Nederland moet meer doen om de inwoners van Bonaire te beschermen tegen klimaatverandering. Dat heeft een rechtbank in Den Haag beslist. De staat krijgt daarnaast anderhalf jaar de tijd om "heldere, bindende doelen" op te stellen om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, in lijn met het Klimaatakkoord van Parijs.
Nederland moet Bonaire beter beschermen tegen klimaatverstoring, oordeelt rechtbank in Den Haag
Greenpeace eiste in een rechtszaak tegen de Nederlandse overheid dat bewoners van Bonaire beter beschermd moeten worden tegen de gevolgen van klimaatverandering. De milieuorganisatie eiste ook dat Nederland sneller klimaatneutraal wordt, liefst in 2030 maar uiterlijk in 2040. Die eis wijst de rechtbank af.
De rechtbank wees erop dat al decennia bekend is dat Bonaire door zijn ligging in het Caribisch gebied extra kwetsbaar is voor de gevolgen van klimaatverandering. Daar heeft de Nederlandse overheid te weinig tegen gedaan, al erkennen de rechters dat de overheid sinds 2023 een "inhaalslag" maakt.
Maatregelen voor Bonaire zijn volgens de rechters echter lang achtergebleven bij die voor Europees Nederland. Daarmee heeft de overheid het discriminatieverbod geschonden, is het oordeel. De rechters zien "geen goede reden waarom voor inwoners van Bonaire pas later en minder systematisch maatregelen zijn getroffen".
De Nederlandse overheid moet nu een zogeheten adaptatieplan opstellen, waarin Bonaire de aandacht krijgt die nodig is. Het plan moet uiterlijk in 2030 worden ingevoerd.
Tijdens de behandeling van de zaak had de advocaat van de Nederlandse staat de afgesproken klimaatdoelen als een streven uitgelegd. De rechter oordeelt nu dat duidelijk moet worden vastgelegd dat de doelen bindend zijn. De regering moet ook het resterende "budget" voor de uitstoot van broeikasgassen vaststellen.
Bonaire, dat tot Caribisch Nederland behoort, is een zogenoemde bijzondere gemeente die deel uitmaakt van Nederland.

