd ingrijpen, suggereert Hannah Arendt. Maar alleen als we bereid zijn wakker te blijven. Blijven denken. En vooral: door niet mee te gaan in de verleiding van de gemakzucht.
Beschaving, zo leert ze ons, biedt geen garantie tegen het kwaad. Dat maakte de film 'Zone of interest' (2024) pijnlijk duidelijk: een idyllisch en paradijselijk gezinsleven voor Auschwitz-commandant Rudolf Höss pal naast het vernietigingskamp waar de industrialisatie van de dood zich voltrekt, en die door het gezin emotieloos genegeerd wordt, "buiten hun eigen zone".
Democratie, zo wist Hannah Arendt als geen ander, is geen natuurverschijnsel. Het is een dagelijkse lastige oefening. En wie die oefening opgeeft, mag niet verbaasd zijn als iemand anders de macht zonder pardon overneemt. Want dan wordt het écht waar: dan schuilt er een beest in elk van ons.


