Naar hoofdinhoud

Vogelgriep rukt op in Limburg: 2e pluimveebedrijf in Pelt preventief ontruimd, Natuurhulpcentrum "10 keer per dag" op pad

Artikel luisteren
3min
Meer info

De snelle verspreiding van de vogelgriep in Limburg legt steeds meer druk op zowel pluimveebedrijven als dierenopvang. In Pelt is vandaag een 2e pluimveebedrijf preventief geruimd. Intussen moeten de medewerkers van het Natuurhulpcentrum in Oudsbergen tot 10 keer per dag uitrukken voor zieke vogels.

Mariken Veldhuis
Gepubliceerd:

De vogelgriep maakt in Limburg een opvallende opmars. Ondertussen zijn in Pelt, Kinrooi en Dilsen-Stokkem 3 pluimveebedrijven getroffen. In Pelt is vandaag een 2e bedrijf preventief geruimd, nadat gisteren bij een buurbedrijf vogelgriep was vastgesteld. Er werden 120.000 kippen verplaatst.

Noodfonds voor getroffen bedrijven

Pluimveebedrijven die getroffen worden door de vogelgriep of die preventief moeten worden geruimd, kunnen rekenen op een vergoeding van het Sanitair Fonds. Dat noodfonds fungeert als een soort financiële schokdemper, legt Wouter Wijtinck van de Boerenbond uit.

"Het wordt beheerd door de overheid, maar de middelen komen van de sector zelf. Pluimveehouders betalen elk jaar een bijdrage.  Enkele jaren geleden hebben we die bijdragen verhoogd, omdat we toen al zagen dat de dreiging van de vogelgriep groter werd."

10 ritten per dag is ongeveer het maximum dat we aankunnen

Sil Janssen, Natuurhulpcentrum Oudsbergen

Het fonds vergoedt vooral de waarde van de geruimde dieren. Die wordt berekend op basis van leeftijd en type. Maar zo'n vergoeding dekt lang niet alles, zegt Wijtinck. "Voor een landbouwer stopt het niet bij de dieren alleen. Denk aan stilstandskosten, schoonmaak, heropstart... De economische schade loopt snel op."

Natuurhulpcentrum ziet werkdruk toenemen: "Zitten aan onze limiet"

Ook bij het Natuurhulpcentrum stapelt het werk zich op. De verspreiding van het virus wordt in bijna elke uithoek van de provincie opgemerkt. De medewerkers rukken zo'n 10 keer per dag uit om zieke vogels op te halen.

"Bocholt, Maasmechelen, Bilzen-Hoeselt, Hasselt, Hechtel-Eksel... We komen overal", vertelt Sil Janssen van het Centrum. "We proberen elk oproep te beantwoorden, maar 10 ritten per dag is ongeveer het maximum dat we aankunnen."

Raap zelf geen dode dieren op

Het kost het Natuurhulpcentrum heel wat tijd en energie om die interventies te organiseren. "Medewerkers moeten in beschermingspakken werken en nadien het voertuig grondig ontsmetten. Omdat het risico op besmetting toeneemt, vragen ze wandelaars om dode of zieke vogels niet meer zelf binnen te brengen. Dat doen we nu enkel met opgeleide medewerkers die de juiste veiligheidsprocedures kennen", legt Janssen uit.

Voor mensen blijft het risico op besmetting bijzonder klein, benadrukt Janssen. "Maar wie gaat wandelen, blijft best voorzichtig: houd honden aan de lijn, laat ze niet aan karkassen snuffelen en raap geen dode dieren op. Ook kadavers van andere zoogdieren kunnen mogelijk besmet zijn."

LUISTER

Regionaal nieuws uit Limburg

Radio 2
Gepubliceerd:
3min

Meest gelezen

  • 1
  • 2
  • 3
  • 4
  • 5

Lees ook

  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"
  • general.player.loading"