KANAL opent op 28 november meteen met 10 opmerkelijke tentoonstellingen en met werk van Picasso, Mondriaan en Matisse. Dat bleek tijdens de persvoorstelling. Daarnaast voorziet het museum ook een bakkerij, een speelterrein van 700 vierkante meter en een drukkerij.
Picasso, Mondriaan, Matisse: Kanal in Brussel opent in november met 10 tentoonstellingen
Binnen 10 maanden is het D-day voor Kanal, dan slaan de deuren van de voormalige Citroënfabriek aan het Brussels kanaal opnieuw open. Negen jaar na het startschot wil het museum zich positioneren als hét vlaggenschip voor moderne en hedendaagse kunst, in Brussel en bij uitbreiding België en Europa. Die ambitie vertaalt zich in de schaal: 40.000 vierkante meter, een interdisciplinair programma en een stedelijke verankering.
"Het ontbrak Brussel nooit aan kunstenaars, maar wel aan een hedendaags museum dat hen een plek geeft," verklaarde directeur Yves Goldstein woensdag bij de voorstelling van het openingsprogramma . "KANAL is daar het antwoord op" Het is een uitspraak die het museum hoog inzet – en tegelijk de lat legt waar het zichzelf aan zal moeten meten.
Middenplein
De architectuur vormt niet alleen de achtergrond voor moderne kunst maar wordt een onderdeel van het museaal project. Binnenin de structuur van de voormalige garage worden 3 torens ondergebracht: het museum Kanal met 5 verdiepingen en een ondergrondse galerie, het vernieuwde CIVA dat voortaan als Kanal Architecture verdergaat en een auditorium. Kanal Architecture installeert er naast de exporuimtes ook archieven, een consultatiecentrum, een stille bib, een studieruimte en een boekenwinkel.
Bijna de helft daarvan wordt ongeprogrammeerde publieke ruimte. Een kruisvormige straat van 18 meter snijdt het gebouw en verbindt de 4 ingangen, in iedere gevel, met elkaar. Die open ruimte moet dienst doen als ontmoetingsplek en als laagdrempelige toegang tot de artistieke programmatie in en rond de zalen. Het is een ambitieus idee, dat inzet op aanwezigheid zonder verplichting tot consumptie, al blijft de vraag hoe ongeprogrammeerd zo’n ruimte kan blijven binnen een instelling van deze schaal.
De voormalige showroom van de Citroën-fabriek, een 24 meter hoge structuur van glas en staal, is georiënteerd naar het stadscentrum en moet fungeren als het publieke gezicht van Kanal. Grote delen van de gevel kunnen open om de binnenkant van de expo- en eventhal te verbinden met het heringerichte Saincteletteplein. Bovenin bevinden zich een restaurant en een vrij toegankelijk dakterras met panoramisch uitzicht over Brussel.
Daarnaast voorziet KANAL ook een bakkerij, een speelterrein van 700 vierkante meter en een drukkerij.
10 tentoonstellingen, evenveel disciplines
Het openingsprogramma oogt verfrissend en zet met een breed scala aan werken de toon voor het interdisciplinair museum. Beeldende kunst, film, video- en geluidsinstallaties en performance lopen door elkaar. Belgische en Brusselse kunstenaars krijgen een prominente plaats naast internationale namen, terwijl thema’s als migratie, koloniale geschiedenis en de rol van het museum zelf als rode draad doorheen het programma lopen.
Sinds 2018 bouwt de Stichting Kanal aan een eigen collectie, die vanaf deze herfst voor het eerst uitgebreid gepresenteerd wordt in Brussel. De groeiende collectie omvat vandaag al historische figuren uit de Brusselse kunstscene, zoals Jacqueline Mesmaeker of Walter Swennen, maar ook internationaal gevestigde kunstenaars zoals Francis Alÿs, Sammy Baloji, Ann Veronica Janssens, Otobong Nkanga, en prominente kunstenaars van de jongere generatie, waaronder Kasper Bosmans en Luna Mahoux.
De eerste collectiepresentatie, A truly immense journey, brengt zo’n 350 werken samen, voornamelijk uit de eigen collectie en uit die van de Parijse partner Centre Pompidou, maar ook uit andere Belgische openbare en privécollecties. Werk van moderne meesters als Lygia Clark, Henri Matisse, Piet Mondriaan, Pablo Picasso en Alberto Giacometti staat er naast hedendaagse internationale en Brusselse of Belgische kunstenaars als Sammy Baloji, Edith Dekyndt en Luc Tuymans.
In de groepstentoonstelling An Infinite Woman zoomt Kanal in op het koloniaal verleden. De expo combineert historisch onderzoek met beeldende kunst om te analyseren hoe het beeld van de Mangbetu-vrouwen tot een koloniaal symbool uitgroeide én hoe kunstenaars van Afrikaanse afkomst dat beeld tot vandaag omkeren en het zich opnieuw toe-eigenen.
De Belgisch-Nigeriaanse Otobong Nkanga, een van de toonaangevende beeldend kunstenaars van vandaag, realiseert een participatieve installatie in de open ruimtes van het museum. Met houten weefgetouwen op het middenplein nodigt de bezoekers uit hun persoonlijke verhalen letterlijk te verweven in het kunstwerk. Zo worden niet alleen individuele narratieven zichtbaar, maar ook de vaak onzichtbare arbeid en economische structuren die kunstinstellingen – en samenlevingen – dragen.
Op het snijvlak van performance en film bevindt zich het werk van Joshua Serafin. Hun solopresentatie toont de zoektocht naar roots en de impact van migratie, met choreografie en queerness als kloppend hart.
Licht en geluid
De Brusselse beeldend kunstenaar Joëlle Tuerlinckx krijgt een solotentoonstelling waarvoor ze de ondergrondse galerie induikt. In La première fois toont ze 2 lichtsystemen waarvoor ze zich liet inspireren door de werf van de exporuimte zelf, ze blikt met humor terug en vooruit. Thema’s als sfeer, tijd en ruimte vormen een rode draad in haar werk.
De in Brussel wonende Manon De Boer presenteert een geluidsinstallatie, waarin dialogen weerklinken uit vazen verspreid in de ruimte, aangevuld met films die peilen naar de ervaring van tijd en waarneming.
En in Département des Pièges, een knipoog naar surrealist Marcel Broodthaers, brengt Kanal objecten samen van 11 uiteenlopende Brusselse musea, van het Design Museum, het AfricaMuseum tot La Fonderie - Brussels Museum voor Industrie en Arbeid en het Geneeskundemuseum.
Het museum bevraagt in NO SHOW zijn eigen rol. Deborah Bowmann en Maoupa Mazzocchetti zoeken in een licht-, geluid- en kunstperformance samen met twintig andere kunstenaars naar de rol van musea. Kan een museum entertainen en hoe houdt het staande wanneer spektakel belangrijker is dan aandacht?
In de vrij toegankelijke showroomruimte presenteert Kanal werk van Banu Cennetoğlu. Goudkleurige letterballonnen vormen boeketten en spellen elk een artikel van de Verklaring van de Rechten van de Mens.
In de architectuurtentoonstelling Right to the city – Right to the future richt Kanal Architecture de blik expliciet op Brussel zelf. Architecten, landschapsarchitecten en stedenbouwkundigen gaan in dialoog met activistische en burgerverenigingen. De tentoonstelling wil een kritisch eerbetoon zijn aan Brussel als stedelijk laboratorium en het beladen begrip ‘Verbrusselen’ herdenken.
50.000 kinderen
Kanal positioneert zichzelf als verlengstuk van de stad, met ruimte voor intercreatie en participatie. Die ambitie vertaalt zich onder meer in een uitgebreide publiekswerking en educatieve trajecten. Het museum wil een langetermijnpartner worden voor scholen in Brussel, Vlaanderen en Wallonië en hoopt jaarlijks 50.000 kinderen en jongeren te bereiken. Er zijn al educatieve samenwerkingen lopende met onder meer de Brusselse instellingen ULB, VUB, ArBA-EsA en La Cambre.
Of de brede inzet leidt tot een duurzame betrokkenheid, zal blijken na de opening. Met het ambitieus museumproject en het openingsprogramma wordt het alleszins uitkijken naar 28 november.
Dit artikel is gemaakt door de redactie van BRUZZ. Meer artikels over Brussel vind je op www.bruzz.be.
Regionaal nieuws uit Brussel en Vlaams-Brabant


