Een vrachtvliegtuig heeft deze voormiddag opvallend lang rondjes gevlogen boven de regio rond Liège Airport. Het toestel volgde een noodprocedure om overtollige brandstof te dumpen, bevestigt de luchthaven van Luik. Zo kon het vliegtuig voldoende gewicht verliezen om veilig te landen. Die landing verliep zonder problemen.
Boeing 747 dumpt brandstof boven Luikse gemeenten na probleem met landingsgestel
Het vliegtuig was kort vóór 10.30 uur opgestegen van de luchthaven van Luik met bestemming New York. Eenmaal in de lucht stelde de piloot een probleem vast met het landingsgestel, aldus de woordvoerder van Liège Airport.
Het toestel, een Boeing 747-440 van de Belgisch-Israëlische luchtvaartmaatschappij Challenge Airlines, begon daarop kerosine te 'lozen' boven verschillende Luikse gemeenten.
Gewicht verminderen
"Dit is een procedure die ‘brandstoflozing’ wordt genoemd en die vooral in noodsituaties wordt toegepast wanneer een onmiddellijke landing nodig is en het toestel lichter moet zijn dan het normale gewicht", zegt Christian Delcourt, woordvoerder van de luchthaven.
"Die operatie gebeurt via sproeiers in de vleugels. Ze heeft tot doel de massa van het vliegtuig te verminderen. De brandstof verdampt grotendeels in de lucht."
Het vrachtvliegtuig vloog rondjes boven Grâce-Hollogne, Awans, Crisnée, Remicourt, Donceel, Fexhe-le-Haut-Clocher, Verlaine en St-Georges-sur-Meuse. Rond 11.45 uur kon het veilig landen.
Moest sneller landen dan gepland
Luchtverkeersleider Skeyes legt uit dat een piloot kan overgaan tot een procedure om brandstof te lozen, als het toestel door een motordefect niet naar behoren presteert.
Maar het kan dus ook om het vliegtuig lichter te maken dan het maximaal toegestane landingsgewicht als het sneller dan gepland moet landen. Dat is wat er zondagvoormiddag gebeurd is. Volgens Skeyes gebeurt dat zeer zelden en enkel als de veiligheid in het gedrang is.
Indien mogelijk moeten steden, dorpen of agglomeraties wel vermeden worden
Skeyes
Wettelijk gezien moet brandstof in principe geloosd worden boven de Noordzee, op ruim 3 kilometer hoogte. Als dat om veiligheidsredenen niet mogelijk is, kan die procedure, die de verantwoordelijkheid is van de piloot, ook op een andere plek gebeuren.
"Indien mogelijk moeten steden, dorpen of agglomeraties wel vermeden worden", klinkt het. Luchtvaartmaatschappijen moeten zo'n incident ook melden aan de autoriteiten.
Tot slot speelt ook de luchtverkeersleider zijn rol in de procedure. Zo moet die voldoende afstand van andere toestellen garanderen.


