De Europese Commissie is een onderzoek begonnen naar Google. Ze willen uitzoeken of het bedrijf zijn sterke positie op het internet onder meer misbruikt door artikels, video’s en andere online content van anderen te gebruiken om zijn AI-systemen te trainen en dat zonder daarvoor te betalen.
Europa onderzoekt Google: traint het AI met andermans werk zonder daarvoor te betalen?
Wanneer je nu iets zoekt op Google, zie je vaak bovenaan een overzicht dat door artificiële intelligentie is gemaakt, het AI overview. Dat overzicht haalt informatie van andere websites, zoals nieuwsartikels, blogs, educatieve sites, forums of zelfs recepten- en hobbywebsites.
Het gevolg: veel mensen klikken niet meer door naar die websites om het bijvoorbeeld hele nieuwsartikel te lezen. Dat betekent ook dat die sites minder bezoekers krijgen en dus bijvoorbeeld minder verdienen aan advertenties of lagere leescijfers halen. De Commissie wil weten hoeveel van dit soort AI-toepassingen gebaseerd zijn op inhoud van andere websites zonder dat daar een vergoeding tegenover staat.
Eerlijke prijs?
Ook YouTube, nog altijd het grootste videoplatform ter wereld, staat op de radar: Google zou video’s van makers gebruiken om zijn AI te trainen, terwijl andere bedrijven die video’s niet mogen gebruiken. Daardoor kan Google volgens de Commissie een oneerlijk voordeel hebben ten opzichte van concurrenten. Bovendien zou het de makers van die video’s niet betalen om hun beelden te gebruiken
Volgens Teresa Ribera, een Spaanse politica die vicevoorzitter is van de Europese Commissie en zich bezighoudt met economische zaken en innovatie. , mogen allerlei AI-toepassingen ontwikkeld worden, maar niet ten koste van een aantal basisregels in Europa. “We onderzoeken of Google mogelijk oneerlijke voorwaarden heeft opgelegd aan uitgevers en contentmakers en tegelijk concurrenten van AI op achterstand heeft gezet. Dat zou tegen de Europese mededingingsregels zijn.” Mededingingsregels zijn Europese wetten die ervoor zorgen dat bedrijven eerlijk concurreren en niet misbruik maken van hun machtige positie. Als Google de regels heeft overtreden, kan het een flinke boete krijgen.
Google reageerde al: “Deze klacht kan innovatie afremmen in een markt die juist steeds competitiever wordt. Europeanen verdienen het om te profiteren van de nieuwste technologieën. Wij blijven samenwerken met nieuws- en creatieve sectoren terwijl we de overgang naar het AI-tijdperk maken.”
Hevige AI-race in de achtergrond
Er woedt een hevige race tussen techbedrijven om de beste AI‑tools op de markt te brengen. Google staat momenteel aan kop met zijn AI‑model Gemini, dat niet alleen tekst, maar ook beelden, video’s en audio kan begrijpen en gebruiken.
AI‑modellen worden gevoed met data: hoe beter en groter die data is, hoe 'slimmer' en betrouwbaarder de AI kan worden. Met alle toepassingen van Google heeft het bedrijf toegang tot enorm veel data, wat betekent dat het in theorie al een voorsprong heeft op de concurrenten als OpenAI. Dat is een Amerikaans bedrijf dat AI-technologie ontwikkelt, vooral bekend van ChatGPT, een programma waarmee je kunt chatten.
Maar OpenAI geeft niet op: omdat Gemini volgens velen de lat hoog legt, werkt OpenAI aan de volgende generatie taalmodellen achter hun populaire chatbot om bij te blijven of zelfs opnieuw de leiding te nemen. Taalmodellen zijn AI-programma's die getraind zijn om menselijke taal te begrijpen en te gebruiken, zoals het schrijven van teksten of beantwoorden van vragen. Het nieuwe model achter ChatGPT zou er volgende week al aankomen. De markt verandert razendsnel. Google ligt nu misschien voor, maar het is allesbehalve zeker dat dat zo blijft.

