Iets meer dan 70.000 mensen bezochten vorig jaar de Dodengang in Diksmuide en de Commandobunker in Kemmel, dat is 12 procent meer dan in 2024. Ook andere oorlogssites zoals het Legermuseum in het Brusselse Jubelpark en de Bastogne Barracks in de Ardennen konden een record aantal bezoekers optekenen. "We merken dat de herinnering aan de 'Groote Oorlog' onveranderd leeft, ook al liggen de herdenkingsjaren ondertussen achter ons", klinkt het bij het War Heritage Institute, dat de sites beheert.
Recordjaar voor oorlogserfgoed: Dodengang in Diksmuide en Commandobunker Kemmel lokken opvallend meer bezoekers
De oorlogssites van het War Heritage Institute (WHI) hebben in 2025 samen een recordaantal van 328.122 bezoekers ontvangen. Vooral de Dodengang in Diksmuide en de Commandobunker in Kemmel toonden sterke groeicijfers.
De Dodengang, het laatste bewaarde Belgische loopgravenstelsel uit de Eerste Wereldoorlog, ontving vorig jaar 53.589 bezoekers. Dat is een stijging van 8,59 procent tegenover 2024. Maar wel nog steeds minder dan tijdens de topjaren rond 100 jaar Eerste Wereldoorlog (2013-2019).
Dat hoge bezoekersaantal vorig jaar is vooral te verklaren door gerichte communicatie en publieksmomenten zoals Erfgoeddag en 'Het Laatste Appèl' op 10 november. "Die evenementen zorgen voor een bijzondere betrokkenheid bij een breed publiek", zegt het WHI.
Ook de Commandobunker in Kemmel kende een opvallend topjaar. Met 17.856 bezoekers was 2025 een absoluut recordjaar, bijna 3.000 bezoekers meer dan in 2024. De bunker uit het begin van de jaren 1950, die een sleutelrol speelde tijdens de Koude Oorlog, wint duidelijk aan bekendheid. "De huidige geopolitieke context plaatst de Koude Oorlog opnieuw in het voetlicht, en dat vertaalt zich in meer interesse voor deze site", zegt het WHI.
"We merken dat de herinnering aan de Eerste Wereldoorlog onveranderd leeft, ook al liggen de herdenkingsjaren ondertussen achter ons", klinkt het bij het WHI. "De recordcijfers tonen het belang aan van blijvende educatie en reflectie over conflicten, zeker in een wereld die opnieuw onder spanning staat."
Het Legermuseum in het Brusselse Jubelpark kon dan weer zijn beste jaar sinds 2018 optekenen met 114.894 bezoekers in 2025, dat zijn er 11.051 meer dan in 2024.
Minder bezoekers voor Fort van Breendonk
Het Fort van Breendonk in Willebroek telde dan weer minder bezoekers dan in 2024. "Waar we in 2024 nog 113.182 bezoekers mochten ontvangen, kwamen we vorig jaar uit op 109.029 verkochte tickets", klinkt het. "Het Fort van Breendonk blijft een belangrijke en unieke getuige van een zwarte bladzijde in de Belgische geschiedenis. Niet enkel als herinnering aan het leed en de gruweldaden die er plaatsvonden, maar ook als blijvende waarschuwing."
Dat het Fort minder bezoekers telde heeft vooral te maken met de sluiting van het Fort voor het publiek in de maand juli van 2025. "Deze sluiting paste in het kader van de opnames van de nieuwe VRT-reeks 'Breendonk', die naar verwachting einde 2026 zal te zien zijn op televisie", zegt het WHI. "We verwachten dat de serie een bijzonder positief effect zal hebben op de publieksinteresse voor het Fort."
Verder investeren in West-Vlaamse oorlogssites
De komende jaren wil het WHI verder investeren in de 2 oorlogssites in West-Vlaanderen, zowel op vlak van onthaal en beleving als op vlak van verdere communicatie. Hoewel de Commandobunker het minste aantal bezoekers telde, heeft de site volgens het WHI veel potentieel.
"Dit is nog maar het begin. Met een nieuw onthaalpaviljoen en een sterkere communicatie willen we de bunker de plaats geven die hij verdient", klinkt het.
Regionaal nieuws uit West-Vlaanderen

